Stb. 2016, 554 Veilige gaswinning

Wet van 21-12-2016, Stb. 2016, 554 en inwerkingtredingsbesluit van 21-12-2016, Stb. 2016, 558

Wet tot wijziging van de Mijnbouwwet (versterking veiligheidsbelang mijnbouw en regie opsporings-, winnings- en opslagvergunningen)

— De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft op 18 januari 2015 gerapporteerd over de aardbevingsrisico’s in Groningen en naar aanleiding daarvan diverse aanbevelingen gedaan (Kamerstukken II 2014/15, 33 529, nr. 123). In reactie op het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) heeft het kabinet aangekondigd dat zij alle aanbevelingen van de OVV overneemt. In de kabinetsreactie (Kamerstukken II 2014/15, 33 529, nr. 143) is een wijziging van de Mijnbouwwet aangekondigd.

Deze wet is de uitwerking van deze toezegging. De wet beoogt de Minister van EZ meer regie te geven waar het gaat om belangrijke beslissingen op het gebied van Mijnbouw. Daarnaast beoogt de wet de positie van het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) te versterken, mede naar aanleiding van de aanbevelingen van de OVV. In de wet is verder een eerder ingetrokken wetsvoorstel tot wijziging van de Mijnbouwwet met betrekking tot de regels voor afsplitsing betreffende vergunningen voor koolwaterstoffen die voor 1965 zijn verleend (Kamerstukken II 2014/15, 34 092 nr. 1, nr. 2 en nr. 3) opgenomen. Dit is bij de intrekking aangekondigd (Kamerstukken II 2014/15, 34 092 nr. 7)

Verder is van de gelegenheid gebruik gemaakt om een tweetal andere onderwerpen te regelen. Het gaat om een aanvulling op de mogelijkheid om kosten van het verlenen van vergunningen en kosten van toezicht door te berekenen aan mijnbouwbedrijven en gasnetbeheerders en een aanpassing van de bijlage van de Mijnbouwwet voor de aanwijzing van de driemijlszone op zee, onder andere in verband met de aanleg van de Tweede Maasvlakte.

Concreet zijn in de wet (onder meer) de volgende maatregelen neergelegd. In de eerste plaats wordt omvat de wet, mede ter invulling van de motie van Tongeren c.s. uit 2013. (Kamerstukken II 2013/14, 33 750 XII, nr. 90), een aanvulling van de afwijzingsgronden voor opsporings- en winningsvergunningen en opslagvergunningen. Daarbij kan ook rekening worden gehouden met de wijze van winning. Het veiligheidsbelang krijgt een meer expliciete plaats bij de vergunningverlening. Veiligheid wordt een expliciet punt van afweging bij het verlenen van opsporings-, winnings- en opslagvergunningen en de Minister krijgt meer mogelijkheden om hierop in een vroeg stadium al regie te voeren. Ook wordt de mogelijkheid uitgebreid om beperkingen en voorschriften te verbinden aan opsporings- en winningsvergunningen en opslagvergunningen, evenals de mogelijkheid om opsporings- of winningsvergunningen en opslagvergunningen aan te passen of in te trekken. Daarnaast kunnen aanvragen voor opsporings- en winningsvergunningen en opslagvergunningen worden afgewezen op grond van ruimtelijke afwegingen gebaseerd op de Structuurvisie Ondergrond. De basis hiervoor wordt in deze wet gelegd, de uitwerking vindt plaats in uitvoeringsregelgeving. Verder moeten provincies, gemeenten en waterschappen voortaan om advies worden gevraagd bij het instemmen met winningsplannen of het wijzigen daarvan. Dit geldt ook voor plannen om olie, gas of CO2 in de ondergrond op te slaan. Bij alle wijzigingen, dus ook die van ondergeschikte aard, waarbij het belang van de veiligheid voor omwonenden of het voorkomen van ernstige schade aan gebouwen of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan in het geding kan zijn, zal de uitgebreide voorbereidingsprocedure moeten worden toegepast. Op die wijze zullen burgers ook bij deze besluiten meer rechtstreeks worden betrokken.

Wat betreft de versterking van het toezicht wordt, mede in navolging van de aanbevelingen van de OVV, de positie van SodM versterkt door de taken van SodM expliciet vast te leggen en deze bevoegdheden op te dragen aan de inspecteur-generaal der mijnen, die aan het hoofd staat van SodM.

Bij amendement is onder meer vastgelegd dat grondeigenaren recht hebben op een vergoeding voor het gebruik van hun grondgebieden, dat geen omgevingsvergunningen meer worden verleend voor het oprichten van mijnbouwwerken voor het opsporen of winnen van delfstoffen op de Waddeneilanden, in de aangewezen Natura 2000-gebieden Waddenzee en Noordzeekustzone, in het aangewezen wereld-erfgoedgebied Waddenzee en het op grond van de Wro aangewezen gebied Waddenzee en dat in het gebied boven de Noordzeekustzone slechts omgevingsvergunningen worden verleend als medegebruik van een bestaand mijnbouwplatform niet mogelijk is en zichthinder is geminimaliseerd. Ook is er een amendement aangenomen dat dat regelt dat een mijnbouwbedrijf moet voorkomen dat schade optreedt aan gebouwen en infrastructurele werken en niet slechts ‘ernstige’ schade en een dat regelt dat het belang van leveringszekerheid alleen kan worden toegepast bij beperkingen of voorschriften van het winningsplan, of bij het wijzigen van beperkingen en voorschriften van het winningsplan, voor zover dat het belang van de veiligheid van omwonenden, of het voorkomen van schade aan gebouwen of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan, niet in de weg staat.

Inwerkingtreding m.i.v. 01-01-2017.


Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.