Artikelen van Johan Legemaate
blog
Haalt het medisch tuchtrecht de honderd jaar?
Moet het tuchtrecht worden aangepast, of is het tijd voor een geheel nieuwe koers?


Tijdschrift
NJB 3 (2026)
De ontwikkeling van het Europese arbeidsrecht
Veel arbeidsjuristen keken met argusogen naar de zaak over de Minimumloonrichtlijn bij het Hof van Justitie. Hierin moest de vraag worden beantwoord of de Unie wel bevoegdheden heeft om regels op te stellen over minimumlonen en collectief onderhandelen. Deze vraag was extra gevoelig, omdat bevoegdheden op sociaal terrein pas enkele decennia na oprichting van de EEG in de Europese Verdragen zijn opgenomen. Vervolgens werd lange tijd sterk de rem gezet op het gebruik van die bevoegdheden. Sinds 2017, na het aannemen van de Sociale Pijler, heeft de Unie arbeidsrechtelijke wetgeving aangenomen, ook op terreinen die traditioneel nationaal waren, zoals minimumloon, platformwerk en scholing. Het Minimumloon-arrest heeft het nieuwe elan niet gefnuikt. Deze bijdrage plaatst het arrest in de ontwikkeling van de sociale bevoegdheden.
De onafhankelijkheid van de rechtspraak in de Unie opnieuw beschouwd
De onafhankelijkheid van de rechtspraak is een fundamentele waarde binnen de Europese Unie en staat onder toenemende druk. Het Europees Netwerk van Raden voor de Rechtspraak (ENCJ) onderzoekt deze ontwikkeling sinds 2015 via periodieke enquêtes onder rechters. Het meest recente onderzoek omvatte circa 19.000 rechters uit 30 landen. In dit artikel beschrijven de auteurs de belangrijkste uitkomsten van de enquête, waaronder percepties van onafhankelijkheid, externe en interne beïnvloeding, benoemingsprocedures en werkomstandigheden. Ook wordt ingezoomd op de situatie in Nederland, waar ondanks een overwegend positieve beoordeling enkele zorgwekkende trends zichtbaar zijn, zoals afnemend vertrouwen in systeemwaarborgen en spanningen met andere staatsmachten.
Haalt het medisch tuchtrecht de honderd jaar?
Het medisch tuchtrecht staat op een kruispunt. Sinds de invoering van de Medische Tuchtwet in 1928 heeft het systeem zich ontwikkeld tot een belangrijk instrument voor kwaliteitsbewaking in de zorg. Toch groeit de kritiek: het tuchtrecht zou te punitief zijn, onvoldoende bijdragen aan leren en niet meer aansluiten bij de moderne, teamgerichte gezondheidszorg. Moet het tuchtrecht worden aangepast of is het tijd voor een geheel nieuwe koers?
Invoering van constitutionele toetsing: bij rijkswet of bij wet in formele zin?
Sinds juli 2025 ligt een voorstel tot wijziging van de Grondwet in consultatie om rechterlijke toetsing van wetten aan klassieke grondrechten mogelijk te maken. De regering kiest voor wijziging bij rijkswet, maar deze keuze roept staatsrechtelijke vragen op. Artikel 120 Grondwet betreft een landsaangelegenheid en zou volgens het Statuut moeten worden gewijzigd via de nationale procedure van artikel 137 Grondwet, aan – gevuld met behandeling in de rijksministerraad (artikel 45 Statuut). De gekozen rijkswetprocedure is niet alleen zwaarder dan vereist, maar ook niet conform de systematiek van het Statuut en kan een onwenselijk precedent scheppen. Deze bijdrage analyseert de geldende wijzigingsprocedures, de normenhiërarchie en beoordeelt de juridische houdbaarheid van het regeringsstandpunt.

Tijdschrift
NJB 12 (2025)
Digitale uitvoering van wetgeving
Juist voor wetgeving die op enigerlei wijze digitaal uitgevoerd gaat worden, geldt dat adequaat geformuleerde wetgeving een conditio sine qua non is. Opvallend is dan ook dat er in de huidige Aanwijzingen voor de regelgeving geen systematische aandacht is voor wetgevingstechniek en wetgevingskwaliteit in het licht van zo’n digitale uitvoering. Mogelijk kunnen de toetsvragen die in dit artikel worden gepresenteerd het vertrekpunt vormen voor een herijking van de Aanwijzingen voor de regelgeving met het oog op de groeiende invloed van digitalisering in de uitvoering van wetgeving. Een dergelijke modernisering zal ook het parlement meer aanknopingspunten bieden om tot een goede en consistente beoordeling van de digitale dimensie van voorliggende wetgeving te komen.
Schuldeiser als procesinleider, of deurwaarder als poortwachter?
Dit artikel beschrijft de problemen die spelen bij de inning van geldschulden. De kern van het advies van de Adviescommissie voor burgerlijk procesrecht wordt besproken en naast de rol van deurwaarder als poortwachter in het huidige systeem gelegd. Ook worden de voorgenomen maatregelen van het kabinet om de rol van de deurwaarder te versterken beschreven. Tegen deze achtergrond worden de bezwaren tegen het wegnemen van de deurwaarder als procesinleider bij geldschulden geschetst.
Hommeles om een schofferend arrest en de geschoffeerde Hoge Raad
In aflevering 8 van het NJB wordt teruggeblikt op het in 1988 verschenen artikel ‘Een arrest, dat schoffeert’. Ulli d’Oliveira maakte, als toenmalig redacteur van het NJB, de opwinding die daarover destijds ontstond van nabij mee. Die betrof niet slechts de technisch-juridische aspecten van het artikel maar veel meer de achterliggende culturele kwesties: de omgangsvormen in het juridische debat met de diepe eerbied voor de Hoge Raad waaraan gemorreld werd en daarnaast het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw binnen en buiten het huwelijk.
Dertig jaar patiëntenrechten
Dertig jaar na het codificeren van patiëntenrechten in Boek 7, titel 7, afdeling 5 van het Burgerlijk Wetboek, doorgaans aangeduid als de Wet geneeskundige behandelingsovereenkomst (Wgbo), rijst de vraag of deze regeling en andere, waarin rechten van patiënten zijn opgenomen, niet in een aparte wet moeten worden vastgelegd. Is de Wgbo nog wel toekomstbestendig?

Tijdschrift
NJB 12 (2024)
Wet minimumbelasting 2024 (Pijler 2)
Het fiscale landschap verandert. Op 31 december 2023 is de Wet minimumbelasting 2024 in werking getreden, een 15%-minimumbelasting voor het grote bedrijfsleven (Pillar Two). Indien in Nederland of in een andere staat de belastingdruk lager is dan 15%, dan wordt tot dat niveau bijgeheven. Naast Nederland en de andere EU-lidstaten is een groot aantal landen overgegaan tot invoering van de nieuwe regels, of is daar op dit moment mee bezig. Deze bijdrage schetst de achtergronden, illustreert de werking van de regels en geeft enige reflecties. Pillar Two: ramp of zegen?
Ketenoverleggen bij de gerechten en artikel 6 EVRM
Onder de noemer van keten(partner)overleg hebben gerechten periodiek overleg met actoren die op verschillende rechtsgebieden actief zijn. Laten we die praktijk bij de gerechten eens analyseren vanuit het perspectief van artikel 6 EVRM, en dan meer specifiek vanuit het recht van justitiabelen en verdachten op de behandeling van hun zaak door een onafhankelijke en onpartijdige rechter. Want hoe verschillend de ketenoverleggen ook zijn, zij hebben met elkaar gemeen dat de gesprekspartners van de gerechten rechtstreeks betrokken zijn bij rechtszaken die behoren tot de zaakstroom waar het overleg betrekking op heeft.
Het OM en het medisch beroepsgeheim
Wanneer mag het Openbaar Ministerie stukken van zorgverleners die onder hun geheimhoudingsplicht vallen in beslag nemen voor strafrechtelijk onderzoek? Zowel het Wetboek van Strafvordering als de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg bieden daartoe opening. Kunnen deze respectieve regelingen tegelijkertijd van toepassing zijn?
blog
Het OM en het medisch beroepsgeheim
Wanneer mag het Openbaar Ministerie stukken van zorgverleners die onder hun geheimhoudingsplicht vallen in beslag nemen voor strafrechtelijk onderzoek?

Tijdschrift
NJB 40 (2023)
Vijftig jaar euthanasie(beleid)
Een uitspraak van de Rechtbank Leeuwarden uit 1973 bood een eerste opening voor legitiem levensbeëindigend handelen door een arts op verzoek van een patiënt. Inmiddels zijn we vijf decennia verder en is de huidige euthanasiewet dit jaar voor de vierde keer geëvalueerd. Waar staan we momenteel en welke (rechts)vragen zijn thans aan de orde?
‘Gezocht: een rechter die rechtspreekt vanuit karakter en geweten’
Hoewel rechters in beginsel geen politieke agenda behoren te hebben, krijgen zij de facto veel ruimte van de nationale en internationale wetgever om maatschappelijk gevoelige knopen door te hakken. Hoe moeten rechters met die rechterlijke ruimte omgaan in ‘gepolariseerde zaken’ waarover maatschappelijk sterk verdeeld wordt gedacht? Zouden rechterlijke kernwaarden zoals onafhankelijkheid of onpartijdigheid gerelativeerd kunnen worden ten faveure van (opvattingen over) rechtvaardigheid? Nu die opvattingen uiteenlopen is voorzichtigheid geboden.
Het doel heiligt de (cassatie)middelen
Onze hoogste civiele rechter is gebonden aan het cassatiemiddel. Niettemin worden de cassatiemiddelen niet gepubliceerd. De Hoge Raad geeft de klachten wel weer, maar doet dat kernachtig en toegespitst op het oordeel dat hij wenst te geven. Hierdoor geeft het lezen van de uitspraak meestal een beperkt zicht op het debat dat zich tussen partijen in cassatie heeft afgespeeld.
Migratiemaatregelen: voer voor de formatie
Tijdens de formatie wordt ongetwijfeld besproken welke mogelijkheden er zijn om migratie te reguleren. In deze bijdrage worden 53 ambtelijke stukken geanalyseerd die laten zien dat de mogelijkheid van regulering door het vorige kabinet serieus is genomen. De stukken laten echter ook zien hoe weinig marges Nederland heeft om een eigen nationaal migratiebeleid te voeren. Zowel reguliere migratie als asielmigratie worden vrijwel geheel door Europese regelgeving bepaald. Dat (de omvang van) migratie door een substantieel deel van de Nederlandse bevolking als probleem wordt ervaren, betekent wel dat de Nederlandse bevolking beter moet worden voorgelicht over de werkelijke omvang en invloed van migratie op de Nederlandse samenleving en zich ervan bewust wordt dat veel van de ervaren problemen juist niet primair met migratie te maken hebben. Auteurs benadrukken het belang van een kabinet dat de fundamentele rechten in acht neemt en de verleiding zal weten te weerstaan om ficties tot uitgangspunt van beleid te nemen.
blog
Inzage in calamiteitenrapportages
Deze uitspraak zou zorgaanbieders ertoe kunnen brengen een einde te maken aan de al lange tijd bestaande, en steeds omvangrijker wordende praktijk om de patiënt of diens naasten inzage te geven in een op een PRISMA- of SIRE-onderzoek gebaseerde calamiteitenrapportage of een samenvatting daarvan.


Tijdschrift
NJB 20 (2023)
De mythe van de 3%-norm
De gedachte dat er vanuit de EU een verplichting op de lidstaten rust om het begrotingstekort te beperken tot maximaal 3% van het bbp is wijdverbreid, maar onjuist. De Europese begrotingsregels zijn niet gericht op het opleggen van strikte begrotingsnormen voor lidstaten, maar op het creëren van procedures waarin lidstaten aan elkaar verantwoording afleggen over hun beleid. De mythe van de 3%-norm suggereert, ten onrechte, dat het EU-recht met grote regelmaat en zonder enige consequentie wordt geschonden. Dat staat een goede discussie over de functie van de Europese begrotingsregels in de weg.
Het wetsvoorstel Wet versterking waarborgfunctie Awb nader en door een fiscale bril bezien
In dit artikel observaties op artikelniveau van de preconsultatieversie van het wetsvoorstel vanuit een fiscale invalshoek alsmede enkele beschouwingen van algemene aard over het vertrouwen van de burger in de overheid. De plannen lijken op het fiscale vlak niet heel zinvol. Het wetsvoorstel is meer een politieke daad dan dat daarmee het recht is gediend of bestaande problemen worden opgelost.
Inzage in calamiteitenrapportages
Op 10 februari 2023 deed de Hoge Raad een uitspraak in een zaak waarin ouders van hun in een zorginstelling omgekomen zoon inzage vroegen in het op dat overlijden betrekking hebbende onderzoek. Deze uitspraak heeft in de (rechts)praktijk tot verwarring en onduidelijkheid geleid. De uitspraak roept namelijk de vraag op of het aan patiënten en hun naasten verstrekken van calamiteitenrapportages, in veel zorginstellingen een al lang bestaande praktijk, kan worden gecontinueerd.
Procesregelingen introduceren in Oekraïne en Griekenland
Het Centre for International Legal Cooperation (CILC) tracht wereldwijd de rechtsstaat te bevorderen door internationale juridische samenwerkingsprojecten te initiëren en uit te voeren. Juridische experts uit verschillende landen worden uitgezonden om oplossingen uit te werken voor uiteenlopende uitdagingen binnen rechtsstelsels in ontwikkeling. In dit artikel worden twee projecten beschreven die met meer of minder succes in respectievelijk Oekraïne en Griekenland zijn uitgevoerd.
blog
Wvggz en Wzd geëvalueerd: over kwaliteit van wetgeving
Is wetgeving die zoveel ‘begeleiding’ noodzakelijk maakt wel goede wetgeving?


Tijdschrift
NJB 37 (2022)
Goed voorbeeld doet goed volgen!
De hoogste rechters besteden veel aandacht aan de coördinatie van bestuursrecht en privaatrecht. Dat levert mooie afstemmingsresultaten op. Gelet op de toenemende verwevenheid tussen bestuursrecht en privaatrecht is voor een goede toegankelijkheid van de rechter en een effectieve handhaving van regelgeving ook samenwerking tussen bestuursrechters en burgerlijke rechters op lager niveau nodig, met name in eerste aanleg. Het is de hoogste tijd daaraan vorm te geven!
Enige gedachten bij de Rosmalense zelfdoding
De zaak van de Rosmalense zelfdoding, totdat de gerechtelijke dwaling in deze zaak erkend werd bekend als de Rosmalense flatmoord, heeft het leven van Rob, die veertien jaar onterecht vastzat, volledig ontwricht. Het is een verhaal waarin fout op fout is gestapeld, waarin tal van machinaties gepleegd zijn waarin de psychisch kwetsbare Rob welbewust geframed is als een gewelddadig persoon en waarin tunnelvisie heerste bij politie en OM. Maar waarin de rechterlijke macht ook het een en ander te verwijten valt. De lange strijd die moest worden geleverd om uiteindelijk tot de vrijspraak te komen is er een van menselijkheid tegenover juristerij. Een weliswaar juridisch correct maar in kille, niet-empathische bewoordingen gesteld arrest en een excuusbriefje zetten dat niet recht, doen zelfs afbreuk aan hoe wordt gedacht over recht doen.
De distributieve bijdrageplichten rond klimaatverandering
Het vonnis van de Rechtbank Den Haag inzake Milieudefensie/Shell heeft vele kritische reacties opgeroepen. Zou er dan geen rol voor de civiele rechter weggelegd moeten of kunnen zijn als het gaat om klimaatverandering? Jawel, want aan rechters komt onvermijdelijk beslissingsruimte toe als politieke besluitvorming achterblijft en de maatschappelijke roep om meer duidelijkheid en een gelijker speelveld luider wordt. De aanvullende werking van het civiele recht is niet alleen gelegen in het vaststellen van normen die uiteindelijk door zelfregulering en/of regelgeving beter laat dan nooit geformuleerd zullen worden, maar evenzeer in het aanjagen van die normering. Hoe de (feiten)rechter dit kan bewerkstelligen wordt in dit stuk uiteengezet.
Wvggz en Wzd geëvalueerd: over kwaliteit van wetgeving
Onlangs verscheen het tweede rapport van de (eerste) evaluatie van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) en de Wet zorg en dwang (Wzd). De conclusies zijn hard: de wetgeving is mislukt wat betreft toegankelijkheid, werkbaarheid, aansluiting bij het terrein waarop zij van toepassing is en het gemak waarmee zij kan worden geïmplementeerd. Ook ontbreken er allerlei financiële en organisatorische randvoorwaarden en zijn er te weinig reality checks gedaan bij de totstandkoming. Er is een nieuw wetsvoorstel met verbeteringen aangekondigd en alles moet op alles worden gezet om deze vlot en goed door de parlementaire behandeling te laten gaan. Een nieuwe evaluatie laat beter niet nog vijf jaar op zich wachten.