TK 2014/15, 34 154 Kinderalimentatie

Initiatiefwetsvoorstel (17-02-2015) van de leden Recourt en Van der Steur tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en van enige andere wetten in verband met de herziening van het stelsel van kinderalimentatie (Wet herziening kinderalimentatie)

Bij het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) zijn in 2013 12.867 verzoeken binnen gekomen om te helpen bij het innen van de kinderalimentatie. De initiatiefnemers maken uit deze cijfers op dat de maatschappelijke bereidheid tot de betaling van kinderalimentatie sterk afneemt. De manier waarop de alimentatie wordt berekend, wordt gezien als één van de oorzaken hiervan. De initiatiefnemers willen met dit initiatiefwetsvoorstel de berekeningsmethodiek voor kinderalimentatie wettelijk verankeren. Daarbij wensen zij de in het algemeen door de rechterlijke macht gebruikte berekening welke niet in de wet is vastgelegd, te vereenvoudigen en transparanter te maken zodat ouders zelf in staat zijn de berekening te maken. De duur van de kinderalimentatie wordt beperkt tot 18 jaar, tenzij het kind studeert of naar school gaat, dan ontstaat een recht op kinderalimentatie tot 23 jaar.
Ten aanzien van ouders die een volgende relatie aangaan, wordt voorgesteld om de stiefouder geen financiële verplichting op te leggen voor de stiefkinderen. Daarnaast zullen financiële verplichtingen voor kinderen uit een eerdere relatie niet aangepast worden als er financiële verplichtingen ontstaan jegens kinderen die later met een andere ouder zijn verwekt. Ook zullen ouders een minimumbedrag aan het levensonderhoud van hun kinderen moeten besteden, iets wat nu niet zo is.
Co-ouderschap zou naar de mening van de initiatiefnemers als uitgangspunt moeten worden geaccepteerd, uitzonderingen daargelaten. Co-ouderschap zal effect hebben op de hoogte van de kinderalimentatie, omdat in onderhavig initiatiefwetsvoorstel bij de berekening daarvan mede wordt uitgegaan van het aantal nachten dat de kinderen bij ieder van de ouders verblijven. Hierdoor is de te betalen kinderalimentatie herkenbaar.
De initiatiefnemers laten de grondslag, zoals die is neergelegd in artikel 1:397 lid 1BW, ongewijzigd. Dat houdt in dat nog steeds wordt uitgegaan van de behoefte van het kind en de draagkracht van de ouders. De expertgroep alimentatienormen gaat bij het bepalen van de behoefte uit van het welvaartsniveau waarvan het kind voor de scheiding heeft genoten. De initiatiefnemers zijn van mening dat dit in veel gevallen op het moment van de scheiding niet realistisch is. Door de extra lasten die ouders na scheiding moeten dragen is het op dat moment handhaven van het welvaartsniveau op het niveau van voor de scheiding veelal onhaalbaar. Voorgesteld wordt om in dat geval de behoefte voor dat moment te beperken tot de totale beschikbare draagkracht van de ouders. Indien de beschikbare draagkracht van de ouders in de toekomst toeneemt, kan vanaf dat moment extra in de behoefte van het kind worden voorzien en het oude welstandsniveau verder worden hersteld.
Ouders zijn vrij om andersluidende afspraken te maken ten gunste van het kind, mits het uitgangspunt van die afspraken binnen de bandbreedte van de wet blijven.


Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.