Raad rechtspraak: Wetsvoorstel rechtsbijstand vraagt (te) veel van burgers

Het wetsvoorstel dat de kosten van rechtsbijstand aanzienlijk moet verlagen, gaat te sterk uit van zelfredzaamheid van burgers. Lang niet iedereen is in staat om voor zijn eigen belangen op te komen, stelt de Raad voor de rechtspraak in een advies over het wetsvoorstel Stelselvernieuwing rechtsbijstand.

In het nieuwe stelsel krijgt het Juridisch Loket een centrale rol. Dat loket geeft rechtzoekenden dan niet alleen advies over hun juridische positie, maar bepaalt ook of het echt nodig is een advocaat in te schakelen en wijst zo mogelijk op andere vormen van conflictoplossing. De bedoeling is dat meer geschillen zonder rechter worden afgehandeld. Het wetsvoorstel stoelt op de gedachte dat burgers mondiger zijn geworden en alternatieven voor het oplossen van juridische problemen toenemen. Daarvoor ontbreekt de onderbouwing, stelt de Raad. Rechters zien juist veel mensen die niet voor zichzelf kunnen opkomen: verdachten met een lichte verstandelijke handicap, probleemgezinnen bij de familierechter, mensen die onder bewind worden gesteld bij de kantonrechter.

De voorgestelde wetswijziging lijkt vooral een bezuinigingsmaatregel te zijn. Medewerkers van het Juridisch Loket kunnen daardoor druk voelen om rechtzoekenden zo min mogelijk door te verwijzen naar een advocaat. Onduidelijk is bovendien waar zij de expertise vandaan moeten halen die nodig is om hun ‘poortwachtersrol’ goed te vervullen, aldus het advies. Bij de keuze tussen rechtspraak en een alternatief moet het belang van de rechtzoekende voorop staan, niet het belang van de overheid.

Volgens het wetsvoorstel vervalt het recht op door de overheid betaalde rechtsbijstand bij een echtscheiding, als het totale gezinsinkomen hoog genoeg is om zelf de kosten te dragen. Heeft een van de partners te weinig geld, dan wordt een advocaat toegevoegd mét terugbetalingsverplichting. De vermogende partner moet daaraan bijdragen. Daarmee is de kiem gelegd voor een extra scheidingsconflict.

Verdachten die in bewaring worden gesteld, krijgen een advocaat toegevoegd, wordt de bewaring direct geschorst, dan is dat volgens het wetsvoorstel niet nodig. De Raad is het daar niet mee eens. Bewaring wordt vaak onder voorwaarden geschorst. Verdachten hebben al tijdens de bespreking van die voorwaarden een advocaat nodig.

De Raad wijst er verder op dat ook nu al een zeer beperkt percentage van de geschillen (4 à 5 procent) aan de rechter wordt voorgelegd. Alternatieven zijn niet altijd goedkoper. Bovendien kan lang zoeken naar een oplossing extra schade opleveren, bijvoorbeeld bij ernstige conflicten waar kinderen bij betrokken zijn. Een rechter die de knoop doorhakt, kan soms de rust en duidelijkheid geven die nodig is om uit de problemen te komen.  


Bron: www.rechtspraak.nl

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.