Stb. 2004, 336 Uitvoeringsrichtlijn auteursrecht

Wet van 6-7-2004, Stb. 2004, 336

Wet tot aanpassing van de Auteurswet 1912, de Wet op de naburige rechten en de Databankenwet ter uitvoering van richtlijn nr. 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PbEG L 167)

De implementatie van de richtlijn auteursrecht in de informatiemaatschappij is eindelijk een feit. De omzettingswetgeving die uiterlijk op 22 december 2002 klaar had moeten zijn, verscheen op 6 juli jl. in het Staatsblad (2004, 336). De inwerkingtreding geschiedt op een bij kb te bepalen tijdstip.

De richtlijn is bedoeld om ratificatie en toetreding door de Europese Gemeenschap en de lidstaten tot het Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake auteursrecht en het Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake uitvoeringen van kunstenaars en fonogrammen van 201201996 (de WIPO-verdragen), mogelijk te maken. De WIPO-verdragen, die zijn aangenomen door de Europese Gemeenschap en de lidstaten, maar ook door zeer veel andere bij de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom aangesloten landen, vormen een belangrijke actualisering van de internationale bescherming van het auteursrecht en de naburige rechten. Ze verklaren uitdrukkelijk het auteursrecht en de rechten van uitvoerende kunstenaars en fonogrammenproducenten van toepassing in de digitale omgeving. In de omzettingswetgeving werd gekozen voor een aanpassing die de systematiek en terminologie van de wetgeving (grotendeels) in stand houdt en geen wijzigingen voorstelt die verder gaan dan noodzakelijk voor het te bereiken doel. Voorts zijn er wijzigingen waarmee wordt ingespeeld op eerder gebleken maatschappelijke behoeften tot aanpassingen, met name vanwege de technologische ontwikkelingen, voorzover die passen in het kader van uitvoering van de richtlijn.

Exploitatierechten

De wijze waarop de exploitatierechten in de Auteurswet en de Wet op de naburige rechten is geregeld blijft bij het in werking treden van het wetsvoorstel grotendeels intact. De belangrijkste wijzigingen zijn:

Voor het interactief on demand aanbieden (beschikbaar stellen) van muziek is toestemming van de uitvoerende kunstenaar en fonogrammenproducent vereist. Op dit moment is dat niet het geval, mits er aan Sena een billijke vergoeding wordt betaald.

De regel van wereldwijde uitputting van het auteursrecht die speelt bij het openbaar maken van fysieke exemplaren, wordt gewijzigd in communautaire uitputting. Dat betekent dat door of met toestemming van de rechthebbenden binnen de Europese Unie op de markt gebrachte cd's, dvd's, cd-roms en ander door het auteursrecht beschermd materiaal vrij verhandeld kunnen worden. Tegen parallel-import, van buiten de Europese Unie, kunnen rechthebbenden zich evenwel succesvol verzetten. Daarvoor is toestemming van rechthebbenden vereist. Dat gold overigens al voor nabuurrechtelijke beschermd materiaal en auteursrechtelijk beschermde databanken en computersoftware.

Puur technische kopieën gemaakt in computers en computernetwerken vallen buiten de reikwijdte van het auteursrechtelijk verveelvoudigingsrecht en het nabuurrechtelijke reproductierecht. Computers en andere digitale apparatuur maken vaak automatisch een (technische) kopie van een bestand. Voorbeelden hiervan zijn het 'browsen', het willekeurig door digitaal aangeleverde informatie bladeren, en het 'cachen', het tijdelijk opslaan van bestanden op een computer teneinde de handelingssnelheid van de computer te vergroten. Voor het maken van technische kopieën is geen toestemming van de rechthebbende nodig. Dergelijke kopieën vallen niet onder het reproductierecht. Het gaat hierbij om: Reproducties van voorbijgaande of incidentele aard, die een integraal en essentieel onderdeel vormen van een technisch procédé, met als enig doel de doorgifte in een netwerk tussen derden door een tussenpersoon of rechtmatig gebruik mogelijk te maken. Bovendien mag de kopie geen zelfstandige economische betekenis hebben. De bepaling is van toepassing op berichten binnen een netwerk, zoals bijvoorbeeld geschiedt door een internet service provider, en berichten op een intranet, op personal computers en 'stand alone'-apparatuur. Met essentieel wordt niet alleen technisch essentieel bedoeld, maar ook economisch essentieel.

Beperkingen

De bescherming van prestaties en investeringen mag niet ten koste gaan van de toegankelijkheid van informatie. Ook in de digitale omgeving behoren zekere gebruikersvrijheden te gelden. Dat is in het belang van de ontwikkeling van de informatiemaatschappij.

Op het gebied van de wettelijke beperkingen zijn er de volgende wijzigingen:

De formuleringen van bestaande beperkingen inzake nieuwsvoorziening, actuele reportages, citeren, afbeeldingen van beeldhouwwerken en architectuur op openbare plaatsen, onderwijs, tentoonstellingscatalogi en gerechtelijke, bestuurlijke en administratieve procedures worden enigszins aangepast.

Er worden nieuwe beperkingen geïntroduceerd voor

  • raadpleging van beschermd materiaal binnen besloten netwerken van bibliotheken,
  • gebruik van beschermd materiaal voor humoristische doeleinden,
  • archief- en bewaringsdoeleinden en
  • incidentele verwerking van ondergeschikte betekenis.

Raadpleging van beschermd materiaal binnen besloten netwerken van bibliotheken

Een publiek toegankelijke instelling als een bibliotheek heeft als doel informatie voor een breed of minder breed publiek toegankelijk te maken door de mogelijkheid te geven de collectie te raadplegen in de lees- of studiezaal. Van bibliotheken en soortgelijke instellingen wordt verwacht dat men de nieuwe technologieën inzet om uitvoering te geven aan de hen opgedragen taken. Met de nieuwe technologieën neemt het gebruik van beschermd materiaal binnen netwerken in belang toe. De richtlijn laat toe dat beschermd materiaal via speciale terminals in de gebouwen van publiek toegankelijke bibliotheken, of musea en archieven voor onderzoek of privé-studie wordt medegedeeld aan of beschikbaar gesteld wordt voor individuele leden van het publiek, voorzover dat materiaal deel uitmaakt van de collectie van deze instellingen. Art. 15h Aw voorziet in de desbetreffende beperking.

Gebruik van beschermd materiaal voor humoristische doeleinden

Op grond van artikel 18b Aw is overnemen van beschermd materiaal toegestaan in het kader van een karikatuur, parodie of pastische. Het gebruik moet in overeenstemming zijn met maatschappelijke zorgvuldigheidsnormen zoals humoristische bedoeling, ontbreken concurrentiemotieven en ontbreken van verwarringsgevaar.

Archief- en bewaringsdoeleinden

Op grond van art. 16n Aw is archiveren, conserveren en preserveren van beschermd materiaal door bibliotheken, musea en archieven onder bepaalde voorwaarden en omstandigheden toegestaan. Zodoende wordt het behoud van het culturele erfgoed verzekerd.

Incidentele verwerking van ondergeschikte betekenis

Op grond van art. 18a is de incidentele verwerking van beschermd materiaal toegestaan mits deze van ondergeschikte betekenis is. Op grond van deze beperking is gebruik van beeldmateriaal, zoals een filmreportage waarbij terloops een winkelgevel, een reclame-uiting, een auto of een muurschildering in beeld komt, toegestaan zonder voorafgaande toestemming van rechthebbenden.

Verder wordt een nieuwe, mede op een digitale omgeving ingestelde beperking voor het privé-kopiëren geïntroduceerd.

Privé-kopiëren

De mogelijkheid een kopie van een werk voor eigen oefening, studie en gebruik te maken wordt gehandhaafd. In het huidige wettelijke stelsel is het maken van een privé-kopie toegestaan. Daaraan zijn wel twee voorwaarden verbonden, namelijk de privé-kopie wordt zonder commercieel oogmerk gemaakt en dient uitsluitend tot eigen oefening, studie of gebruik van degene die de reproductie vervaardigt.

Een voorbeeld van zo'n privé-kopie is het opnemen van een televisieprogramma om dit op een later tijdstip te kunnen bekijken. Het op Koninginnedag te koop aanbieden van het opgenomen televisieprogramma is echter niet toegestaan, omdat dit altijd met commercieel oogmerk gebeurt en niet tot eigen oefening, studie of gebruik dient van degene die het op 30 april te koop aanbiedt. De fabrikanten en importeurs van dragers die bestemd zijn om beeld en geluid vast te leggen, bijvoorbeeld een cd of videoband, betalen een billijke vergoeding ter compensatie van de belangen van rechthebbenden. Op dit moment wordt een vergoeding betaald bij blanco muziekcassettes, videobanden, cd's en dvd's. De detailhandel berekent de billijke vergoeding meestal door aan de consument. De billijke vergoeding wordt geïncasseerd en verdeeld door de krachtens de wet aangewezen Stichting de Thuiskopie. De hoogte van de vergoeding wordt vastgesteld door een eveneens krachtens de wet aangewezen stichting, de Stichting onderhandelingen thuiskopie (SONT). In die stichting hebben vertegenwoordigers van enerzijds rechthebbenden en anderzijds fabrikanten en importeurs zitting. De onderhandelingsstichting staat onder onafhankelijk voorzitterschap van de heer Vonhoff, die benoemd is door de minister van Justitie.

Na het inwerking treden van de wet wordt het stelsel van de privé-kopievergoeding uitgebreid tot voorwerpen die bestemd zijn om beschermd materiaal op vast te leggen. De vergoedingsregeling is niet langer beperkt tot beeld en geluid. Nieuw is ook dat bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding rekening moet worden gehouden met de beschikbaarheid en inzet van technische beschermingsvoorzieningen ten aanzien van voorbespeelde dragers. Door de inzet van technische beschermingsvoorzieningen kan het kopiëren voor eigen oefening, studie of gebruik worden gereguleerd en gecontroleerd. Te denken is aan voorbespeelde cd's die niet of slechts een beperkt aantal keer kunnen worden gekopieerd voor privé-gebruik. Wanneer minder materiaal voor privé-gebruik kan worden gekopieerd, moet de vergoeding naar beneden worden bijgesteld teneinde te voorkomen dat gebruikers van beschermd materiaal betalen voor iets waartoe ze niet langer in de gelegenheid zijn. Ten slotte is nieuw dat de Minister van Justitie de bevoegdheid krijgt nadere regels te geven over de voorwerpen die onder de vergoedingsregeling vallen en over de vorm, hoogte en verschuldigdheid van de vergoeding. Dit is een 'stok achter de deur', voor gevallen waarin partijen bijvoorbeeld niet tot overeenstemming kunnen komen. Zodoende wordt greep gekregen op het vergoedingensysteem voor privé-kopiëren.

Technische beschermingsvoorzieningen

Om het illegaal kopiëren tegen te gaan, verricht de amusementsindustrie grote inspanningen om de beeld- en geluidsdragers te beveiligen. Technische beschermingsmaatregelen moeten voorkomen dat een gebruiker met het op bijvoorbeeld cd's of dvd's neergelegde beschermde materiaal auteursrechtelijk relevante handelingen verricht die door rechthebbenden niet zijn toegestaan. In artikel 29a van de Auteurswet worden technische voorzieningen geregeld. De regeling correspondeert vrijwel letterlijk met de richtlijn.

Enerzijds leveren zowel het omzeilen van de technische beveiliging als de productie, beschikbaarstelling en promotie van producten en diensten die omzeiling van technische beschermingsvoorzieningen mogelijk maken onrechtmatige daden op. Anderzijds wordt tot op zekere hoogte het gevaar tegengegaan dat beperkingen door massieve anti-kopieermethoden en -technieken zinloos worden. Rechthebbenden worden aangespoord om binnen een redelijke termijn vrijwillig maatregelen te treffen. Bij gebreke van vrijwillig door rechthebbenden genomen maatregelen - waaronder overeenkomsten tussen rechthebbenden en gebruikers - treft de overheid bij algemene maatregel van bestuur passende maatregelen om bepaalde met het algemeen belang samenhangende beperkingen in te voeren. Het gaat hierbij om de beperkingen ten behoeve van fotokopiëren, kopiëren door bibliotheken, kopiëren door sociale instellingen, kopiëren ten behoeve van onderwijsdoeleinden, ten behoeve van gehandicapten, ten behoeve van rechterlijke of administratieve procedures en privé- kopiëren.

Technische voorzieningen kunnen behalve aan rechthebbenden ook aan gebruikers voordelen bieden. Het leveren van beschermd materiaal aan gebruikers kan straks in een grotere verscheidenheid dan ooit tevoren plaatsvinden. Geringere gebruikersmogelijkheden komen in de prijsstelling tot uitdrukking.

De beschermingsmaatregelen tegen illegaal kopiëren mogen de werking van afspeelapparatuur, zoals dvd-recorders en cd-romspelers, niet ontregelen. Als een cd niet voldoet aan de eisen die de consument daaraan in redelijkheid kan stellen, dan kan deze ingevolge het consumentenrecht worden geruild. Inwerkingtreding op een bij kb te bepalen tijdstip.

Inwerkingtredingsbesluit van 9-8-2004, Stb. 2004, 409

Inwerkingtreding

De Wet houdende aanpassing van de Auteurswet 1912, de Wet op de naburige rechten en de Databankenwet ter uitvoering van richtlijn nr. 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PbEG L 167) is in werking getreden op 1 september 2004.

Kamerstukken:

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.