Staatsraad raadt correctie relativiteitsvereiste aan

Geschreven door: Redactie op

Een bedrijf of een omwonende kan met een beroep op het gelijkheids- of het vertrouwensbeginsel bereiken dat de bestuursrechter alsnog een besluit toetst aan een norm die strikt genomen niet hun belangen beoogt te beschermen. Wil zo’n beroep kunnen slagen, dan zal aan bepaalde vereisten moeten worden voldaan. Staatsraad advocaat-generaal mr. Widdershoven adviseert om de toepassing van het relativiteitsvereiste te corrigeren.

 

Dit staat in een conclusie van de staatsraad advocaat-generaal die op 2 december 2015 is uitgebracht (ECLI:NL:RVS:2015:3680). De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State had de staatsraad gevraagd een conclusie te nemen in een zaak over een bestemmingsplan van de gemeente Zwolle. Het bestemmingsplan maakt een nieuwe bouwmarkt mogelijk in Zwolle waartegen een concurrerende bouwmarkt in beroep is gekomen.

 

Specifiek vroeg de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak de advocaat-generaal of, net als de zogenoemde correctie-Langemeijer in het civiele recht, in het bestuursrecht een soortgelijke correctie op het relativiteitsvereiste zou moeten gelden. Deze vraag komt geregeld op in zaken waarbij een concurrent tegen een besluit in beroep komt. Ook is hem gevraagd of een concurrent met een beroep op bijvoorbeeld het gelijkheids- of het vertrouwensbeginsel kan bereiken dat de bestuursrechter een besluit toch toetst aan een norm die strikt genomen niet zijn belangen beoogt te beschermen. Ook vroeg de Afdeling bestuursrechtspraak wat een concurrent in zo’n geval zou moeten aanvoeren en aannemelijk moet maken om te bereiken dat de bestuursrechter een besluit toch aan die norm toetst.

Inhoud conclusie

 

De staatsraad advocaat-generaal adviseert het relativiteitsvereiste te corrigeren, in die zin dat ‘de schending van een wettelijke norm die niet de bescherming beoogt van de belangen van een belanghebbende, kan bijdragen tot het oordeel dat het vertrouwensbeginsel of gelijkheidsbeginsel is geschonden’. Deze beginselen beogen immers wel de belangen van belanghebbende te beschermen.

 

Vertrouwensbeginsel

 

Wil een bedrijf of omwonende een geslaagd beroep doen op dit beginsel, dan moet aannemelijk gemaakt worden dat een bevoegd persoon concrete verwachtingen heeft gewekt dat het bedrijf of de omwonende zou worden beschermd door de wettelijke norm. Burgers kunnen zich niet in algemene zin beroepen op het vertrouwen dat wettelijke regels worden nageleefd.

Gelijkheidsbeginsel

 

Voor een succesvol beroep op het gelijkheidsbeginsel moet een bedrijf aannemelijk maken dat het in een vergelijkbare situatie zit als een concurrerend bedrijf wat wettelijke voorschriften en feiten betreft. Ook moet het daadwerkelijk benadeeld zijn doordat zijn concurrent niet aan dezelfde verplichtingen hoeft te voldoen doordat de wettelijke norm wordt geschonden.

 

De conclusie is aan partijen gezonden met de mogelijkheid om hierop binnen twee weken te reageren. De Afdeling zal binnen enkele maanden uitspraak doen.

 

 

 

 

 

Naam auteur: Redactie
Geschreven op: 8 december 2015

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.