Artikelen van Mikhel Timmerman

Tijdschrift
NJB 32 (2026)
Keskin all over again?
In Brunell en McArdle/Nederland onderstreept het Europees Hof voor de Rechten van de Mens het belang van het onmiddellijkheidsbeginsel als essentieel onderdeel van het recht op een eerlijk proces. Volgens het Hof mag een appelrechter niet zonder meer afwijken van een vrijspraak die in eerste aanleg mede was gebaseerd op twijfels over de betrouwbaarheid van een belastende getuigenverklaring, zonder die getuige zelf te horen. De uitspraak roept belangrijke vragen op over de wijze waarop feiten in hoger beroep worden vastgesteld en over de ruimte die appelrechters hebben om tot een andere waardering van bewijs te komen dan de rechter in
eerste aanleg. In deze bijdrage wordt onderzocht welke gevolgen het arrest heeft voor de Nederlandse strafrechtspraktijk en in hoeverre het aanleiding geeft tot een herbezinning op de rol van getuigenverhoren in hoger beroep.
De bestuursrechter in het oog van de storm
De bestuursrechter opereert tegenwoordig in een juridische en maatschappelijke werkelijkheid die steeds complexer wordt. De nasleep van onder andere de toeslagenaffaire heeft geleid tot een fundamentele herbezinning op de rol van de rechter en de wijze waarop rechtsbescherming wordt geboden, terwijl tegelijkertijd maatschappelijke polarisatie, strategisch procederen en hardnekkige uitvoeringsproblemen binnen de overheid de druk op de bestuursrechtspraak vergroten. De auteur onderzocht hoe deze ontwikkelingen de positie van de bestuursrechter beïnvloeden. Zij laat zien dat de uitdagingen waarmee de bestuursrechtspraak wordt geconfronteerd vaak verder reiken dan het individuele geschil en raakt aan de vraag hoe de rechter zijn legitimiteit, gezag en rechtsbeschermende functie kan behouden wanneer maatschappelijke en bestuurlijke problemen groter blijken dan de juridische instrumenten die hem ter beschikking staan.
Geheime notities rechtseenheidsoverleg bestuursrecht
In deze bijdrage wordt betoogd dat het werk van de Commissie rechtseenheid Bestuursrecht (CRE), bestaande uit vertegenwoordigers van de vier hoogste Nederlandse rechtsinstanties, uitmondend in ‘notities’ ter bevordering van de rechtseenheid in de vier colleges, in verschillende opzichten het recht op een behoorlijk proces schendt. De CRE heeft zich ook niets aangetrokken van een uitspraak van de Grote Kamer van het Europese Hof van Justitie in de zaak Hann-Invest uit 2024, hoewel daar naar het inzicht van de auteur alle aanleiding toe was. Het bestaansrecht van de CRE staat op het spel.
Rechter, laat je tanden zien!
Asielzoekerskinderen verblijven structureel in onveilige noodopvang locaties, zoals onlangs weer bleek uit een rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Nu de overheid consequent rapporten en rechterlijke uitspraken over deze schrijnende situatie naast zich neerlegt, rijst de vraag wat de rechter nog kan doen. Het Europese recht biedt een krachtig antwoord: als geen veilige opvang in natura kan worden geregeld is de Opvangrichtlijn duidelijk: dan moet een financiële tegemoetkoming verstrekt worden waarmee gezinnen zelf huisvesting kunnen regelen.