Wetsvoorstel (09-07-2026) met Regels ter implementatie van richtlijn (EU) 2024/1799 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 betreffende gemeenschappelijke regels ter bevordering van de reparatie van goederen en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/2394 en de Richtlijnen (EU) 2019/771 en (EU) 2020/1828 (Implementatiewet richtlijn bevordering van reparatie)

—De te implementeren Richtlijn bevat regels die het voor consumenten gemakkelijker maken om voor reparatie te kiezen en een reparateur te vinden. De richtlijn dient uiterlijk op 31 juli 2026 te zijn omgezet in nationale wetgeving. De bepalingen moeten vanaf dan worden toegepast. Het wetsvoorstel voorziet in de vaststelling van een nieuwe wet, waarin ook wijzigingen plaatsvinden van Boek 7 van het BW en de Wet handhaving consumentenbescherming (Whc). In de richtlijn zijn de volgende maatregelen opgenomen om reparatie te bevorderen: een reparatieverplichting voor fabrikanten en verdere eisen om die verplichting te bewerkstelligen, een Europees reparatie-informatieformulier, een online platform ter bevordering van reparatie en de verplichting voor lidstaten om ten minste één maatregel te nemen ter bevordering van reparatie. Om het voor consumenten gemakkelijker te maken kapotte producten te laten repareren, verplicht de richtlijn in bepaalde gevallen fabrikanten om producten te repareren en onder meer voor een redelijke prijs reserveonderdelen ter beschikking te stellen. De richtlijn zorgt er dus voor dat consumenten hun producten voortaan buiten de wettelijke garantie makkelijker kunnen (laten) repareren. Artikel 3 wetsvoorstel implementeert dat onderdeel. De verplichting voor bepaalde fabrikanten om te moeten repareren, geldt slechts voor de producten waarvoor repareerbaarheidsvereisten gelden, opgenomen in bijlage II van de richtlijn.

De richtlijn schrijft voor dat fabrikanten, die verplicht zijn tot reparatie, op een gemakkelijk toegankelijke en begrijpelijke wijze informatie over hun reparatiediensten beschikbaar moeten stellen. Dat artikel wordt geïmplementeerd in artikel 4 wetsvoorstel. Fabrikanten mogen de verplichting tot reparatie niet verhinderen door het gebruik van contractuele bepalingen, zoals algemene voorwaarden, of hardware- of softwaretechnieken, tenzij daar een rechtvaardiging voor is. Dit kan bijvoorbeeld de bescherming van intellectuele eigendomsrechten zijn. Uit de richtlijn volgt verder dat de verplichting tot reparatie en de informatieverplichtingen ook van kracht zijn in het geval de fabrikant buiten de Europese Unie is gevestigd. De richtlijn wijzigt de Richtlijn verkoop goederen om het herstel (reparatie) van door consumenten gekochte zaken bij nonconformiteit te bevorderen. Deze wijzigingen worden geïmplementeerd in titel 7.1 BW waarin de Richtlijn verkoop goederen al is geïmplementeerd. Anders dan de andere bepalingen uit dit wetsvoorstel zien de wijzigingen van titel 7.1 BW enkel op de situatie waarin de verkoper aansprakelijk is voor een conformiteitsgebrek.

In de richtlijn worden verder twee specifieke verplichtingen aan de lidstaten opgelegd om reparatie verder aan te moedigen: het opzetten van een online platform en het nemen van een maatregel ter bevordering van reparatie. De Commissie zorgt ervoor dat er een Europees onlineplatform wordt opgezet, dat zal bestaan uit nationale secties. Nederland heeft een eigen platform in oprichting dat aan het Europese platform zal worden gekoppeld. De tweede verplichting is het nemen van ten minste één maatregel ter bevordering van reparatie. Voor Nederland zal nog nader worden vastgesteld welke maatregel dit gaat worden.

Kamerstukken