Stb. 2015, 123 Opkomstdrempel en horizonbepaling referendum

Wet van 10-03-2015, Stb. 2015, 123 

Wet tot wijziging van de Wet raadgevend referendum houdende opneming van twee bepalingen: een opkomstdrempel en een horizonbepaling

—Tijdens de plenaire behandeling op 8 april 2014 van het voorstel van wet, houdende regels inzake het raadgevend referendum (Wet raadgevend referendum) heeft de Eerste Kamer de initiatiefnemers (de leden Fokke, Voortman en Schouw) verzocht om door middel van een nieuw wetsvoorstel te voorzien in twee aanvullingen op het wetsvoorstel Wet raadgevend referendum. Die wet is inmiddels aangenomen door de Staten-Generaal. De initiatiefnemers hebben zich bij brief d.d. 10 april 2014 (Kamerstukken I 2013/14, 30 372, Gbereid getoond de twee besproken aanvullingen te verwerken in de Wet raadgevend referendum door hieromtrent een reparatiewet aanhangig te maken. De onderhavige wet dient om die toezegging gestand te doen.

Met deze wet wordt de Wet raadgevend referendum (Stb. 2015, 122) aangevuld met een opkomstdrempel en een horizonbepaling.

Wat betreft de hoogte van de opkomstdrempel: deze mag aan de ene kant niet zo laag zijn dat de facto nauwelijks een drempel wordt opgeworpen. Daarmee zou de toezegging aan de Eerste Kamer niet gestand worden gedaan. Aan de andere kant zijn de initiatiefnemers van mening dat een dergelijke drempel de mogelijkheid van een geldige uitslag van een raadgevend referendum niet feitelijk onmogelijk mag maken. Bovendien zou een te hoge drempel afbreuk doen aan het adviserend karakter van de uitkomst van het raadgevend referendum. Alles overwegende menen de initiatiefnemers dat voorzien zou moeten worden in een opkomstdrempel van 30% van de kiesgerechtigden. Met deze drempel wordt de uitslag van het raadgevend referendum geldig als een meerderheid zich in afwijzende zin tegen een wet heeft uitgesproken en tevens tenminste 30% van de kiesgerechtigden een stem heeft uitgebracht.

De tweede aanvulling betreft het naast elkaar bestaan van twee verschillende referendumwetten. De huidige Wet raadgevend referendum voorziet niet in een horizonbepaling. Vanuit de Eerste Kamer werd de wens geuit om te waarborgen dat de Wet raadgevend referendum vervalt op het moment dat het (grond)wettelijk mogelijk is een bindend correctief referendum te houden. Gehoord de wens vanuit de Eerste Kamer willen de initiatiefnemers in de Wet raadgevend referendum een zogenoemde horizonbepaling opnemen die inhoudt dat die wet komt te vervallen op het moment dat het correctief referendum daadwerkelijk gehouden kan worden. Dat is het geval zodra het voorstel tot wijziging van de Grondwet inzake het correctief referendum (na de tweede lezing) en de noodzakelijke uitvoeringswetgeving, met inbegrip van de wetgeving waarin de hoogte van de in het grondwetsvoorstel genoemde drempels wordt bepaald, in werking zijn getreden.

Inwerkingtreding m.i.v. 01-07-2015.
 

Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.