Stb. 2016, 373 Elektronische patiëntgegevens

Wet van 05-10-2016, Stb. 2016, 373

Wet tot wijziging van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg, de Wet marktordening gezondheidszorg en de Zorgverzekeringswet (cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens)

—Met deze wet wordt uitvoering gegeven aan een aantal moties met betrekking tot de elektronische uitwisseling van medische persoonsgegevens. De wet schept aanvullende randvoorwaarden – ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de burger – voor het eventuele gebruik van een elektronische uitwisselingssysteem door zorgaanbieders. De wet schrijft het gebruik van elektronische uitwisselingssystemen niet voor. De moties zijn grotendeels voortgekomen uit de behandeling van een wetsvoorstel dat regels stelde omtrent de infrastructuur en inrichting van een landelijk EPD, om te komen tot een verbetering van de kwaliteit van zorg en de patiëntveiligheid (Kamerstukken I, 2010/2011, 31 466, nr. A). Dat wetsvoorstel is op 5 april 2011 door de Eerste Kamer verworpen. De Eerste Kamer heeft daarbij een motie aangenomen van het lid Tan c.s. (Kamerstukken I, 2010/2011, 31 466, nr. Y) waarin de regering wordt verzocht om: ‘te komen tot een nadere wettelijke regeling van normen en standaarden voor zowel digitale dossiervorming en ontsluiting, als de overdracht van gegevens eisen met betrekking tot de veiligheid, toezicht, handhaving en sancties, inzage door de patiënt, het verstrekken van afschrift aan de patiënt en transport van gegevens op verzoek van de patiënt, teneinde veilig digitaal transport van gegevens (zowel pull als push) mogelijk te maken tussen zorgverleners binnen een regio’. Ook de moties nr. 69, 70, 78 en 99 (Kamerstukken II, 2010/2011, 27 529, nrs.  69, 70, 78 en 99) zijn deels meegenomen.

Naar aanleiding van de motie van het lid Tan c.s. is een juridische analyse uitgevoerd waarbij is bekeken in hoeverre bestaande wetten dienen te worden aangepast met het oog op veilige en betrouwbare elektronische gegevensuitwisseling in de zorg. Uit die juridische analyse kwam naar voren dat er in de huidige wetgeving al veel geregeld is en dat op een aantal punten een aanpassing van de huidige wetgeving dient plaats te vinden. Dat vindt nu plaats met deze wet. Het gaat hier om:

  • de mogelijkheid voor de patiënt om elektronische inzage in en een elektronisch afschrift van het dossier te eisen;
  • de plicht van de zorgverlener om toestemming aan de patiënt te vragen voordat medische gegevens opvraagbaar worden gemaakt ten behoeve van elektronische uitwisseling (opt-in, bij amendement beperkt tot specifieke opt-in) en het vragen van toestemming voor het elektronisch opvragen van gegevens;
  • het recht van de cliënt om (een) bepaalde (categorie van) hulpverleners op voorhand uit te sluiten van de gegevensuitwisseling;
  • het stellen van specifieke functionele, technische en organisatorische eisen aan elektronische gegevensuitwisseling in zijn algemeenheid. Het laatst genoemde punt zal worden geregeld in een algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 26 van de Wet bescherming persoonsgegevens.

Toezichthoudende cq. handhavende instanties zijn de IGZ, de Nederlandse Zorgautoriteit en het CBP; zij zullen onderling afspraken maken over de uitoefening van hun toezichthoudende taken in dit kader. De strafrechter kan bovendien een beroepsbeoefenaar die schuldig is bevonden aan computervredebreuk of schending van de geheimhoudingsplicht, voor zover deze gedraging betrekking heeft op patiëntgegevens, als bijkomende straf ontzetten van het recht het beroep uit te oefenen waarin deze feiten zijn begaan.


Inwerkingtreding

Inwerkingtredingsbesluit van 13-06-2017, Stb. 2017, 279

Besluit houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 5 oktober 2016 tot wijziging van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg, de Wet marktordening gezondheidszorg en de Zorgverzekeringswet (cliëntenrechten bij elektronische verwerking van gegevens) (Stb. 2016, 373)

—De wet treedt in werking met ingang van 01-07-2017, met uitzondering van de artikelen 15a, tweede lid, 15b, 15c, tweede lid, 15d en 15e van artikel II, onderdeel B.


Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.