Koppeling persoonsgegevens tegen misbruik van voorzieningen

Raad van State heeft zijn bedenkingen

De overheid krijg meer mogelijkheden om woongegevens en gegevens over belasting en sociale uitkeringen aan elkaar te koppelen, waaronder fiscale gegevens en gegevens over arbeid, huisvesting, inburgering, re-integratie, schuldenlasten, uitkeringen, vergunningen en zorgverzekeringen. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft echter zijn bedenkingen.

De Afdeling advisering heeft advies uitgebracht over het ontwerpbesluit houdende regels voor fraudeaanpak door gegevensuitwisselingen en het effectief gebruik van binnen de overheid bekend zijnde gegevens (Besluit SyRI). De overheid krijgt met dit besluit meer mogelijkheden om woongegevens en gegevens over belasting en sociale uitkeringen aan elkaar te koppelen. Het ontwerpbesluit geeft uitvoering aan een wijziging van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Wet SUWI). Die wetswijziging voorziet erin dat gemeenten en overheidsinstanties op het terrein van sociale zekerheid en belastingen samenwerken bij het bestrijden van fraude door het koppelen van gegevens waarover zij beschikken. De koppelingen worden uitgevoerd binnen het Systeem risico- indicatie (SyRI), waarvoor de Minister van SZW verantwoordelijk is. De Afdeling advisering van de Raad van State maakt opmerkingen over het vastleggen van waarborgen tegen te vergaande beperkingen van de persoonlijke levenssfeer in het ontwerpbesluit zelf, over de verwerking van strafrechtelijke en andere bijzondere persoonsgegevens en over het register risicomeldingen. Zij is van oordeel dat in verband daarmee aanpassing van het ontwerpbesluit nodig is. Het advies is op 11 september 2014 openbaar gemaakt.


Te veel soorten persoonsgegevens

Het ontwerpbesluit somt op welke soorten persoonsgegevens kunnen worden gekoppeld. Het gaat onder meer om gegevens over arbeid, bestuursrechtelijke maatrege len en sancties, detentie, fiscale gegevens, gegevens over huisvesting, inburgering, re-integratie, schuldenlasten, uitkeringen, vergunningen en zorgverzekeringen. De opsomming is zo ruim dat er nauwelijks een persoonsgegeven te bedenken is dat er niet onder valt. De opsomming lijkt niet bedoeld om in te perken, maar om zoveel mogelijk armslag te hebben. De Afdeling adviseert kritisch te bekijken of al deze categorieën persoonsgegevens noodzakelijk zijn voor het tegengaan van onregelmatigheden en of er niet minder zware methoden zijn om onregelmatigheden te ontdekken.
 

Gegevens over bestraffing en gezondheid

Bij de verruiming van de wet is benadrukt dat gegevens over bestraffing en gezondheid niet bij de koppeling zullen worden gebruikt. In het ontwerpbesluit worden zulke gegevens wel opgesomd. Bij bestraffing gaat het bijvoorbeeld om gegevens over overtredingen, opgelegde boetes en detentie. Bij gezondheid betreft het gegevens over de zorgverzekering en re-integratie. De Afdeling adviseert alle gegevens over bestraffing en gezondheid uit het ontwerpbesluit te schrappen.
 

‘Select before you collect’

Bij elk koppelingsproject wordt aan de hand van een risicomodel vastgesteld of er een verhoogd risico is op onregelmatigheden. De Wet bescherming persoonsgegevens bepaalt dat persoonsgegevens alleen mogen worden gebruikt voor ‘welbepaalde, uit drukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden’. Het criterium ‘verhoogd risico’, dat de regering wil gebruiken, voldoet niet aan die wettelijke eisen: het is te weinig toegespitst en maakt het mogelijk persoonsgegevens te gebruiken waarvan maar een klein deel nuttig is voor het bestrijden van misbruik. Dit staat ook wel bekend als het beginsel ‘select before you collect’. De Afdeling adviseert in de toelichting bij het ontwerpbesluit uiteen te zetten hoe dat beginsel zal worden toegepast bij het opstellen van de risicomodellen.
 

Risicomeldingen ook aan de betrokkene

De koppeling van persoonsgegevens moet gegevens opleveren over verhoogde risico’s op onregelmatigheden bij belastingen, subsidies en sociale uitkeringen. Die verhoogde risico’s worden dan gemeld aan het overheidsorgaan dat belast is met de controle. Zo’n risicomelding is niet zonder betekenis: het gaat om een aanwijzing dat wettelijke voorschriften niet zijn nageleefd. Als het onderzoek niet leidt tot straffen of maatregelen, zal de betrokkene niet zo snel op de hoogte raken van het feit dat er een risicomelding is gedaan en dat hij voorwerp van onderzoek is geweest. Hij zal daar meestal ook niet op bedacht zijn en daarom ook niet op het idee komen te informeren of hij in het register staat vermeld. De Afdeling advisering geeft daarom in overweging te bepalen dat de personen op wie een risicomelding betrekking heeft, binnen een bepaalde termijn na afloop van het onderzoek daar van op de hoogte worden gesteld.

Advies W12.14.0102/III is te vinden op www.raadvanstate.nl

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.