Stb. 2010, 242 Meervoudige nationaliteit en ontneming Nederlanderschap

Rijkswet van 17-6-2010, Stb. 2010, 242

Wet tot wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap met betrekking tot meervoudige nationaliteit en andere nationaliteitsrechtelijke kwesties

—De Rijkswet bevat een aantal wijzigingen van de Rijkswet op het Nederlanderschap. De regels met betrekking tot het afstand doen van de nationaliteit van het land van herkomst worden aangepast: de vreemdeling die het Nederlanderschap door optie verkrijgt, dient in beginsel afstand te doen van de nationaliteit die voor hem in het dagelijkse leven juridisch geen rol meer speelt. De afstandsverplichting gaat hiermee ook gelden voor een aantal migranten van de tweede generatie. Daarnaast worden de regels met betrekking tot het verlies van de nationaliteit aangevuld. Het wordt mogelijk gemaakt het Nederlanderschap te ontnemen na een onherroepelijke veroordeling wegens een misdrijf waarbij de essentiële belangen van het Koninkrijk of één van zijn landen zijn geschaad, bijvoorbeeld na een veroordeling voor een terroristisch misdrijf. Ook de regels voor naturalisatie op de Nederlandse Antillen en Aruba worden aangescherpt door kennis van het Nederlands aldaar verplicht te stellen. Voorts wordt een voorziening voorgesteld die recht doet aan eerder gevoerde discussies over verkrijging van het Nederlanderschap door kinderen die voor 1 januari 1985 als kind van een Nederlandse moeder en een niet Nederlandse vader zijn geboren. De Rijkswet op het Nederlanderschap kent, zeker sinds haar fundamentele wijzigingen van 2003, een aantal hoofdregels. Zo beoogt de wet de meervoudige nationaliteit te beperken en eisen te stellen aan kennis van het Nederlands en de Nederlandse samenleving bij naturalisatie. Verder regelt zij het verlies van het Nederlanderschap bij het deelnemen aan gevechtshandelingen tegen het Koninkrijk of één van zijn landen in krijgsdienst bij een vijandelijke mogendheid. Deze hoofdregels hebben gemeenschappelijk dat zij de waarde van de relatie tussen het individu en de staat die door de nationaliteit wordt uitgedrukt een rechtsordelijke betekenis geven. De Nederlander is door rechten en plichten met de staat verbonden. Door deze wijzigingen wordt de werking van deze hoofdregels versterkt.
 

Inwerkingtreding

Inwerkingtredingsbesluit van 14-7-2010, Stb. 2010, 292

De Rijkswet op het Nederlanderschap met betrekking tot meervoudige nationaliteit en andere nationaliteitsrechtelijke kwesties treedt voor het belangrijkste deel in werking op 1 oktober 2010.

Amvb 

Besluit van 24-7-2010, Stb. 2010, 310

Besluit tot wijziging van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap en het Besluit naturalisatietoets in verband met de rijkswet van 17 juni 2010 tot wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap met betrekking tot meervoudige nationaliteit en andere nationaliteitsrechtelijke kwesties (Stb. 2010, 242)

—De bovengenoemde rijkswet gaf aanleiding tot wijzigingen van het Besluit verkrijging en verlies Nederlanderschap (BVVN) en het Besluit naturalisatietoets (BNT). Deze wijzigingen zijn opgenomen in deze algemene maatregel van rijksbestuur.

Inwerkingtreding voor het belangrijkste deel op 1-10-2010.
 

Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.