Stb. 2012, 315 Politiewet 2012

Wet van 12-7-2012, Stb. 2012, 315 en inwerkingtredingsbesluit van 12-7-2012, Stb. 2012, 317

Deze wet betreft de invoering van een nationaal politiebestel door middel van een nieuwe politiewet

—Er komt één landelijk politiekorps. Het doel van de wet is de organisatie van de politie beter toe te rusten op het veiliger maken van Nederland en het geven van meer ruimte voor de professionaliteit van de politie. De wijzigingen betreffen voornamelijk het bestuur en in het bijzonder het beheer van de politie, waarbij een vereenvoudiging van de beleids- en beheerscyclus en een vermindering van de bestuurlijke drukte worden bewerkstelligd. De minister van Veiligheid en Justitie wordt verantwoordelijk voor het beheer van de nationale politie. De bestaande regeling van het gezag en de taken en bevoegdheden van de politie blijven ongemoeid.

Met de nieuwe regeling wordt de eenheid van de politie versterkt. Die grotere eenheid zal moeten leiden tot een efficiënter en effectiever opererende politie die meer tijd kan besteden aan haar operationele taken en daarmee tot een betere politiezorg. Voorts wordt een beter democratisch ingebedde politieorganisatie beoogd. De wet voorziet in de oprichting van één landelijk politiekorps met rechtspersoonlijkheid. Het nationale korps plaatst een tiental hoogwaardige korps eenheden dat belast is met de uitvoering van de politietaak op regionaal niveau en één of meer op landelijk niveau. Het betreft door hun omvang robuuste eenheden die een steviger basis voor de specialistische politietaken bieden. De regionale eenheden zullen zorg dragen voor de uitvoerende politietaken (bijvoorbeeld basispolitiezorg, opsporing) in hun gebied. Zij doen dat niet autonoom, maar binnen de context van het landelijk korps. De grenzen van deze regionale eenheden zijn congruent aan de grenzen van de herziene gerechtelijke kaart. De landelijke eenheden worden belast met de uitvoering van de politietaak, zoals thans de nationale recherche. Met de toedeling van de uitvoerende politietaken naar de landelijke respectievelijk de regionale eenheden wordt tevens gekomen tot herinrichting van de vele (meer dan 100) bovenregionale samenwerkingsverbanden in het regionale politiebestel. De leiding van het landelijke korps wordt opgedragen aan een korpschef, die daarmee ook het boegbeeld is van de Nederlandse politie. De korpschef wordt belast met het beheer en de leiding van de politie. De nationale politie kent op regionaal niveau geen zelfstandige onderdelen met eigen bevoegdheden op het terrein van beheer. Daarmee worden de regionale korpsbeheerders en de regionale colleges overbodig. Op regionaal niveau zal er wel structureel overleg plaatsvinden tussen de gezagsdragers over de politie.

Inwerkingtreding m.i.v. 1-1-2013.
 

Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.