TK 2016/17, 34 641 Geweldsaanwending opsporingsambtenaar

Wetsvoorstel (22-12-2016) tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met het opnemen van een specifieke straf­uitsluitings­grond voor opsporingsambtenaren die geweld hebben gebruikt in de rechtmatige uitoefening van hun taak en een straf­baar­stelling van schending van de gewelds­instructie en wijziging van het Wetboek van Strafvordering in verband met het opnemen van een grondslag voor het doen van straf­rechtelijk onderzoek naar geweld­gebruik door opsporings­ambtenaren (gewelds­aanwending opsporings­ambtenaar)

—Dit voorstel van wet introduceert een wettelijk kader voor de beoordeling van gewelds­aanwendingen door opsporings­ambtenaren. Het voorziet daartoe in twee nieuwe bepalingen in het Wetboek van Strafrecht en een nieuwe bepaling in het Wetboek van Strafvordering. Ten eerste wordt voorgesteld in het Wetboek van Strafrecht expliciet een specifieke straf­uitsluitings­grond op te nemen voor opsporings­ambtenaren die geweld hebben toegepast in de rechtmatige uitoefening van hun taak en daarbij hebben gehandeld overeenkomstig de geldende regels. Daarbij kan in het bijzonder gedacht worden aan de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporings­ambtenaren (de Ambtsinstructie). Dit verduidelijkt de speciale positie die de opsporings­ambtenaar inneemt. Als het op het aanwenden van geweld aankomt, komt het aangewezen voor de regels die voortvloeien uit de toegekende gewelds­bevoegdheid in het afwegingskader voor de straf­uitsluitings­grond centraal te stellen. Juist op dat punt verschilt immers de beoordeling van de gewelds­aanwending met de beoordeling van toegepast geweld door personen die geen gewelds­bevoegdheid hebben.

Ten tweede voorziet het voorstel in een strafbaarstelling van overtreding van de gewelds­instructie. Het huidige Wetboek van Strafrecht kent voor die vervolging geen andere strafbepalingen dan de algemene gewelds­delicten. Deze strafbepalingen zijn echter niet altijd passend, met name omdat die er van uit gaan dat het gebruik van geweld verboden is terwijl dit juist bij opsporings­ambtenaren (onder voorwaarden) wel is toegestaan. Voorgesteld wordt in het Wetboek van Strafrecht een delict­omschrijving te introduceren, inhoudende de strafbaarstelling van schending van de gewelds­instructie, wanneer dit aan de schuld van de opsporings­ambtenaar te wijten is. Onder gewelds­instructie wordt verstaan de algemeen verbindende voorschriften die tot de ambtenaar gerichte instructies bevatten omtrent het gebruik van geweld. De strafbaarstelling is geformuleerd als een gevolgsdelict, waarbij er een causaal verband moet zijn tussen het schenden van de geweld­sinstructie en het ingetreden gevolg en de strafmaat toeneemt naarmate het gevolg van het feit ernstiger is.

Ten derde wordt voorgesteld in het Wetboek van Strafvordering een wettelijk kader op te nemen waarbinnen met toepassing van opsporings­bevoegd­heden onderzoek kan worden gedaan naar gebruik van geweld door een opsporings­ambtenaar, zonder dat de betrokken opsporings­ambtenaar als verdachte van een strafbaar feit hoeft te zijn aangemerkt. Het gaat dan om de gevallen waarin er geen redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit is. Dit neemt natuurlijk niet weg dat dit vermoeden naar aanleiding van het feitenonderzoek alsnog kan ontstaan, zodat de betrokken opsporings­ambtenaar in een later stadium toch als verdachte zal worden aangemerkt en het onderzoek over gaat in een regulier opsporings­onderzoek.


Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.