De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft aan A-G Snijders gevraagd om een aanvullende conclusie te nemen over het vertrouwensbeginsel. In een conclusie van 21 augustus 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:3420) overwoog de A-G dat iemand recht heeft op vergoeding van zogenoemde dispositieschade als die heeft vertrouwd op een toezegging van een bestuursorgaan, maar dat bestuursorgaan dat vertrouwen niet kan honoreren en aan andere, zwaarder wegende belangen voorrang geeft.
De grote kamer van de Afdeling kwam in de zaak die tot deze conclusie leidde, uiteindelijk tot het oordeel dat er geen sprake was van een opgewekt vertrouwen (ECLI:NL:RVS:2025:213). Aanleiding voor de aanvullende conclusie is een nieuwe zaak waarin het gaat om een dwangsom die het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft opgelegd aan een bedrijf. Het bedrijf heeft woningen gebouwd en heeft daarbij het binnenterrein gebruikt voor de aanleg van parkeerplaatsen. Volgens het college zijn de parkeerplaatsen in strijd met het bestemmingsplan. De vraag is of het college gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt dat het binnenterrein als parkeerterrein mocht worden gebruikt.
Bron: www.raadvanstate.nl