Wetsvoorstel (21-05-2026) tot goedkeuring van het op 9 september 1998 te Farnborough tot stand gekomen Verdrag tussen de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de regering van de Franse Republiek, de regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de regering van de Italiaanse Republiek tot oprichting van een Gezamenlijke Organisatie voor Samenwerking op Defensie-materieelgebied (Organisation Conjointe de Coopération en matière d’Armement) OCCAR (Trb. 1999, 174 en Trb. 2024, 109) en het op 24 september 2024 te Parijs tot stand gekomen OCCAR-Beveiligingsverdrag tussen de regering van de Franse Republiek, de regering van de Bondsrepubliek Duitsland, de regering van het Koninkrijk België, de regering van de Italiaanse Republiek en de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, zoals gewijzigd door het op 13 november 2025 te Parijs tot stand gekomen Verdrag tussen de regering van de Franse Republiek, de regering van de Bondsrepubliek Duitsland, de regering van het Koninkrijk België, de regering van de Italiaanse Republiek, de regering van het Koninkrijk Spanje en de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland tot wijziging van het OCCAR-Beveiligingsverdrag (Trb. 2024, 31 en Trb. 2025, 95)

—De Organisation Conjointe de Coopération en matière d’Armement (OCCAR) is een organisatie van momenteel zes Europese landen: België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. OCCAR, dat los staat van de NAVO en de EU, voert gemeenschappelijke projecten uit voor de ontwikkeling en productie van defensiematerieel. In 2001 heeft de regering de procedure voor toetreding tot OCCAR in gang gezet, maar een jaar later is besloten om deze procedure op te schorten. Wel voert OCCAR sindsdien enkele projecten uit waarbij Nederland als samenwerkingspartner is betrokken, zoals het project voor de Boxer-pantservoertuigen. Sinds 2002 zijn de internationale omstandigheden grondig gewijzigd. De Russische agressieoorlog in Oekraïne en de grote geostrategische verschuivingen maken het noodzakelijk dat Europa meer verantwoordelijkheid neemt voor de eigen veiligheid. OCCAR kan daaraan een bijdrage leveren. Nederland heeft daarom de toetreding hervat om alsnog volwaardig lid te worden. Naast het Europese aspect is het lidmaatschap een nuttige aanvulling op het instrumentarium van Defensie voor de aanschaf van materieel, versterkt het de Nederlandse invloed op de projecten van OCCAR en vergroot het de kansen op inschakeling van de Nederlandse defensie-industrie bij internationale projecten, ook als Nederland daar zelf niet aan meedoet. Om lid te kunnen worden van OCCAR dient het Koninkrijk toe te treden tot twee verdragen: het op 9 september 1998 te Farnborough tot stand gekomen Verdrag tussen de regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, de regering van de Franse Republiek, de regering van de Bondsrepubliek Duitsland en de regering van de Italiaanse Republiek tot oprichting van een Gezamenlijke Organisatie voor Samenwerking op Defensie-materieelgebied en het op 24 september 2004 te Parijs tot stand gekomen OCCAR-Beveiligingsverdrag, zoals gewijzigd door het Verdrag van 13 november 2025, waarin afspraken zijn gemaakt over de uitwisseling en wederzijdse beveiliging van informatie. Dit voorstel van wet strekt tot goedkeuring van deze verdragen. Het inmiddels verouderde wetsvoorstel uit 2001 (Kamerstukken 27653) wordt gelijktijdig met de indiening van dit wetsvoorstel tot goedkeuring van deze verdragen ingetrokken.

Kamerstukken