Onder EU-regelgeving heeft Nederland verplichtingen om bepaalde strategische voorraden aan te houden. Onder een strategische voorraad wordt een extra voorraad of reserve van grondstoffen verstaan die achter de hand wordt gehouden. Deze voorraad is niet beschikbaar voor normaal gebruik en wordt alleen aangewend wanneer de aanvoer wordt onderbroken door een crisis.
Deze EU-regelgeving geldt echter niet voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Caribisch Nederland). Uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer blijkt dat er geen strategische voorraden (drink)water, voedsel, medicijnen of brandstof zijn aangelegd voor de inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Ondanks de kwetsbaarheid van Caribisch Nederland voor natuurdreigingen, zoals orkanen of vulkaanuitbarstingen, en de gespannen situatie in Venezuela op nog geen 70 kilometer afstand van Bonaire, heeft het kabinet geen doelen voor een strategische voorraad opgesteld. In geval van een crisis is bijvoorbeeld de voorraad drinkwater op de eilanden binnen enkele dagen uitgeput.
Omdat de Algemene Rekenkamer heeft vastgesteld dat er geen strategische voorraden zijn aangelegd, is de aanwezigheid van reguliere voorraden van (drink)water, voedsel, medicijnen en brandstof op de eilanden in kaart gebracht. Voor wat betreft medicijnen en brandstof beschikken de eilanden over een relatief grote reguliere voorraad. Zo hebben Saba en Sint Eustatius een reguliere voorraad van medicijnen voor 1 a 2 maanden. Op Bonaire is dit 3 tot 6 weken. Voor wat betreft reguliere voorraden van voedsel en (drink)water is het beeld heel anders. Sint Eustatius heeft een reserve aan drinkwater die voldoet voor 7 dagen en Bonaire voor slechts 3 tot 4 dagen. Op Saba ontstaat al een watertekort als de aanvoer langer dan 1 dag wordt onderbroken.
De eilanden zijn voor de meeste goederen (bijna) geheel afhankelijk van import. Bij een verstoring van de internationale logistiek kunnen er snel tekorten aan basale goederen als drinkwater en brandstof ontstaan.
Voor strategische voorraden in Caribisch Nederland zijn geen doelen opgesteld door de regering. Hierdoor zijn er geen duidelijke afspraken tussen de rijksoverheid, private partijen, vitale sectoren en openbare lichamen over wie waar verantwoordelijk voor is. Daar waar wel formele afspraken zijn over verantwoordelijkheden, zoals bij brandstof, bestaat over de rolverdeling in de praktijk onduidelijkheid. Wanneer een eiland niet beschikt over voldoende strategische voorraden, kan dit grote maatschappelijke gevolgen hebben omdat snel tekorten ontstaan die het dagelijks leven direct kunnen beïnvloeden. Het kabinet moet daarom bepalen welk niveau van strategische voorraden in Caribisch Nederland wenselijk is, dit vastleggen en aangeven wie waarvoor verantwoordelijk is.
Bron: Algemene Rekenkamer
Laatste nieuws
Jaarbericht 2025 Nederlandse Procesvertegenwoordiging Hof van Justitie EU
15 juli 2026
Met dit jaarbericht wordt inzicht gegeven in de werkzaamheden van de Nederlandse procesvertegenwoordiging, de inbreng van de Nederlandse regering in zaken waarin in 2025 uitspraak is gedaan.
AP helpt ontwikkelaars en organisaties met nieuwe AVG-richtlijnen voor generatieve AI
14 juli 2026
Met de handreiking en het hulpmiddel wil de AP organisaties ondersteunen om de kansen van generatieve AI te benutten, zonder daarbij de bescherming van persoonsgegevens en andere grondrechten uit het oog te verliezen.
Advies RvS over initiatiefwetsvoorstel om de Spreidingswet in te trekken
13 juli 2026
De Afdeling advisering heeft ernstige bezwaren tegen het wetsvoorstel. Het advies is dan ook om het wetsvoorstel niet in behandeling te nemen.
Onderzoek naar hoogrisico-gedetineerden: eerst evalueren, dan pas pionieren
9 juli 2026
Nederland heeft de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in maatregelen om te voorkomen dat bepaalde gedetineerden hun criminele activiteiten vanuit de gevangenis voortzetten of na hun vrijlating opnieuw een gevaar vormen voor de samenleving. Toch is nog onvoldoende duidelijk of deze aanpak daadwerkelijk het gewenste effect heeft
Wetsvoorstel weerbare defensie-industrie naar de Raad van State
9 juli 2026
Het kabinet heeft het voorstel voor de Wet Weerbare Defensie-industrie aangenomen. Deze wet versterkt de rol van bedrijven als onmisbare partners van Defensie. Het wetsvoorstel gaat nu naar de Raad van State.
Rechtspraak pleit voor meer rechtsbescherming bij uithuisplaatsing kinderen
8 juli 2026
De Raad voor de rechtspraak vindt dat ouders van kinderen die uit huis zijn geplaatst op meer momenten aanspraak moeten kunnen maken op kosteloze juridische ondersteuning
Minister trekt terecht asiel in na gekochte en verzonnen asielverhalen
8 juli 2026
De minister van Asiel en Migratie mag een asielvergunning intrekken als hij erachter komt dat een asielzoeker zijn asielmotief heeft verzonnen en heeft gebaseerd op valse verklaringen. Maar de minister moet daarna wel altijd een deugdelijke herbeoordeling maken of de asielzoeker alsnog in aanmerking komt voor asiel. Dat oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in twee uitspraken in het zogenoemde ‘Ambroseproject’.
Advies AG aan Hoge Raad: zaak 'Zes van Breda' moet over
7 juli 2026
De herzieningsaanvragen in de zaken van de drie mannelijke gewezen verdachten in de zaak van de zogenoemde ‘Zes van Breda’ moeten worden toegewezen omdat uit nieuwe onderzoeken nieuwe gegevens, zogenoemde nova, bekend zijn geworden die een ander licht op de zaak werpen.
Verkeersboetes in 2024 en 2025 onterecht verhoogd
6 juli 2026
Een kantonrechter van de rechtbank Midden-Nederland heeft dat de verhogingen van verkeersboetes op basis van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in 2024 en 2025 onvoldoende zijn onderbouwd en daarom niet in stand kunnen blijven.
Overgrote deel van asielmigranten nog nooit verdacht van een misdrijf
2 juli 2026
De cijfers tonen aan dat de misdrijven die worden gepleegd in Nederland, niet bovenmatig veel door asielmigranten worden gepleegd. Van alle verdachtenregistraties in Nederland in 2024 kwam 2,5% voor de rekening van COA-bewoners. De aandelen geweldsmisdrijven en vernieling onder verdachten zijn vergelijkbaar met die van de algemene Nederlandse bevolking