Artikelen van Jurjen Pen

TijdschriftNJB 11 (2022)
De EU als wapenleverancier
De EU levert via de Europese Vredesfaciliteit (EVF) voor het eerst dodelijk militair materieel aan een andere staat. De EVF kent verschillende juridische en praktische beperkingen, waardoor het de vraag is in hoeverre het EUoptreden voor Oekraïne toegevoegde waarde gaat hebben. Zo zal de EU uit dezelfde militaire voorraden moeten putten als waaruit haar lidstaten al steun verleenden, terwijl ook het beschikbare budget in feite van de lidstaten zelf en niet van de EU afkomstig is. Het doel van dit artikel is te onderzoeken wat precies de toe-gevoegde waarde is voor de EU van het inzetten van de EVF. Daartoe wordt een analyse gemaakt van dit instrument en de huidige inzet daarvan binnen de constitutionele en politieke context van het EU-buitenlandbeleid.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Op naar de Verenigde Staten van Europa!
Lorenzo Nieuwenburg en Bart Jansen
De continuïteit en toekomst van de Europese Unie zou moeten worden gezocht in de mogelijkheid een EU te constitueren die op federaal-institutioneel niveau meer democratisch en meer rechtsstatelijk is. Een Europa dat niet bevreesd is haar eigen legitimiteit in een staat van permanente verandering te houden. De Federalist Papers, geschreven door de Founding Fathers van de Verenigde Staten, bevatten hiervoor belangrijke wenken. De Europese Unie zou daar haar voordeel mee kunnen en moeten doen.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Gezondheidsbeleid vraagt om een geïntegreerde aanpak
Aart Hendriks, Jaap Sijmons en Brigit Toebes
De Nederlandse overheid neemt diverse maatregelen op het terrein van preventie. Het vergoeden van curatieve zorg laat zij over aan met elkaar concurrerende particuliere zorgverzekeraars. Deze scheiding van taken is niet effectief en draagt niet bij aan het hoogst haalbare niveau van gezondheid. Maar hoe moet het dan wel? Voortbouwend op het internationaal en grondwettelijk erkende recht op gezondheid onderzoeken de auteurs in deze bijdrage een aantal oplossingsrichtingen. Daarbij gaan ze ervan uit dat de bestaande – ook wettelijke – scheiding tussen preventie en curatieve zorg achterhaald is.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Een meer structurele inzet van de videoconferentie in strafzaken?
Miranda Boone, Marieke Dubelaar en Sigrid van Wingerden
Zittingen waarbij de verdachte via een videoverbinding door de rechter wordt gehoord hebben in het coronatijdperk een hoge vlucht genomen. Welke lessen kunnen er getrokken worden uit deze ervaringen met telehoren en welke principiële bezwaren en praktische obstakels moeten overwonnen worden om het telehoren een structurele plek in de strafrechtspraktijk te geven? Dit zijn urgente vragen in het licht van de aangekondigde voorstellen om telehoren een vaste rol te geven in de strafrechtspleging. Auteurs doen verslag van empirisch onderzoek dat is verricht naar de inzet van digitale middelen ten behoeve van het horen van verdachten en de effecten daarvan op positie van verdachten in het strafproces. De bevindingen nopen tot nadere bezinning.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Eerherstel voor Indiëweigeraars: naar een rehabilitatiewet?
Theo de Roos, Jurjen Pen en Stan Meuwese
De dienstweigeraars uit de periode 1945-1949 zijn uitgezonderd van de excuses die premier Rutte op 17 februari 2022 naar aanleiding van het onderzoek over de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog aanbood ‘aan een ieder in ons land die met de gevolgen van de koloniale oorlog in Indonesië heeft moeten leven’. Er hebben honderden Indiëweigeraars jarenlang in de gevangenis gezeten.

[verder lezen in NAVIGATOR]

23 maart 2022
TijdschriftNJB 31 (2021)
Ongemotiveerde uitspraken in het hoger beroep in vreemdelingenzaken en de grenzen van behoorlijke rechtspleging
Bert Marseille, Marc Wever en Viola Bex-Reimert
Door bijna altijd gebruik te maken van de bevoegdheid neergelegd in artikel 91 lid 2 VW 2000 om bij een ongegrond hoger beroep af te zien van het motiveren van haar uitspraak heeft de Afdeling bestuursrechtspraak haar taak als hogerberoepsrechter in vreemdelingenzaken uiterst beperkt ingevuld. De verandering die is ingezet met de Pilot 91-2, die inhoudt dat steeds als toepassing wordt gegeven aan dat artikel wordt gekeken of door middel van een korte standaardmotivering partijen iets meer duidelijkheid kan worden geboden over de reden dat het hoger beroep ongegrond is, verdient het met kracht te worden uitgebouwd. Aldus de auteurs, die de pilot op verzoek van de Afdeling onderzochten. Uitgangspunt zou moeten zijn dat ongegronde hoger beroepen van een motivering worden voorzien. Zo kan recht worden gedaan aan het belang van de individuele rechtsbedeling in de vreemdelingenzaken waarin de Afdeling als hoogste rechter oordeelt.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Toepasselijkheid van het oorlogsrecht in de Nederlands-Indonesische oorlog
Stan Meuwese, Jurjen Pen en Theo de Roos
De Nederlandse regering heeft het gewapend conflict tussen Nederland en de Republik Indonesia nooit een oorlog genoemd en nooit het geschreven oorlogsrecht formeel van toepassing geacht. Daarmee gingen de regering en de militaire autoriteiten eraan voorbij, dat er – gelet op de strafrechtelijke context (artikel 38 Wetboek Militair Strafrecht) – doorslaggevende gronden waren om aan te nemen dat het oorlogsrecht op het Nederlandse militair optreden formeel en materieel wel degelijk van toepassing was. Voor een beoordeling van de handelwijze van de Nederlandse strijdkrachten tijdens dit conflict is in ieder geval een ondubbelzinnig antwoord van belang op de vraag of dat werd genormeerd door het oorlogsrecht.

[verder lezen in NAVIGATOR]

Hoor en wederhoor, maar niet vragen naar de bekende weg
Han Jongeneel en Carole Keja
Twee kantonrechters stelden prejudiciële vragen over informatieverplichtingen voortvloeiend uit het Europees consumentenrecht. Inmiddels zijn in beide zaken grotendeels gelijkluidende conclusies genomen. De A-G is van mening dat het niet-behoorlijk nakomen van wettelijke informatieverplichtingen tot gehele of gedeeltelijke vernietiging van de overeenkomst kan leiden. Voor de rechtspraktijk is dan wel van groot belang hoe dat ook praktisch in zijn werk moet gaan.

[verder lezen in NAVIGATOR]

De BV-m: zwevend tussen nut en noodzaak
Esmée Driessen en Tine De Moor
Een voorstel met de uitgangspunten van een maatschappelijke BV, de BV-m, is in maart van dit jaar in consultatie gegaan. De doelstellingen van de BV-m zijn lovenswaardig, maar de uitwerking ervan is in het huidige voorstel zowel te beperkend, want alleen van toepassing op de BV, als te ruim met betrekking tot de transparantie- en participatieverplichtingen. Wil het voorstel echt werk maken van het stimuleren en faciliteren van sociaal ondernemerschap, dan is er nog werk aan de winkel. De minister zou er dan ook goed aan doen om het voorstel nog eens kritisch tegen het licht te houden en daarbij inspiratie op te doen bij al bestaande labels als de Code Sociaal Ondernemen en B-corp, maar ook bij de sociale ondernemingen die niet de BV, maar andere rechtsvormen gekozen hebben om hun maatschappelijke doelstellingen vorm te geven.

[verder lezen in NAVIGATOR]

15 september 2021