Het College voor de Rechten van de Mens roept gemeenten op te stoppen met het beboeten van dak- en thuisloze mensen voor noodzakelijke ‘overlevingsactiviteiten’, zoals buitenslapen, bedelen en het buiten doen van hun behoefte. Volgens het College zijn dergelijke boetes niet alleen ineffectief, maar kunnen zij ook leiden tot mensenrechtenschendingen en de problemen van dakloze mensen verder vergroten. Het College geeft gemeenten daarom vier praktische handvatten voor een menswaardige aanpak.
Onderzoek in tien gemeenten laat volgens het College zien dat boetes nauwelijks tot gedragsverandering leiden. Zij kunnen juist schulden en stress vergroten, het vertrouwen in overheid en hulpverlening aantasten en gevoelens van vernedering en onveiligheid versterken. In 2025 werden voor alleen al buitenslapen ruim 1.100 boetes geregistreerd, met een totaalbedrag van meer dan € 196.000. Het beboeten van mensen die geen reëel alternatief hebben voor slapen of andere noodzakelijke activiteiten in de openbare ruimte kan volgens het College bovendien botsen met mensenrechten, waaronder het recht op een behoorlijke levensstandaard.
Het College adviseert gemeenten allereerst hun lokale regelgeving in overeenstemming te brengen met de mensenrechten, onder meer door verboden op buitenslapen uit de APV te schrappen. Daarnaast moeten gemeenten investeren in laagdrempelig contact, veldwerk en ambulante hulpverlening en daarbij de samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein versterken. Ook pleit het College voor structurele betrokkenheid van ervaringsdeskundigen en voldoende basisvoorzieningen, waaronder gratis openbare toiletten. Ten slotte moeten gemeenten sterker inzetten op het voorkomen van dakloosheid, bijvoorbeeld door huisuitzettingen tegen te gaan, passende en betaalbare huisvesting beschikbaar te maken en kwalitatieve 24-uursopvang te bieden.
Dat betekent volgens het College niet dat gemeenten niet meer tegen overlast mogen optreden. Handhaving blijft mogelijk wanneer sprake is van concrete overlast. Het uitgangspunt moet echter zijn dat mensen niet worden bestraft voor handelingen die zij noodgedwongen verrichten om in elementaire levensbehoeften te voorzien.
De aanpak van dakloosheid vraagt daarnaast om samenwerking tussen gemeenten en de rijksoverheid. De landelijke overheid moet de noodzakelijke randvoorwaarden creëren, zoals voldoende betaalbare huisvesting en financiële middelen voor gemeenten. Gemeenten hebben op hun beurt een belangrijke taak bij preventie, ondersteuning en opvang. Uiteindelijk moet zo snel mogelijk uitzicht op een stabiele woonplek centraal staan, omdat huisvesting volgens het College de basis vormt voor het aanpakken van andere problemen en het opbouwen van bestaanszekerheid.