Nederlandse huishoudens worden gekenmerkt door zogenaamde ‘lange balansen’: zij bezitten omvangrijke, maar illiquide pensioenvermogens aan de activazijde, en hoge hypotheekschulden aan de passivazijde. Deze financiële structuur is het gevolg van een institutionele mismatch. Enerzijds stimuleert het belastingstelsel via de hypotheekrenteaftrek het aangaan van maximale hypothecaire leningen. Anderzijds kent het pensioenstelsel een quasi-verplichte deelname aan (voornamelijk kapitaalgedekte) tweede-pijlerregelingen, waarbij het opgebouwde vermogen tot aan pensionering ‘vast’ zit. Het resultaat is dat huishoudens op papier zeer vermogend zijn, maar in de praktijk over beperkte liquide middelen beschikken, wat hen kwetsbaar maakt voor economische schokken. In dit proefschrift van Jessica van den Heuvel-Warren staat de vraag centraal of we deze lange balansen structureel kunnen verkorten door pensioensparen en eigenwoningbezit te combineren, zonder de pensioenadequaatheid of de stabiliteit van de woningmarkt aan te tasten. Op basis van een rechtsvergelijkende analyse met Duitsland (Bausparen), het Verenigd Koninkrijk (Lifetime ISA) en Zwitserland, concludeert het onderzoek dat het Zwitserse model de meest relevante inzichten biedt voor Nederland. In tegenstelling tot parallelle spaarsystemen, staat Zwitserland gereguleerde vervroegde opname van pensioenvermogen toe direct vanuit het formele pensioenstelsel.
Voortbouwend op deze inzichten wordt in dit proefschrift een juridisch en fiscaal model ontwikkeld voor een Nederlandse faciliteit voor vervroegde opname. Dit model maakt voorwaardelijke toegang tot tweede- en derde-pijlerpensioenvermogen mogelijk voor de verwerving, verbetering of verduurzaming van de eigen woning. Om de langetermijnzekerheid van het pensioen te borgen, is de toegang gereguleerd via strikte voorwaarden: er gelden leeftijdsafhankelijke maxima voor opnames en er bestaat een terugbetalingsverplichting bij verkoop van de woning (tenzij herinvestering in een nieuwe eigen woning plaatsvindt).
Fiscaaltechnisch sluit het voorstel aan bij het bestaande systeem. De belastingheffing blijft uitgesteld (EET-regime) zolang het vermogen in de woning ‘vastzit’ of wordt terugbetaald aan het pensioenfonds. Heffing vindt pas plaats wanneer middelen definitief aan de pensioen- of woonsfeer worden onttrokken. De implementatie sluit logisch aan bij de overgang naar individuele pensioenpotjes onder de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Het vereist echter wel specifieke wetswijzigingen, met name een uitzondering op artikel 19b van de Wet op de loonbelasting 1964. Dit is nodig om te voorkomen dat een opname voor de eigen woning als afkoop wordt aangemerkt, wat zou leiden tot directe inkomstenbelasting en heffing van 20% revisierente. Het onderzoek toont aan dat een dergelijke integratie juridisch en operationeel haalbaar is. Het biedt een oplossing voor de hardnekkige disbalans in de Nederlandse huishoudfinanciën door hypotheekschulden direct te kunnen verlagen en liquiditeit te vergroten op cruciale momenten in de levensloop, met behoud van de langetermijndoelstellingen van het pensioenstelsel.
Van den Heuvel-Warren verdedigt haar proefschrift op 1 april 2026 aan de Universiteit Tilburg. Promotores: prof. dr. Peter Essers en prof. mr. dr. Bastiaan Starink. Copromotor: dr. Ed Westerhout.
Jessica van den Heuvel-Warren
Combining retirement savings and real estate ownership in the Netherlands