Verplichte geestelijke gezondheidszorg vereist investering in rechtspraak

Het wetsvoorstel voor dwangbehandeling in de psychiatrie (32 399) - ter vervanging van de dwangopnamewet Bopz - leidt waarschijnlijk tot betere geestelijke gezondheidszorg, met minder dwang. De wet heeft wel forse gevolgen voor het werk van de rechter, waarvoor extra geld en een ruime voorbereidingstijd nodig is. Dat zei voorzitter Frits Bakker van de Raad voor de rechtspraak op 20 januari tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer over het wetsvoorstel. 

De huidige Wet Bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Bopz) maakt in geval van nood gedwongen opname van mensen met een stoornis mogelijk. De nieuwe Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) gaat niet uit van dwangopname, maar van dwangbehandeling die in vele vormen en gradaties kan worden toegepast, ook thuis of poliklinisch. De bedoeling is daarmee ingrijpende dwangopnames te voorkomen. Voor die dwangbehandeling is een rechterlijke machtiging nodig. De patiënt krijgt een sterkere positie, onder meer door inspraak en de – nieuwe - mogelijkheid van hoger beroep.
De vaste Kamercommissie van VWS had betrokken partijen uitgenodigd om over het voorstel te spreken, wetenschappers, artsen, juristen, burgemeesters, politie en OM, vertegenwoordigers van de geestelijke gezondheidszorg en patiënten. Zij reageerden in meerderheid positief, maar wezen er op dat veel – zoals het toezicht op de dwangbehandeling – nog niet goed geregeld is.
Bakker waarschuwde voor een flinke taakverzwaring. Er zullen meer aanvragen voor een machtiging aan de rechter worden voorgelegd - omdat dwang niet meer alleen mogelijk is bij acuut gevaar – en de aanvragen worden ingewikkelder. De grootste zorg is de nieuwe mogelijkheid van hoger beroep. Die zal de werklast van de gerechtshoven ingrijpend verzwaren, naar schatting met 1200 meervoudige kamer-zittingen. De regeling van het hoger beroep roept bovendien veel vragen op en is in de huidige vorm te onduidelijk om mee te werken, vindt de Raad voor de rechtspraak. Het is de vraag of het wel zinnig is hoger beroep mogelijk te maken voor kortdurende machtigingen. Tegen de tijd dat het hof zich over de zaak buigt, zal dwangbehandeling vaak al niet meer nodig zijn.

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.