Stb. 2012, 265 Aansprakelijkheidsbeperkingen DNB en AFM en bonusverbod staatsgesteunde ondernemingen

Wet van 7 juni 2012, Stb. 2012, 265

Wet tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht en de Wet financiële markten BES in verband met het invoeren van een aansprakelijkheidsbeperking voor de toezichthouders op de financiële markten en het opnemen van regels met betrekking tot de beloning van dagelijks beleidsbepalers van financiële ondernemingen die staatssteun genieten (Wet aansprakelijkheidsbeperking DNB en AFM en bonusverbod staatsgesteunde ondernemingen)

—Met deze wet wordt een expliciete wettelijke beperking van de aansprakelijkheid van de Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiele Markten (AFM) ingevoerd. Tot nu toe was in wet- en regelgeving niet voorzien in een bijzondere regeling voor de aansprakelijkheid van de financiële toezichthouders, DNB en de AFM. De aansprakelijkheid wordt volgens het algemene regime van artikel 162 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek (BW) beoordeeld. Wel is in de jurisprudentie het handelen van de financiële toezichthouder enkele malen getoetst aan de specifieke norm van de ‘behoorlijk en zorgvuldig handelende toezichthouder’.
Een expliciete wettelijke beperking van de aansprakelijkheid ten opzichte van het huidige aansprakelijkheidsregime werd echter gewenst geacht voor de toezichthoudende taken van DNB en de AFM die voortvloeien uit de Wet op het financieel toezicht (Wft). Het is bij deze toezichthoudende taken dat DNB en de AFM in een bijzondere situatie opereren, omdat zij geconfronteerd worden met een knellend toezichthouderdilemma. Dit dilemma behelst dat DNB en de AFM een aanmerkelijke kans maken zowel bij ingrijpen als bij niet-ingrijpen geconfronteerd te worden met aansprakelijkheidsclaims, omdat de belangen van verschillende groepen die bij de financiele onderneming zijn betrokken tegengesteld kunnen zijn. Bij de vormgeving van de wettelijke beperking is gekozen voor een beperking tot opzet dan wel grove schuld. Tevens wordt met in deze wet vastgelegd dat wanneer een financiële onderneming ten laste van de publieke middelen steun geniet, het uitkeren van variabele beloningen (bonussen) aan de bestuurders van die onderneming niet is toegestaan, alsmede dat de overige delen van de beloning worden bevroren. Dit onderdeel heeft betrekking op zowel nieuwe als bestaande gevallen van steunverlening. Voor de bestaande gevallen is daarbij in overgangsrecht voorzien, waarin rekening is gehouden met de mate waarin de nieuwe regels voorzienbaar waren voor gesteunde ondernemingen en hun bestuurders.
 

Inwerkingtreding

De artikelen van deze wet die betrekking hebben op het bonusverbod (artt. IV, V, en Va) traden in werking m.i.v. 20 juni 2012. Voor financiële ondernemingen waaraan na 6 oktober 2011 steun is verleend werken zij terug tot en met 6 oktober 2011 (Stb. 2012, 265). De overige artikelen treden in werking m.i.v. 1 juli 2012 (Stb. 2012, 289).
 

Kamerstukken

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.