Stb. 2009, 234 Europese procedure voor geringe vorderingen

Wet van 29-5-2009, Stb. 2009, 234

Wet tot uitvoering van verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 11 juli 2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen (Pb EU L 199) (Uitvoeringswet verordening Europese procedure voor geringe vorderingen).

Op 11 juli 2007 is de EG-verordening tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen (Pb EU L 199) tot stand gekomen. Grensoverschrijdend procederen is vaak gecompliceerd, tijdrovend en kostbaar, ook in geschillen waarin de waarde van de vordering relatief gering is. De verordening beoogt de procesvoering in geringe consumenten- en commerciële vorderingen in grensoverschrijdende zaken te vereenvoudigen en te bespoedigen. Ook moet de verordening de kosten van die procedure te verminderen. Om deze doelstellingen te bereiken voert de verordening een Europese procedure voor geringe vorderingen in. Deze procedure is voor schuldeisers als alternatief beschikbaar naast de bestaande procedures uit het nationale recht. De verordening strekt noch tot vervanging, noch tot harmonisatie van bestaande mogelijkheden naar nationaal recht. Een schuldeiser kan dus kiezen of hij gebruik zal maken van deze nieuwe procedure of van een procedure uit het nationale recht. Voor Nederland betekent dit dat een schuldeiser kan kiezen tussen de Europese procedure voor geringe vorderingen en de dagvaardingsprocedure bij de kantonrechter. De verordening is van toepassing op grensoverschrijdende vorderingen in burgerlijke en handelszaken van ten hoogste € 2000 exclusief rente en kosten. In de Europese procedure voor geringe vorderingen zijn (meertalige) standaardformulieren vastgesteld voor de eisers, verweerders en gerechten, waarvan het gebruik voor de eiser en het gerecht verplicht is. Verweerders kunnen kiezen of zij gebruik wensen te maken van een standaard antwoordformulier. De procedure is in beginsel schriftelijk en er gelden korte termijnen. De verordening schaft tevens de procedures af die normaal gesproken noodzakelijk zijn voor de erkenning en tenuitvoerlegging in andere lidstaten van een in een andere lidstaat gegeven beslissing (het exequatur). Dat betekent dat een eiser geen verlof tot tenuitvoerlegging hoeft te vragen van de in een andere lidstaat in deze procedure gegeven beslissing. De verordening is in werking getreden op 1 augustus 2007 en is op 1 januari 2009 van toepassing geworden. Deze wet voorziet in een uitwerking op enkele onderdelen.

Inwerkingtreding 10-6-2009

Kamerstukken:

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.