Artikelen van Marnix Snel

TijdschriftNJB 42 (2019)
Rehabilitatie van de vakpublicatie
Rob van Gestel en Marnix Snel
Hoewel de Commissie Stolker reeds in 2005 waarschuwde om vakpublicaties niet als een minderwaardige publicatievorm te gaan beschouwen, lijkt dit wat er intussen is gebeurd. Omdat niet de taal, het forum, het type onderzoek of het soort publicatie bepalend is voor de kwaliteit, maar juist zaken als originaliteit, diepgang en grondigheid, verdienen vakpublicaties een herwaardering en een duidelijker plek binnen geldende systemen van onderzoeksbeoordeling in de rechtswetenschap. Met het oog daarop worden in dit artikel drie modellen (of denkrichtingen) geschetst die dit mogelijk maken, namelijk een alternatief visitatiemodel, een tenure-model en een onderwijsgerelateerd onderzoeksmodel. De drie modellen hebben gemeenschappelijk dat ze gericht zijn op inhoudelijk beoordelen in plaats van bijvoorbeeld aantallen publicaties of citaties te tellen.


Lees het hele artikel in Navigator.

Op weg naar een veilige en circulaire bouwpraktijk
Stéphanie van Gulijk
De Nederlandse bouwsector staat volop in de belangstelling. Sinds 2016 zet de Nederlandse overheid actief in op een circulaire economie en heeft zij de bouwsector geprioriteerd om haar ambitieuze duurzaamheidsdoelen te behalen. Opvallend is hoe snel de bouwsector de slag naar verduurzaming al heeft weten te maken en hoe geworteld het circulair bouwen reeds is. Maar er bestaan ook zorgen over die bouwsector, grotendeels ingegeven door een reeks van incidenten in de bouw zoals het onlangs ingestorte dak van het AZ-stadion en de in 2017 ingestorte parkeergarage in aanbouw bij Eindhoven Airport. Onvolkomenheden in de samenwerking tussen bouwactoren is een van de oorzaken die de Onderzoeksraad voor Veiligheid herhaaldelijk identificeerde in haar onderzoeksrapporten. De opgave die er voor de bouwsector ligt om te verduurzamen, mag niet verder ten koste gaan van de bouwkwaliteit en bouwveiligheid, zo bepleitte ook minister Ollongren eind 2018. In deze bijdrage wordt verkend welke kansen en risico’s circulair bouwen meebrengt voor de samenwerking tussen bouwpartijen. Sluiten de bestaande juridische kaders voor bouwcontracten en de daarin opgenomen zorgplichten voor bouwactoren aan op circulaire en veilige bouw?


Lees het hele artikel in Navigator.

Wilsonbekwaamheid en medisch beroepsgeheim
Willem van Tongeren
Steeds vaker zal het zich voordoen dat een reconstructie moet worden gemaakt van hoe het met de wilsbekwaamheid gesteld is geweest op of rondom het moment van het opmaken van de laatste wil. Vaker zal ook, om opheldering daarover te verkrijgen, een verzoek worden gedaan om inzage in het medisch dossier. In deze bijdrage wordt ingegaan op het beroep op het beroepsgeheim en het doorbreken ervan in procedures over wils(on)bekwaamheid en op de vraag of er in deze knelpunten zijn. Want het beroepsgeheim mag toch niet een soort ‘bescherming’ zijn voor partijen die er belang bij hebben dat het verkrijgen van duidelijkheid over de wilsbekwaamheid van een erflater bemoeilijkt wordt?


Lees het hele artikel in Navigator.

Reactie: Autonomie heeft soms een grens
Boudewijn Chabot, Bert Keizer en Jaap Schuurmans
Wij, de ondertekenaars van de actie ‘Niet stiekem bij dementie’, wrijven onze ogen uit. Volgens Miriam de Bontridder zijn wij met honderden artsen ‘een heksenjacht’ begonnen. Sterker, wij hebben ‘Catharina A. beschimpt’ omdat wij, schrijft mevrouw de Bontridder, het ‘moreel weerzinwekkend vonden om een weerloos mens te doden.’


Lees het hele artikel in Navigator.

Naschrift op de reactie van Chabot c.s.
Miriam de Bontridder
Behalve ingegeven door de begrijpelijke huiver om een patiënt de mogelijkheid van verzet te ontnemen, was de actie ‘Niet stiekem bij dementie’ met name gericht tegen de schriftelijke wilsverklaring. Want wat de ondertekenaars van de in de landelijke bladen in het voorjaar 2018 verschenen advertentie niet gaan doen is ‘een dodelijke injectie geven aan een patiënt met vergevorderde dementie op grond van een wilsverklaring’.


Lees het hele artikel in Navigator.

4 december 2019
TijdschriftNJB 13 (2019)
Stelplicht, bewijslastverdeling en de civiele vordering van de benadeelde partij in het strafproces
Ilou Felix en Alexander Schild
Om de vraag te beoordelen of een verdachte schadeplichtig is naar burgerlijk recht, moet de strafrechter in het strafproces zijn ‘civiele bril’ opzetten. De Hoge Raad heeft overwogen dat in de voegingsprocedure de regels van stelplicht en bewijslastverdeling in civiele zaken gelden, en niet de bewijs(minimum)regels van het Wetboek van Strafvordering. De voegingsprocedure functioneert echter in hoge mate als een schadebegrotingsprocedure. Het past bij de aard van deze procedure te aanvaarden dat de benadeelde partij een onderbouwingsplicht heeft. Het vasthouden aan de civiele regels voor stelplicht en bewijslastverdeling lijkt daarnaast niet zinvol.


Lees het hele artikel in Navigator.

De civiele rechter in Nederland op de schopstoel
Jan Vranken en Marnix Snel
De inktzwarte kritiek in het HiiL-rapport Menselijk en rechtvaardig. Is de rechtspraak er voor de burger? op de civiele rechtspraak in Nederland is tendentieus, eenzijdig en gemakzuchtig. De oplossing, een civiele rechter als problem solver, klinkt woest-aantrekkelijk, maar getuigt bij nadere analyse van wensdromen of, erger, van gevaarlijke arrogantie waar Jan Leijten 50 jaar geleden al voor waarschuwde. De Raad voor de rechtspraak en Minister Dekker spiegelen, net als HiiL, ‘de burger’ verwachtingen over een probleemoplossende rechter voor waarvan op voorhand vast staat dat die niet waargemaakt kunnen worden. Het zou ook in de professionele standaarden tot uitdrukking moeten komen. Iedere suggestie, laat staan eis, dat een civiele overheidsrechter het onderliggende probleem oplost, is verkeerd.


Lees het hele artikel in Navigator.

De opgedrongen bestuursrechter
Manon Hermans
Er komt een Instituut Mijnbouwschade Groningen, dat door middel van het nemen van besluiten in de zin van de Awb aardbevingsclaims zal afhandelen. Daartegen bestaat weerstand en wantrouwen. Dit wantrouwen en het feit dat Groningers de NAM niet meer kunnen aanspreken, moeten bij het behandelen van het wetsvoorstel serieus genomen worden. De wetgever, en uiteindelijk de praktijk, zullen de gedupeerde Groningers moeten overtuigen dat de bestuursrechtelijke rechtsgang daadwerkelijk de beste oplossing is.


Lees het hele artikel in Navigator.

Geef de bestuursrechter het voordeel van de twijfel
Janet van de Bunt
Een wetsvoorstel is in voorbereiding om de aardbevingsschade van inwoners van Groningen voortaan exclusief te laten afhandelen via de publieke weg door het Instituut Mijnbouwschade, een nog op te richten zelfstandig bestuursorgaan. De civiele weg zal voor het verhaal van die schade geheel worden afgesloten. Tegen de besluiten van het instituut kunnen gedupeerden de in het bestuursrecht gebruikelijke rechtsgang volgen: zij kunnen in bezwaar gaan bij het bestuursorgaan en (hoger) beroep aantekenen bij de bestuursrechter.


Lees het hele artikel in Navigator.

Mijnbouwschadegeschillen
Bert Marseille, Herman Bröring en Kars de Graaf
In haar bijdrage Mijnbouwschade in Groningen. Waar is de civiele rechter? stelt Ruth de Bock dat mijnbouwschadegeschillen onder het concept-wetsvoorstel Wet Instituut Mijnbouwschade Groningen bij de bestuursrechter niet de behandeling zullen krijgen die ze verdienen. Die stelling berust op een onjuist beeld van de bestuursrechtelijke besluitvormings- en geschilbeslechtingsprocedure. We geven kort de argumenten van De Bock weer, om die vervolgens te weerleggen.


Lees het hele artikel in Navigator.

3 april 2019
TijdschriftNJB 28 (2018)
Het begeleiden en beoordelen van juridische bachelor- en masterscripties
Marnix Snel
De wijze van beoordeling van scripties en de begeleiding van studenten daarin zou eigenlijk niet zonder meer aan de discretie van individuele begeleiders of scriptiecoördinatoren mogen worden overgelaten. In plaats daarvan zou in ieder geval rekenschap moeten worden gegeven van de Europese afspraken omtrent de kwaliteiten die (ook juridische) bachelors en masters tijdens hun opleiding moeten zien te bereiken, recente onderwijskundige inzichten en de discussie die in de rechtswetenschap gevoerd wordt over de kwaliteitsmaatstaven waaraan een wetenschappelijk juridisch onderzoek dient te voldoen. Daarvandaan vertrekkend, wordt in dit artikel geprobeerd uit te diepen wat dit zou kunnen (of moeten) betekenen voor het beoordelingsraamwerk waarmee bachelor- en masterscripties worden beoordeeld, het begeleidingstraject en de afstemming van de scriptie op de rest van het curriculum.


Lees het hele artikel in Navigator.

Spreekrecht
Jacco Janssen en Juan de Lange
Het slachtoffer heeft inmiddels een vaste plek in ons strafproces verworven en het vervallen van de wettelijke beperking van het spreekrecht mag een goede ontwikkeling worden genoemd. Maar de uitvoering van het nieuwe spreekrecht is nog niet vanzelfsprekend en verdient stroomlijning. De wijze waarop het spreekrecht in het strafproces vorm krijgt is immers van belang voor de procedurele rechtvaardigheid en daarmee de legitimiteit van de rechterlijke uitspraken. Die stroomlijning moet erop gericht zijn de positie van de verschillende actoren in het strafproces te eerbiedigen. De sleutel daartoe ligt voor een groot deel in handen van de strafrechter.


Lees het hele artikel in Navigator.

Het Europese Hof omarmt eindelijk het huwelijk van mensen met hetzelfde geslacht
Ulli Jessurun d’Oliveira
Op 5 juni 2018 heeft het Europese Hof van Justitie een belangrijke uitspraak gedaan. De kogel is door de Kirchberg: het Hof heeft voor de doeleinden van het Unierecht, en met name het vrij verkeer van personen, het begrip ‘echtgenoot’ geïnterpreteerd als mede-omvattend personen die getrouwd zijn in een huwelijk tussen mensen van hetzelfde geslacht. Dat werd tijd. Niettemin zitten er nog wel wat haken en ogen aan de uitspraak. Na een schets van de uitspraak worden een stuk of wat problematische punten aan de orde gesteld.


Lees het hele artikel in Navigator.

29 augustus 2018
TijdschriftNJB 20 (2017)
Bankrecht in beweging
Bart Bierens
Het bankrecht heeft de laatste decennia een snelle ontwikkeling doorgemaakt en is sinds de krediet- en eurocrisis in een ongekende stroomversnelling geraakt. Het rechtsgebied is samengesteld uit talloze onderwerpen die een labyrint vormen van moeilijk leesbare en doorlopend veranderende wet- en regelgeving. Voor studenten en andere nieuwkomers is het daarom niet eenvoudig om vertrouwd te raken met de ordeningsprincipes en de hoofdlijnen. Meer ervaren bankjuristen moeten voorschriften toepassen die door de wetgever nooit als een samenhangend geheel zijn voorzien. En met een blik op de toekomst: door de post-crisis reguleringsagenda en technologische ontwikkelingen is het voor de general counsel en andere leidinggevenden binnen een bank belangrijk om hun juridische afdeling tijdig voor te bereiden op de praktijk van morgen. Dit artikel beoogt structuur en duiding te bieden aan deze brede groep van (aspirant) bankjuristen, hun adviseurs en academici. Het bevat een routekaart langs de belangrijkste deelgebieden van het bankrecht en biedt en passant uitzicht op zowel de ontstaansgeschiedenis als ook de actuele stand van zaken van dit functionele rechtsgebied. Ook komen enkele ontwikkelingen aan de orde die naar verwachting de komende jaren de bijzondere aandacht zullen vragen.


Lees het hele artikel in Navigator.

Briljant gesjeesd!
Pieter Ippel
De gesjeesde rechtenstudent is lang niet altijd dom of (wils)onbekwaam. Het falen op het ene terrein kan de weg openleggen voor een briljante sprong in een ander domein. Maar is er ook een patroon te ontdekken in dit mooie mislukken en valt er wellicht een boodschap uit te destilleren over de juridische opleiding?


Lees het hele artikel in Navigator.

Verschillen tussen scriptietrajecten
Marnix Snel
Juridische wetenschappelijke opleidingen worden gewoonlijk afgesloten met een bachelor- of masterscriptie. Belangrijkste doel van de scriptie is het zelfstandig leren opzetten en uitvoeren van een academisch onderzoek en het schrijven van een onderzoeksverslag waarin het onderzoek wordt verantwoord en de resultaten overzichtelijk worden weergegeven. Naar de vraag wat er eigenlijk voor nodig is om dat doel te bereiken, is binnen de juridische discipline echter nauwelijks onderzoek gedaan. Faculteiten, vakgroepen en zelfs individuele scriptiebegeleiders hebben, veelal gebaseerd op eigen ervaringen en ideeën, visies en praktijken ontwikkeld op basis waarvan de door hen aangeboden scriptietrajecten zijn vormgegeven en ingekleurd.


Lees het hele artikel in Navigator.

17 mei 2017
Blog
Verschillen tussen scriptietrajecten - Uniformeren óf rechtvaardigen
Wat wordt nu eigenlijk verwacht van een bachelor- en masterscriptie en wat heeft de gemiddelde student aan tijdsinvestering, onderwijs en begeleiding nodig om aan die verwachtingen te kunnen voldoen?
16 mei 2017 Artikel Marnix Snel