Stb. 2011, 232 Implementatie Kaderbesluit verstekbeslissing

Wet van 12-5-2011, Stb. 2011, 232

Wet tot wijziging van de Overleveringswet, de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties 2008 en het Wetboek van Strafvordering ter implementatie van kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2009 tot wijziging van kaderbesluit 2002/584/JBZ, 2005/214/JBZ, 2006/783/JBZ, 2008/909/JBZ en 2008/947/JBZ en tot versterking van de procedurele rechten van personen, tot bevordering van de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen gegeven ten aanzien van personen die niet verschenen zijn tijdens het proces (PbEU L 81)

—Het kaderbesluit verstekbeslissingen (PbEU L 81) uniformeert de wederzijdse erkenning van verstekbeslissingen die in de te wijzigen kaderbesluiten besloten is. Deze bevatten alle een bepaling over de mogelijkheid van weigering van de erkenning van rechterlijke beslissingen die tot stand zijn gekomen zonder dat de veroordeelde bij (een deel van) de daaraan voorgaande procedure aanwezig was. Deze regelingen verschillen onderling. De noodzaak tot uniformering werd gevoeld vanuit een oogpunt van consistente wetgeving, maar ook omdat de bestaande bepalingen veel ruimte laten aan nationale autoriteiten voor een eigen beoordeling. Daardoor is niet duidelijk welke criteria door hen worden gehanteerd. Tegen deze achtergrond zijn de bestaande bepalingen vervangen door nieuwe. Uitgangspunt blijft dat erkenning mag worden geweigerd, indien de veroordeelde niet aanwezig was tijdens de procedure die tot de beslissing heeft geleid. Indien zich bepaalde omstandigheden hebben voorgedaan, die met het oog op vergroting van de transparantie telkens worden opgesomd, zoals de dagvaarding in persoon, verdediging door een gemachtigde raadsman, mededeling van het verstekvonnis met daarna een recht op een nieuw proces dan wel hoger beroep, is een weigering van de erkenning niet gerechtvaardigd. De in de nieuwe bepalingen genoemde omstandigheden zijn gebaseerd op de jurisprudentie van het EHRM. De wijzigingen van de kaderbesluiten leiden niet alleen tot een uniforme normering in de kaderbesluiten maar ook tot een eenvormige interpretatie en daarmee tot een Uniebrede versterking van de rechtswaarborgen van de veroordeelden bij de erkenning van hen betreffende verstekbeslissingen. De uitvaardiging van Europese aanhoudingsbevelen voor de tenuitvoerlegging van een vonnis is in Nederland geconcentreerd bij het CJIB. In de praktijk verzoekt het CJIB alleen van vonnissen of beslissingen waartegen geen rechtsmiddel meer openstaat om erkenning, respectievelijk tenuitvoerlegging. Dientengevolge zullen de wijzigingen verandering brengen voor Nederland als uitvaardigende staat. De wijzigingen die zien op Nederland als uitvoerende staat zullen van meer betekenis zijn, al kan ervan worden uitgegaan dat ook in de toekomst het aantal gevallen dat een vonnis of beslissing die bij afwezigheid van betrokkene tot stand is gekomen, slechts in beperkte mate zal worden ontvangen.
 

Inwerkingtreding

Inwerkingtedingsbesluit van 1 juli 2011, Stb. 2011, 342

De Wet van 12 mei 2011 tot wijziging van de Overleveringswet, de Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties 2008 en het Wetboek van Strafvordering ter implementatie van kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van de Europese Unie van 26 februari 2009 tot wijziging van kaderbesluit 2002/584/JBZ, kaderbesluit 2005/214/JBZ, kaderbesluit 2006/783/JBZ, kaderbesluit 2008/909/JBZ en kaderbesluit 2008/947/JBZ en tot versterking van de procedurele rechten van personen, tot bevordering van de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen gegeven ten aanzien van personen die niet verschenen zijn tijdens het proces (PbEU L 81) (Stb. 2011, 232) treedt in werking met ingang van 1 augustus 2011.
 

Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.