Stb. 2011, 426 Op afstand uitleesbare meetinrichtingen

Besluit van 23-9-2011, Stb. 2011, 426

Besluit tot wijziging van het besluit van 8 augustus 2011, houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van enkele onderdelen van de wet van 26 februari 2011 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter verbetering van de werking van de elektriciteitsen gasmarkt (Stb. 2011, 130) en houdende de toepassing van artikel 37 van de Wet implementatie EG-richtlijnen energie-efficiëntie (Stb. 2011, 384)

—In dit besluit wordt geregeld dat artikel 26ad, achtste lid, van de Elektriciteitswet 1998 en artikel 13, achtste lid, van de Gaswet niet in werking treden. In deze bepalingen is geregeld dat bij ministeriële regeling de hoogte van de vergoeding wordt vastgelegd die een netbeheerder betaalt aan een derde indien deze derde er zorg voor draagt dat een afnemer beschikt over een op afstand uitleesbare meetinrichting. Uit onderzoek van KEMA volgen onder meer aanwijzingen dat plaatsing door derden risico’s met zich meebrengt op het gebied van veiligheid van de meetinfrastructuur, waardoor de netbeheerder extra kosten zou moeten maken. Plaatsing van meters door derden blijft wel mogelijk, omdat artikel 26ad, zevende lid, van de Elektriciteitswet 1998 en artikel 13d, zevende lid, van de Gaswet wel in werking zal treden. In de praktijk betekent dit dat netbeheerders en eventuele derden in dat geval in overleg tot een overnamevergoeding moeten komen.


Inwerkingtreding

Inwerkingtredingsbesluit van 19-11-2014, Stb. 2014, 453

Besluit houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van enkele onderdelen van de Elektriciteitswet 1998, de Gaswet en het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen en het vervallen van enkele onderdelen van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet

De in dit besluit genoemde artikelen gaan over de plaatsing van op afstand uitleesbare meetinrichtingen gedurende de grootschalige uitrol. De uitrol vindt plaats vanaf januari 2015 en resulteert op 31 december 2020 in een situatie waarin aan alle kleinverbruikers een op afstand uitleesbare meetinrichting ter beschikking is gesteld. De artikelen I, onderdeel J, artikel 26ae van de Elektriciteitswet 1998, en artikel II, onderdeel E, artikel 13e van de Gaswet, van de Wet van 26 februari 2011 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter verbetering van de werking van de elektriciteitsen gasmarkt (Stb. 2011, 130) treden in werking met ingang van 01-01- 2015.

De artikelen 26ad van de Elektriciteitswet 1998 en 13d van de Gaswet vervallen met ingang van 01-01-2015. De artikelen 4, derde lid, en 5, derde lid, van het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen (Stb. 2011, 426) treden in werking met ingang van 01-01-2015 en artikel 5, eerste lid, onderdeel c, van dat besluit treedt in werking met ingang van 01-07-2016.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.