De bescherming van de academische vrijheid in Nederland schiet tekort. Om die vrijheid minder kwetsbaar te maken voor politieke en maatschappelijke druk, moet zij expliciet worden vastgelegd in de Grondwet. Ook de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW) moet duidelijker bepalen wat academische vrijheid inhoudt en wie verantwoordelijk is voor de bescherming ervan. Dat adviseert de KNAW in het rapport Vrijheid verankerd. Naar een versterkte juridische borging van academische vrijheid.

Toenemende druk op wetenschap
De aanleiding voor het advies is de verslechterende positie van de academische vrijheid in verschillende landen. In de Verenigde Staten grijpt de overheid steeds nadrukkelijker in de wetenschappelijke wereld in. Ook in Nederland zijn er volgens de KNAW redenen tot zorg. Het land is de afgelopen jaren gedaald op Europese ranglijsten die de mate van academische vrijheid meten. De oorzaken zijn uiteenlopend. De wijze waarop wetenschappelijk onderzoek wordt gefinancierd kan de ruimte voor onderzoekers beperken, bijvoorbeeld wanneer financiering sterk gekoppeld is aan vooraf bepaalde onderzoeksthema’s. Daarnaast wijst de KNAW op overheidsbemoeienis, de toenemende intimidatie van wetenschappers en polarisatie binnen universiteiten. Een klimaat waarin onderzoekers terughoudend worden om hun inzichten of standpunten naar voren te brengen, kan het vrije wetenschappelijke debat aantasten. Volgens de KNAW raakt dat niet alleen individuele wetenschappers of kennisinstellingen. Onafhankelijk onderzoek en een open academisch debat zijn van maatschappelijk belang, omdat wetenschap bijdraagt aan kennis en inzicht en aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken.

Grondwet, WHW en gedragscode
De KNAW bepleit daarom een combinatie van juridische en institutionele maatregelen. Allereerst moet de regeling van academische vrijheid in de WHW worden verduidelijkt. De wet zou scherper moeten omschrijven wie verantwoordelijk is voor de bescherming ervan, wie zich op academische vrijheid kan beroepen en onder welke omstandigheden beperkingen zijn toegestaan. Daarnaast adviseert de KNAW om academische vrijheid een plaats te geven in de Grondwet. Door het beginsel constitutioneel te verankeren, wordt de bescherming ervan minder afhankelijk van veranderende politieke verhoudingen. Een wettelijke regeling alleen is volgens de KNAW echter niet voldoende. Universiteiten en andere kennisinstellingen moeten academische vrijheid ook binnen hun eigen organisatie actief waarborgen. Daarom stelt de academie voor een landelijke gedragscode voor academische vrijheid op te stellen. Instellingen kunnen die vervolgens nader uitwerken voor hun eigen praktijk.

Bron: KNAW

Laatste nieuws