NJB-medewerker Aart Hendriks is hoogleraar Gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden en coördinator gezondheidsrecht bij artsenorganisatie KNMG. Verder is hij onder meer rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam, lid van de Gezondheidsraad, lid van de Raad van Toezicht van het Zaans Medisch Centrum en redactielid/-medewerker van diverse wetenschappelijke tijdschriften. Onderwerpen op het snijvlak van het gezondheidsrecht en de rechten van de mens hebben zijn speciale belangstelling.

Artikelen van Aart Hendriks

TijdschriftNJB 37 (2019)
Tjebbes en aanhangend nat: Brexit
Ulli d’Oliveira
Met zijn uitspraak in de zaak-Tjebbes heeft het Europees Hof opnieuw uitgemaakt dat het nationaliteitsrecht van de lidstaten onder controle staat van Unierechtelijke beginselen. Ditmaal moet de Nederlandse bepaling eraan geloven die Nederlanders hun nationaliteit automatisch doet verliezen na tien jaar stilzitten in een niet-Europees buitenland. De wetsbepaling kan nog wel de toets van de kritiek doorstaan, maar onder de essentiële voorwaarde dat achteraf getoetst wordt aan het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel. Tjebbes wordt doorgelicht en zijn implicaties voor andere bepalingen van Nederlands nationaliteitsrecht besproken, waaronder het initiatief-wetsvoorstel om Nederlanders met behoud van het Nederlanderschap toe te staan de Britse nationaliteit aan te nemen.


Lees het hele artikel in Navigator.

Een subsidieregeling voor alleenstaande en lesbische vrouwen
Ashley Terlouw en Aart Hendriks
Even leek het erop dat alleenstaande en lesbische vrouwen de kosten van een vruchtbaarheidsbehandeling niet langer vergoed zouden krijgen. Daarmee zou een einde komen aan een jarenlang bestaande praktijk waarin de vergoeding vanzelfsprekend was. De regering heeft onlangs aangekondigd dat alleenstaande en lesbische vrouwen de kosten van een vruchtbaarheidsbehandeling dit kalenderjaar nog vergoed krijgen uit de Zorgverzekeringswet en, vanaf 2020, tijdelijk op grond van een subsidieregeling. Is dit een gepaste oplossing voor een principieel vraagstuk, waarbij vragen spelen over ‘(on)gelijke behandeling’ en ‘medische indicatie’? Nee, betogen Ashley Terlouw en Aart Hendriks. De minister benadrukt hiermee zijn opvatting dat bij alleenstaande en lesbische vrouwen, anders dan bij heteroseksuele vrouwen met partner, geen sprake is van een medische indicatie en dat zij daarom slechts tijdelijk aanspraak maken op vergoeding op grond van een subsidieregeling.


Lees het hele artikel in Navigator.

Wat gaat voor: mijn wilsbekwame ik of mijn demente ik?
Miriam de Bontridder
Terwijl het OM de door hem als dubbelzinnig geïnterpreteerde passages uit de wetsgeschiedenis gebruikt ten betoge dat een wilsonbekwame levenswens voorgaat op een wilsbekwame doodswens, valt ten aanzien van die beweerdelijk dubbelzinnige passages ook een andere redenering te volgen die meer recht doet aan vorm en inhoud van wat de uiteindelijke tekst in de wet met betrekking tot de schriftelijke wilsverklaring is geworden.


Lees het hele artikel in Navigator.

Enkele terloopse opmerkingen over ras, gemengdheid en recht door drie Nederlandse juristen
Betty de Hart
In deze bijdrage wordt het werk besproken van drie Nederlandse juristen die gerespecteerd werden en invloedrijke posities bekleedden. Zij steunden racistische ideologieën niet en verzetten zich er zelfs uitdrukkelijk tegen. Hun werk en hun terloopse opmerkingen over ras en gemengdheid tonen aan dat juridische professionals en rechtsgeleerden werkzaam waren in een juridisch systeem dat betekenissen van ras en gemengdheid bevatte en produceerde en waaraan zij actief bijdroegen. Zij introduceerden en aanvaardden bepaalde betekenissen van ras en verwierpen andere. Dat bleef niet zonder gevolgen en beïnvloedde de maatschappij en het juridische raamwerk waar wij vandaag mee werken. Het wordt tijd dat het juridische archief vanuit dit perspectief nauwkeurig onder de loep wordt genomen.


Lees het hele artikel in Navigator.

30 oktober 2019
TijdschriftNJB 32 (2019)
De overkill aan geneesmiddelen en het tekort van de wet
Jaap Sijmons, Veelke Dercks en Simone Koelewijn
Na megaclaims op de tabaksindustrie zijn nu de Amerikaanse farmaceuten aan de beurt voor miljarden dollars. Er is überhaupt veel iatrogene schade door receptmedicijnen. Biedt de Geneesmiddelenwet wel voldoende bescherming?


Lees het hele artikel in Navigator.

Commercieel aanbod van DNA-tests
Corrette Ploem, Martina Cornel en Sjef Gevers
Door het toenemende commerciële aanbod aan DNA-onderzoek, met name via het internet, is genetisch onderzoek voor een deel losgeraakt van zijn traditionele inbedding in de reguliere gezondheidszorg waarin deskundigheid en kwaliteit van verleende zorg van oudsher goed gewaarborgd zijn. Dat laatste gaat voor het nieuwe commerciële aanbod van DNA-tests helaas niet op; de huidige regelgeving (Europees en nationaal) beschermt consumenten onvoldoende tegen de nadelen en risico’s van deze tests. Hoewel er uiteraard ruimte moet blijven voor eigen verantwoordelijkheid, ‘zelfsturing’ en zelfbeschikking van de consument, zijn er vooral op het niveau van de Nederlandse wetgeving nog mogelíjkheden om publiek en maatschappij beter tegen de schaduwzijden van commerciële DNA-tests te beschermen. Hopelijk worden die door de wetgever goed benut en wordt die verbeterde wetgeving vervolgens ook door het toezichthoudende apparaat adequaat gehandhaafd.


Lees het hele artikel in Navigator.

De Wet Bopz wordt vervangen door twee nieuwe wetten
Brenda Frederiks en Aart Hendriks
Op 1 januari 2020 treden de Wet verplichte ggz (Wvggz) en de Wet zorg en dwang (Wzd) in werking. De vertrouwde Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) houdt dan op te bestaan. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tracht alles voor het einde van dit jaar in gereedheid te brengen. In dat kader zijn vlak voor het zomerreces een Aanpassingswet aangenomen, het Besluit zorg en dwang en het Besluit verplichte geestelijke gezondheidszorg gepubliceerd, en is een zogeheten Roadmap voor de implementatie van de Wzd wereldkundig gemaakt. In augustus 2019 heeft de minister nog twee conceptregelingen via een internetconsultatie gepubliceerd. Kan iedereen die met deze wetten krijgt te maken daarmee uit de voeten? Wij schetsen een stand-van-zaken overzicht en staan stil bij zaken die nog onduidelijk zijn.


Lees het hele artikel in Navigator.

Reflecties op ‘instellingsfeiten’
Anouk Visscher, Evelien Tonkens en Arjan Braam
Verschillende maatregelen stimuleren strafrechtelijke vervolging van geweld en agressie tegen hulpverleners in de psychiatrie. Gezien de mogelijke toename van (intramurale) incidenten in de ggz via de schakelbepaling in de Wet Forensische Zorg beschouwen auteurs dit als een wenselijke ontwikkeling. In de praktijk bestaan echter spanningen tussen ggz en justitie over de vraag of de nadruk op zorg of straf moet liggen in de afhandeling van ‘instellingsfeiten’. Teneinde de overwegingen van rechters aangaande instellingsfeiten inzichtelijk te maken, wordt in dit artikel beschreven welke obstakels strafoplegging naast een lopend zorgkader bemoeilijken en worden suggesties aangedragen voor een optimale afstemming tussen straf en zorg. Daartoe is een kwalitatieve thematische analyse gemaakt op basis van semigestructureerde interviews met acht rechters. De gespreksonderwerpen werden gebaseerd op vooraf verricht literatuuronderzoek en bespreking van casuïstiek. De meerderheid van de rechters vond het berechten van (intramurale) incidenten problematisch, vanwege de moeilijk te bepalen schulduitsluitingsgrond, vraagtekens rondom recidivevermindering en de impact op het slachtoffer. Rechters wilden voorkómen dat straf leidt tot discontinuïteit van zorg waardoor het psychiatrisch toestandsbeeld mogelijk kan verergeren. Het OM zou rechters vollediger moeten informeren. Geconcludeerd wordt dat straf een lopende (klinische) behandeling in de ggz kan ondersteunen. Met de komst van de ‘BOPZbrigades’ bij het OM wordt de relevante informatie vanuit ggz, politie en OM idealiter gebundeld aan rechters gepresenteerd via de strafeis, leidend tot een vonnis waarin straf en zorg elkaar optimaal aanvullen.


Lees het hele artikel in Navigator.

25 september 2019
TijdschriftNJB 15 (2019)
Kroniek van het vermogensrecht
Edwin van Wechem en Jac Rinkes
In deze kroniekperiode is een verschuiving te ontwaren in de rechtspraak van de Hoge Raad en in de rechtsliteratuur over de perceptie van (het begrip) schade en de wijze waarop de omvang van het schadebedrag waarvoor de betreffende schadeveroorzaker aansprakelijk kan worden gesteld, dient te worden vastgesteld. Ook valt op dat de relativiteit zich eveneens in een aantal van de Hoge Raad arresten en in de literatuur laat zien, een norm die in het kader van het bewijsrecht een vreemde eend in de bijt is. In het contractenrecht wees de Hoge Raad op 28 september 2018 een zeer belangrijk arrest over de betekenis van artikel 6:265 lid 1 BW inzake ontbinding van overeenkomsten. Het goederenrecht wordt in de kroniekperiode gekenmerkt door stevige arresten over pandrechten en de ‘chargeback’ van banken en over vraagstukken inzake een directe actie bij faillissement.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van het algemeen bestuursrecht
Tom Barkhuysen
2019 is het zilveren jubileumjaar van de Algemene wet bestuursrecht. Dit jaar is het 25 jaar geleden dat de eerste delen van de Awb in werking traden en dat feit is niet onopgemerkt voorbij gegaan. Op een druk-bezocht congres over de jarige wet werd er teruggeblikt, maar zeker ook vooruitgekeken; verschillende veranderingen in het algemeen bestuursrecht zijn noodzakelijk en sommige zelfs al concreet aangekondigd. Daartoe noopt het steeds breder gedeelde inzicht dat de Awb-mens niet bestaat. Dat feit vraagt om een responsieve rechtsstaat, die ook nog eens rekening houdt met de voortgaande digitalisering. Verder heeft de Europeanisering van het bestuursrecht nog steeds een hoog tempo. Genoeg actuele en interessante ontwikkelingen dus, die hebben geleid tot een boordevolle kroniek.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van het straf(proces)recht
Joost Nan
In deze kroniekperiode vooral veel aandacht voor rechtspraak van de Grote Kamer van het EHRM. In het kielzog daarvan ook aandacht voor de uitleg van de Hoge Raad over het ondervragingsrecht en compensatie in geval van een politieverklaring van een niet-ondervraagde getuige die weliswaar niet beslissend was voor de strafrechter om tot een bewezenverklaring te komen, maar waaraan wel ‘significant weight’ toekomt. Maar we beginnen met een overzicht van verschenen wetenschappelijk onderzoek en enige wetgeving. De kroniek is overwegend procesrechtelijk van aard.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van de intellectuele eigendom
Dirk Visser
Het Benelux merkenrecht is gewijzigd. De Wet bescherming bedrijfsgeheimen is in werking. De apothekersvrijstelling is geen oplossing voor hoge prijzen van medicijnen. Smaken zijn niet auteursrechtelijk beschermd. Google en Facebook moeten gaan betalen en filteren.


Lees het hele artikel in Navigator.

En verder de kronieken internationaal publiekrecht, ondernemingsrecht, insolventierecht, mededingingsrecht, gezondheidsrecht, financieel recht, en technologie en recht
Niels Blokker, Nico Schrijver, Harm-Jan de Kluiver, Jako van Hees, Thomas Bil, Rein Wesseling, Simone Evans, Aart Hendriks, Danny Busch, Remy Chavannes, Anke Strijbos en Dorien Verhulst


Lees de kroniek van het internationaal publiekrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het ondernemingsrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het insolventierecht in Navigator.
Lees de kroniek van het mededingingsrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het gezondheidsrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het financieel recht in Navigator.
Lees de kroniek van technologie en recht in Navigator.

17 april 2019
TijdschriftNJB 15 (2017)
Kroniek van het vermogensrecht
Edwin van Wechem en Jac Rinkes
Deze kroniekperiode, die het 25-jarig bestaan van het Nieuw Burgerlijk Wetboek markeert, kenmerkt zich door een groot aantal Hoge Raad-arresten over de regels voor schadebegroting. Met name de toepassing van de artikelen 6:97 (wijze van schadebegroting), 6:98 (csqn-verband), 6:100 (voordeelstoerekening) en 6:101 BW (eigen schuld) laat een aantal nieuwe ontwikkelingen zien. Ook in het leerstuk van de verkrijgende verjaring wordt door de Hoge Raad een bevrijdende stap gezet. De synergie tussen open normen in het BW en de mogelijke toepassing daarvan binnen de maatschappelijke ontwikkelingen, maken het BW zo fluïde dat het mee kan bewegen op de golven van de tijdgeest. In dat kader is de inschatting dat het BW de tand des tijds met verve zal kunnen blijven doorstaan en er nog vele verjaardagen zullen volgen.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van het algemeen bestuursrecht
Tom Barkhuysen en Willemien den Ouden
De reorganisatie van de bestuursrechtspraak wil maar niet vlotten. Het wetsvoorstel over de organisatie van de hoogste bestuursrechtspraak werd plotseling ingetrokken, maar over mogelijkheden om desondanks te komen tot meer rechtseenheid wordt nog druk gediscussieerd. Het relativiteitsvereiste werd echt gerelativeerd in deze kroniekperiode en ook het transparantievereiste is voor het eerst met succes ingeroepen, in beide gevallen was het argument van concurrentievervalsing van doorslaggevend belang. Ook werd afscheid genomen van oude doctrines op het terrein van de toetsing van besluiten op herhaalde aanvragen en de evenredigheid van beleidsregels. Ondertussen gaat de rechtsontwikkeling op diverse andere terreinen van het bestuursrecht verder. Genoeg voer voor een gevarieerde kroniek.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van het straf(proces)recht
Joost Nan
Na een redelijk lange aanloop zijn vanuit het Ministerie van Veiligheid en Justitie de eerste twee boeken in het kader van de Modernisering Wetboek van Strafvordering ter consultatie bekendgemaakt. Hierop zal de nadruk van de Kroniek liggen, al kan deze bespreking niet meer zijn dan een impressie. De stukken zijn zo omvangrijk dat een grondige bespreking ervan zijn eigen tijdschrift zou rechtvaardigen. Op het gebied van nieuwe wetgeving was het op zich redelijk rustig, al heeft de komst van eenvoudig witwassen als nieuw delict de Hoge Raad ertoe bewogen al vóór de inwerkingtreding daarvan met een kort overzichtsarrest te komen. De Hoge Raad liet zich het afgelopen half jaar voorts onder meer uit over oplichting en poging. Vanuit Straatsburg nog twee interessante uitspraken, waarbij in één daarvan Nederland over de knie werd gelegd door het EHRM. Kortom, er is weer van alles gebeurd.


Lees het hele artikel in Navigator.

Kroniek van het internationaal publiekrecht
Niels Blokker en Nico Schrijver
Het aantreden van president Trump en VN secretaris-generaal Guterres op het wereldtoneel, vrede in Colombia, spierballenpolitiek tussen Nederland en Turkije, het nederzettingenbeleid van Israël en de ‘Syrische bewijzenbank’. Daarnaast Nederlandse uitbreiding van de rechtsmacht van internationale hoven en rechterlijke uitspraken over immuniteiten.


Lees het hele artikel in Navigator.

Verder: de kronieken intellectuele eigendom, mededingingsrecht, ondernemingsrecht en gezondheidsrecht
Dirk Visser, Rein Wesseling, Harm-Jan de Kluiver en Aart Hendriks

Lees de kroniek van de intellectuele eigendom in Navigator.
Lees de kroniek van het mededingingsrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het ondernemingsrecht in Navigator.
Lees de kroniek van het gezondheidsrecht in Navigator.

13 april 2017
TijdschriftNJB 19 (2016)
Relativiteit, causaliteit en gederfde winst door misgelopen klandizie
Albert Verheij
Naar aanleiding van een Duitse casus wordt gereflecteerd op het beschermingsbereik van verkeersnormen en de wenselijkheid van vergoeding van zuivere vermogensschade van derden. De relativiteit (artikel 6:163 BW) en de juridische causaliteit (artikel 6:98 BW) blijken daarbij in een andere richting te wijzen. Het oordeel omtrent de wenselijkheid van vergoeding wordt uiteindelijk bepaald door het belang dat men hecht aan de rechtszekerheid respectievelijk de Einzelfallgerechtigheit.


Lees het hele artikel in Navigator.

De rechtsstaat: van sluitpost naar ‘Leitmotiv’
Stavros Zouridis, Wubbo Wierenga en Bert Niemeijer
De kritische woorden van de Raad van State in zijn jaarverslag over de rechtsstatelijkheid van politieke besluitvorming, roepen een aantal vragen op. In de eerste plaats de vraag of er echt een probleem is op dit punt en zo ja wat daarvan de oorzaken zijn. In hoeverre is de diagnose van de Raad op dit punt valide en in hoeverre is de receptuur die de Raad hiervoor voorschrijft een adequate oplossing voor de kwaal? Als de rechtsstatelijke waarden inderdaad in het geding zijn, hoe versterken we die waarden dan? Hoe maken we van rechtsstatelijke waarden een leitmotiv in plaats van een sluitpost?


Lees het hele artikel in Navigator.

Onafhankelijkheid en onpartijdigheid van HR-raadsheren buiten de zetel
Henk Snijders
Raadsheren in de Burgerlijke Kamer van de Hoge Raad die niet ‘op de zaak’ zitten, mogen wel aan de beraadslagingen over die zaak deelnemen en doen dat in de regel in principiële zaken (‘vijfzaken’) ook, zo is het bestaande beleid. Er is tot op heden echter geen regeling voor de eventuele wraking en verschoning van dergelijke raadsheren (‘reservisten’). Wordt het geen tijd daar verandering in aan te brengen?


Lees het hele artikel in Navigator.

Recht op toegankelijke zorg: ook voor vreemdelingen
Aart Hendriks en Brigit Toebes
Afgelopen jaar hebben bijna 60 000 mensen in Nederland asiel aangevraagd in Nederland. Van deze groep heeft inmiddels 70% een verblijfsstatus (‘statushouder’). Volgens een recent onderzoek van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) staat de medische zorg aan asielzoekers onder druk. Dat terwijl de gezondheid van asielzoekers en andere vreemdelingen gemiddeld toch al aanzienlijk minder goed is dan die van Nederlanders. De zorg aan statushouders en aan personen van wie de asielaanvraag is afgewezen kent eigen problemen. Vallen hier lessen te trekken uit grond- en mensenrechten?


Lees het hele artikel in Navigator.

11 mei 2016
TijdschriftNJB 2 (2016)
Nieuwe kwaliteits- en klachtenwet voor gezondheidszorg
Aart Hendriks, Hilde van der Meer en Diederik van Meersbergen
Door de op 1 januari 2016 in werking getreden Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz), een wet waarvan de noodzaak breed werd betwist, verandert er het nodige op het gebied van kwaliteit, klachten en geschillen in de zorg. De normen van deze wet gelden voor een grotere groep zorgaanbieders dan voorheen onder het regime van de Wet BIG en de Kwaliteitswet zorginstellingen het geval was. Maar de Wkkgz is niet op alle onderdelen even duidelijk en juridisch weldoordacht.
Openheid over medische fouten vereist beleid
Johan Legemaate
Zorginstellingen moeten een beleid formuleren inzake openheid rond incidenten en op grond daarvan de randvoorwaarden voor een goede praktijk creëren. Bij een dergelijk beleid is openheid van zaken (‘open disclosure’) de norm. Een open benadering maakt een integratie mogelijk tussen enerzijds de plicht van artsen en zorginstellingen om adequaat te reageren op incidenten, en anderzijds het algemene beleid inzake kwaliteit en veiligheid van de zorg. Hierdoor ontstaat een samenhangend geheel van acties en maatregelen voor gevallen waarin de zorgverlening heeft geleid tot een situatie die niet de bedoeling was.
Toetsingspraktijk euthanasie voor sommige artsen onrechtvaardig
Leo Enthoven
Voor een aantal artsen schiet de Nederlandse euthanasiewet (Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding; WTL) op een voor hen belangrijk punt tekort. Dokters van wie een euthanasiegeval is beoordeeld, kunnen geen beroep aantekenen tegen de betreffende uitspraak van de Regionale toetsingscommissie euthanasie (Rte). De lopende vijfjaarlijkse evaluatie van de WTL biedt de wetgever de mogelijkheid deze tekortkoming te repareren.
Het hondje van minister Pels Rijcken
Michael Verhulst en Geerten Boogaard
Artikel 119 Grondwet schrijft voor dat leden van de Staten-Generaal, ministers en staatssecretarissen wegens ambtsmisdrijven in die betrekkingen gepleegd, ook na hun aftreden terecht staan voor de Hoge Raad. Bij berichtgeving over artikel 119 Grondwet rouleert steevast het verhaal van minister Pels Rijcken en zijn loslopende hond. Maar hoe zat dat nu precies?
13 januari 2016
TijdschriftNJB 15 (2015)
Kroniek vermogensrecht
Edwin van Wechem en Jac Rinkes
Het centrale thema van deze kroniek betreft de zoektocht naar normen. Een aantal herkenbare vragen uit recente rechtspraak komt aan bod waarachter als altijd normen en conventies verscholen gaan. Mag iemand die meer dan vijftien biertjes achter zijn kiezen heeft en schade veroorzaakt van zijn verzekeraar verwachten dat deze bij het sluiten van de verzekeringsovereenkomst duidelijk heeft gemaakt dat er dan geen dekking onder de verzekeringsovereenkomst bestaat? Of mag een bestuurder die de kenmerken van de faillissementswet niet kent, verwachten dat hem dan geen ernstig verwijt kan worden gemaakt? Of kan de werknemer die thuis over zijn deurmat valt, omdat hem eerder een bedrijfsongeval waarvan hij na een herstelperiode nog een beperking ondervond is overkomen, ook dan verwachten dat de werkgever voor dat vallen over de mat nog aansprakelijk is? Bij al deze vragen geldt: wat is de norm, waarom mag het wel of juist niet? Tijdens de kroniekperiode heeft de Hoge Raad de invulling van een aantal van de normen zichtbaar en inzichtelijk gemaakt. In de doctrine is daarop gereageerd en voortgebouwd. Dat is mooi want dan kan daar met open vizier op gereageerd worden.
Kroniek van het straf(proces)recht
Joost Nan
Er was weer een hoop tumult in strafrechtelijk Nederland. Zo verloren we ‘onze’ twee bewindslieden, sneuvelde bij de Hoge Raad de bestraffing van verdachten die reeds moesten deelnemen aan het alcoholslotprogramma en liet de Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State in meer algemene zin dat programma struikelen. De modernisering van het Wetboek van Strafvordering kan met het verschijnen van de Contourennota nu echt op gang komen en het Openbaar Ministerie moet bij medeplegen en de strafbeschikking zijn zaakjes beter op orde brengen. Ook de financiering van het strafrechtsbedrijf stond op allerlei vlakken weer volop in de belangstelling. Het zijn slechts enkele punten die in deze kroniek straf(proces)recht besproken worden.
Kroniek van het algemeen bestuursrecht
Tom Barkhuysen en Willemien den Ouden
De discussie over de toekomst van de bestuursrechtspraak heeft een nieuwe impuls gekregen door het conceptwetsvoorstel Wet splitsing RvS en opheffing CRvB en CBb dat ter consultatie is gepubliceerd. De wet-gever moderniseert de bestuursrechtspraak echter niet alleen door een reorganisatie van (de rechtsmacht van) de hoogste bestuursrechters, ook het (concept)wetsvoorstel vereenvoudiging en digitalisering procesrecht speelt een belangrijke rol. Ondertussen zet de Europeanisering van het bestuursrecht aan alle kanten door.
Kroniek van de intellectuele eigendom
Dirk Vissser
Het online doorverkopen en uitlenen van e-books is omstreden. De thuiskopieheffing blijft een kostbaar hoofdpijndossier. Een parodie vereist een humoristische bedoeling. Onpersoonlijke geschriften en verweesde werken zijn niet meer beschermd. Een stoel is geen merk, maar een winkelinrichting mogelijk wel. Een ® kan nuttig zijn. Met oudere modellen moet één voor één worden vergeleken. In het octrooirecht gaat de discussie nog altijd over de beschermingsomvang en artikel 69 EOV. Naast afwijkend eigen IE-procesrecht krijgen we ook ons eigen auteurs-mandarijnen-contractenrecht met iustum pretium én open access. Kortom, in het IE-recht is het altijd feest. Behalve als het over de proceskosten gaat.
Verder: de kronieken internationaal publiekrecht, ondernemingsrecht, mededingingsrecht, gezondheidsrecht en civiele rechtspleging
Willem van Genugten, Nico Schrijver, Harm-Jan de Kluiver, Rein Wesseling, Jan Truijens Martinez, Aart Hendriks en Carla Klaassen
16 april 2015
TijdschriftNJB 23 (2014)
Regulering van onzekere risico’s via public interest litigation?
Liesbeth Enneking en Elbert de Jong
De roep om de civiele rechter vooraf tegenwicht te laten bieden aan een falende risicoregulering en maatschappelijke belangen te laten afwegen in zaken zoals de Urgendazaak, is in feite een vraag om rechterlijk activisme. Rechterlijk activisme achteraf is niets nieuws onder de aansprakelijkheidsrechtelijke zon. Om individuele slachtoffers tegemoet te komen zijn rechters (heel) ver gegaan om de grenzen van onder meer verjaring en het causale verband aanzienlijk op te rekken. Thans ligt de vraag voor of een rechter vooraf, waar maatschappelijke belangen en soms catastrofale risico’s op het spel staan, zich activistisch moet opstellen. Gezien de opkomst van organisaties, zoals het recent opgericht Public Interest Litigation fonds van het NJCM en het We the People-platform, die nadrukkelijk de civiele rechter willen gaan inschakelen en de Urgendazaak, is het een kwestie van tijd alvorens de rechter zich moet buigen over die vraag. De rechterlijke macht doet er daarom goed aan om op fundamenteel niveau na te denken over de maatschappelijke, juridische en rechtspolitieke gevolgen van activisme en de grenzen van zijn capaciteiten om een activistische rol in te nemen.
Democratie, rechtsstaat en de rechten van toekomstige generaties
Femke Wijdekop
Nu de urgentie van het klimaatprobleem toeneemt en milieurampen aan de orde van de dag zijn, werken juristen wereldwijd aan nieuwe oplossingen om de aarde en haar (toekomstige) bewoners te beschermen. In dit artikel wordt een drietal publiekrechtelijke initiatieven besproken die erop gericht zijn de rechten van toekomstige generaties op een gezond en schoon leefmilieu te honoreren in de democratische rechtsstaat. Maar eerst wordt aandacht besteed aan de theoretische onderbouwing van de inclusie van de rechten van toekomstige generaties in de democratische rechtsstaat en de huidige stand van zaken om in rechte op te komen voor de belangen van deze generaties.
Naar een gezamenlijke aanpak van geweld tegen werknemers in de GGZ
Joke Harte, Bernice de Ruijter, Ko Hummelen, Gerard de Haas, Yvo van Kuijck en Kees Lemke
Werknemers in de psychiatrie ondervinden op de werkvloer veel agressie en geweld. Zowel binnen als tussen de verschillende betrokken partijen - GGZ, politie en OM - bestaat er verschil van mening over de reactie die op dergelijk geweld zou kunnen of zou moeten volgen. Landelijk beleid ten aanzien van geweld tegen hulpverleners in het algemeen blijkt onvoldoende aanknopingspunten te bieden. Terwijl ernstig geweld in de psychiatrie niet onbeantwoord mag blijven. Het blijkt echter vaak onduidelijk welke partij wanneer aan zet is en actie moet ondernemen. Praktische oplossingen lijken vooral gezocht te moeten worden in lokale samenwerkingsverbanden. Op diverse locaties in Nederland zijn inmiddels convenanten en samenwerkingsverbanden ontwikkeld en wordt er ervaring opgedaan met de werkzaamheid van deze afspraken. Daar waar dergelijke convenanten en afspraken (nog) niet zijn gemaakt lijkt er een taak te liggen voor de GGZ-instellingen om hiertoe het initiatief te nemen.
Reactie
Johan Legemaate
Reactie op Meer (toe)zicht op toetsing euthanasie dringend gewenst
Naschrift
Aart Hendriks
12 juni 2014
TijdschriftNJB 19 (2014)
Meer (toe)zicht op toetsing euthanasie dringend gewenst
Aart Hendriks
Euthanasie en hulp bij zelfdoding zijn tot op de dag van vandaag strafbaar in Nederland. Een arts hoeft evenwel niet voor strafrechtelijke vervolging te vrezen indien hij of zij zich aan de wettelijke zorgvuldigheidseisen houdt. Regionale toestingscommissies (RTE’s) toetsen iedere euthanasiemelding aan deze eisen uit de euthanasiewet (WTL). De evaluatie in 2012 over het functioneren van de RTE’s signaleerde een aantal zaken die voor verandering vatbaar zijn. Oplossingen die leiden tot verbeteringen in ondermeer een transparante werkwijze alsmede eenduidige en snellere oordelen moeten bij voorkeur worden gevonden binnen de grenzen van het huidige wettelijke systeem. De voorstellen hiertoe van de Minister van Volksgezondheid in samenspraak met haar collega van Veiligheid en Justitie vormen een stap in de goede richting. Maar meer structurele aanpassingen zijn noodzakelijk voor het behoud van vertrouwen in het huidige euthanasiesysteem.
Uittreding van Nederland uit de EU
Kees Groenendijk
Op 6 februari 2014 publiceerde de PVV het rapport Nexit, assessing the economic impact of the Netherlands leaving the European Union over de gevolgen van een vertrek van Nederland uit de EU. Dat rapport werd door het bureau Capital Economics Ltd. te Londen in opdracht van de PVV maar op kosten van de Tweede Kamer ( 260.000) geschreven. Volgens Wilders bracht dit rapport ‘het beste nieuws in jaren’. Het realiteitsgehalte van het korte hoofdstuk over immigratie in dat rapport (p. 44-48) wordt in deze bijdrage beoordeeld.
Over soevereiniteit en Europese integratie
Jan Willem van Rossem
In het debat over Europa gaat het veelvuldig over soevereiniteit. Maar wordt het begrip soevereiniteit in dat debat wel altijd op een zuivere manier gebruikt? Auteur meent van niet. En dat is jammer. Want die onzuiverheid is funest voor het debat over Europa.
In Memoriam: Jan Leijten (1926-2014)
Fred Hammerstein en Jan Vranken
15 mei 2014
TijdschriftNJB 8 (2014)
Constitutionele toetsing in de West
Roel Schutgens en Joost Sillen
Sint Maarten het kleinste en minst bevolkte land van het Koninkrijk kent een heus constitutioneel hof. Op 8 november 2013 wees dit Hof zijn eerste arrest. Dit heeft niet alleen curiositeitswaarde maar is voor Nederlandse juristen ook om inhoudelijke redenen interessant. Het arrest geeft een idee hoe constitutionele toetsing in Nederland eruit zou kunnen zien. Bovendien formuleert het Hof enkele interessante ‘uitgangspunten’ die het bij de uitoefening van zijn toetsingsbevoegdheid in acht zal nemen. Tot slot beantwoordt het arrest rechtsvragen waarover ook de Nederlandse rechter zich mogelijk nog zal moeten buigen, zoals de vraag naar de verenigbaarheid van levenslange gevangenisstraf met het EVRM.
Digitale inhoud en consumentenkooprecht
Evert Neppelenbroek
Met de voorgestelde wijze van implementatie van de Europese Richtlijn consumentenrechten worden de bepalingen over consumentenkoop grotendeels van toepassing op digitale inhoud die niet op materiële dragers wordt geleverd. Hiermee lijkt het consumentenkooprecht van toepassing te worden op alle overeengekomen leveringen van digitale inhoud. Vanuit de literatuur, belangenorganisaties en vervolgens de Eerste Kamer is kritisch gereageerd op de onhanteerbaarheid van een dergelijke bepaling. Met een kleine aanpassing van het implementatievoorstel kan aan alle ter berde gebrachte bezwaren tegemoet worden gekomen.
Leugens in de gehandicaptenzorg
Marijke Malsch
Van oudsher kende Nederland een goede institutionele zorg voor gehandicapten met zo’n 100 zorginstellingen. In de jaren negentig is hier verandering in gekomen met de invoering van het, uit het buitenland en vanuit de psychiatrie overgewaaide, concept van ‘community care’. Gehandicapten zouden moeten integreren in de samenleving en zelfstandig moeten wonen in reguliere woonwijken. Prachtig gelegen instellingen voerden met dit beleid als onderliggend motief een uitzettingsbeleid van gehandicapten teneinde hun terrein voor andere (winstgevender) doeleinden open te kunnen stellen. Nu het idee van community care een mislukking is gebleken, de financieel-economische crisis tot een bouwstop heeft geleid en talloze onderzoeken vraagtekens zetten bij de naleving van de Wet Toelating Zorginstellingen in het bijzonder bij het vereiste leefwensenonderzoek is het hoog tijd voor een politieke ommezwaai.
Mag een spermadonor bepalen wie zijn zaad krijgt?
Aart Hendriks
Begin dit jaar bracht het kersverse College voor de rechten van de mens advies uit over de vraag of spermabanken discrimineren als zij bij het ter beschikking stellen van donorzaad rekening houden met de wensen van de donor. Die wensen liggen onder meer op het gebied van gezinssamenstelling, fysieke kenmerken, gedrag, opleiding en religieuze achtergrond van de ontvangers van zijn zaad. Dat enkele spermabanken hun leveranciers terwille zijn, vormt de aanleiding voor dit advies. Waar het College zich op de kaart had kunnen zetten komt het jammer genoeg met een advies vol onbevredigende antwoorden en gemiste kansen. Want hoe zit het bijvoorbeeld met de preferenties van de ontvangende partij?
De onzichtbare cassatieschriftuur
Daan Doorenbos
Waarom wordt de schriftuur waarmee het debat voor de Hoge Raad wordt ingeleid en waarin de rechtsvragen worden opgeworpen waarover de AG en de Strafkamer zich vervolgens uitlaten, niet meegenomen in de publicatie van het arrest? Een arrest kan werkelijk beter worden begrepen wanneer zichtbaar is hoe de klacht(en) waarop wordt beslist luidde(n).
27 februari 2014