Stb. 2015, 50 Wet studievoorschot

Wet van 21-01-2015, Stb. 2015, 50

Wet tot wijziging van onder meer de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de introductie van een nieuw stelsel van studiefinanciering in het hoger onderwijs en de uitvoering van een toekomstgerichte onderwijsagenda voor het hoger onderwijs (Wet studievoorschot hoger onderwijs)

—Deze wet betreft een hervorming van het studiefinancieringsstelsel in het hoger onderwijs. De basisbeurs verdwijnt, en maakt plaats voor een sociale leenvoorziening die de overheid voor alle studenten ter beschikking stelt: het studievoorschot. Studenten kunnen het gewenste bedrag lenen tegen een voordelige rente en hoeven na hun afstuderen nooit meer dan 4% van hun meerinkomen in te zetten voor aflossing. De terugbetaaltermijn wordt verlengd naar 35 jaar. Oud-studenten die het wettelijk minimumloon verdienen of minder, hoeven niet terug te betalen. De aanvullende beurs wordt verhoogd voor die studenten van wie de ouders niet genoeg verdienen om hun aandeel (volledig) bij te kunnen dragen aan de studie. Deze beurs wordt voor de laagste inkomensgroepen significant hoger dan de huidige aanvullende beurs, zodat deze studenten in beginsel niet meer studievoorschot nodig hebben dan hun leeftijdsgenoten met ouders die een hoger inkomen hebben. Studenten die een functiebeperking hebben en daardoor studievertraging oplopen, kunnen aanspraak maken op een nieuwe voorgestelde tegemoetkomingsregeling, naast de mogelijkheden die er ook nu al voor hen zijn. De ov-kaart blijft onderdeel van het stelsel van studiefinanciering. Studenten kunnen zo blijven reizen naar de studie of stage van hun keuze, zonder dat de afstand een beperkende factor vormt door bijkomende kosten. Onderwijsinstellingen worden hiermee ondersteund in hun beweging naar meer samenwerking en naar meer profilering en specialisatie van individuele instellingen of locaties. Ook minderjarige studenten die een opleiding in het mbo volgen, krijgen recht op de reisvoorziening; het is voor hen immers evengoed van belang om een opleiding of stage te volgen die het beste bij hen past, zonder dat zij in hun keuze beperkt worden door hoge reiskosten. Met deze hervorming van het studiefinancieringsstelsel, komen er middelen vrij op de rijksbegroting om extra te investeren in de kwaliteit van het hoger onderwijs en aan onderwijs gerelateerd onderzoek. Deze wet  betreft - blijkens de memorie van toelichting - geen bezuinigingsmaatregel, maar een stelselwijziging die onder meer tot doel heeft geld te investeren in de kwaliteit van het hoger onderwijs.

Inwerkingtreding op een bij kb te bepalen tijdstip, m.u.v. artikel I, onderdelen AQ, subonderdeel 1, en BE, subonderdeel 1, die in werking treden m.i.v. 11-02-2015 en terug werken tot en met 01-09-2010, en artikel I, onderdeel CQ, dat in werking m.i.v. 11-02-2015 en terug werkt tot en met 01-01-2015.


Inwerkingtreding

Inwerkingtredingsbesluit van 30-01-2015, Stb. 2015, 51

Besluit houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet studievoorschot hoger onderwijs

—De verschillende onderdelen en artikelen van de wet treden op verschillende momenten in werking; zie het besluit zelf. Grofweg treden de onderdelen die samenhangen met de op 01-01-2015 in werking getreden Wet hervorming kindregelingen en met de voor DUO vereenvoudigde vaststelling van het rente peilmoment, in werking op 05-03-2015. Op 01-07-2015 treden de wijzigingen in de fiscaliteit in werking. Met ingang van studiejaar 2015/16 dat voor het mbo begint op 1 augustus en voor het hbo en wo op 1 september, treedt het gros van de bepalingen van de Wet studievoorschot hoger onderwijs in werking. Op 01-01-2016 treden nog enkele vereenvoudigingen in de uitvoering door DUO in werking. Het betreft de toekenning met terugwerkende kracht, de versoepeling van de peiljaarverlegging en de afschaffing van de partnertoeslag. De aanvullende beurs wordt verhoogd voor ho-studenten die te maken krijgen met het studievoorschot. In studiejaar 2015/16 wordt dat vanwege de uitvoerbaarheid gedaan door middel van een overgangsregeling; per 01-09-2016 wordt de definitieve nieuwe berekeningswijze ingevoerd. De wijzigingen die op 01-01-2017 in werking treden betreffen de invoering van de reisvoorziening voor minderjarige mbo-studenten. Met ingang van studiejaar 2017/18 dat voor het mbo begint op 1 augustus en voor het hbo en wo op 1 september, treden de bepalingen rond het levenlanglerenkrediet in werking.


Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.