Minister BZK hoeft niet alsnog te beslissen over referendum over intrekking referendumwet

Geschreven door: Redactie op

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hoeft niet alsnog te besluiten of er een referendum kan worden gehouden over het intrekken van de referendumwet. De wetgever heeft er ondubbelzinnig voor gekozen om een referendum over de intrekking van de referendumwet uit te sluiten. De minister kan daar dus niet meer over besluiten. De rechter moet de wet toepassen en de keuze van de wetgever volgen. Dat staat in een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 16 januari 2019 in een zaak die Stichting Meer Democratie had aangespannen.

Latere wet gaat boven eerdere wet

Eén van de uitgangspunten van het Nederlandse staatsrecht is dat een latere wet boven een eerdere wet gaat. Een ander uitgangspunt is dat een bijzondere wet boven een algemene wet gaat. Zonder deze uitgangspunten zou de wetgever sommige wetten nooit meer kunnen veranderen.

De Wrr is een gewone wet, die ook met een gewone wet als de Intrekkingswet kan worden ingetrokken. De Wrr heeft geen "afwijkende, hogere status, die noopt tot een ander oordeel", staat daarover in de uitspraak. Dat betekent dat bij een latere wet (de Intrekkingswet) kan worden afgeweken van de regels over referenda die in een eerdere wet (Wrr) staan. Dat is in dit geval ook gebeurd en dat is staatsrechtelijk toelaatbaar. Het is niet aan de rechter om de politieke keuze van de wetgever te doorbreken. Daarom kon de minister ook niet meer besluiten of er een referendum moest worden gehouden over de Intrekkingswet en is het beroep van Stichting Meer Democratie ongegrond.

Teleurgesteld

De Stichting Meer Democratie geeft in een persbericht aan zwaar teleurgesteld [te zijn] dat de Raad van State meegaat met de juridische goocheltrucs van Rutte en Ollongren. Hiermee wordt een democratisch recht van de burgers afgeschaft zonder dat de burgers daar zelf zeggenschap over krijgen, zoals de referendumwet garandeerde”. Woordvoerder van de stiching Niesco Dubbelboer: “Deze rechtszaak draaide om de vraag of een Kamermeerderheid het referendum mocht afschaffen zonder de mogelijkheid van een referendum daarover. Volgens de referendumwet hadden burgers een keihard recht om ook over de intrekkingswet een referendum te houden. Dit konden Rutte en Ollongren alleen voorkomen met een abstract-juridische truc: ze lieten de intrekkingswet met terugwerkende kracht in werking treden. De makers van de referendumwet hadden al rekening gehouden met die trucs al en wettelijk geregeld dat deze automatisch ongeldig waren.” 

Meer democratie zegt te zullen blijven vechten voor een volwassen referendum in Nederland. Daarvoor komt de stichting binnenkort met een eigen initaitiefwet.


Lees hier de uitspraak met zaaknummer 201806374/1.

Naam auteur: Redactie
Geschreven op: 17 januari 2019

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

Frits Jansen schreef op :
Rechtenvrij = feitenvrij
Frits Jansen schreef op :
Het referendum gaf de kiezer een extra bevoegdheid, maar dat betekent nog niet dat de reguliere democratische organen een bevoegdheid verloren hebben! Maar deze logica belet rechtenvrije populisten niet het tegendeel te beweren!

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.