Europese Commissie presenteert aanpak om rechtsstaat te beschermen

De Europese Commissie wil wezenlijke bedreigingen van de rechtsstaat in lidstaten van de Europese Unie in een vroeg stadium gaan aanpakken. Het initiatief volgt op een oproep van Nederland en enkele andere landen vorig jaar. 

Om in elk van de 28 lidstaten op te treden tegen systeemdreigingen waaraan de rechtsstaat blootstaat, heeft de Europese Commissie een nieuw kader vastgesteld. Aan het initiatief daartoe gingen twee oriënterende debatten van het college van commissarissen over de rechtsstaat vooraf. Deze vonden plaats op 28 augustus 2013 en 25 februari 2014 en brachten de noodzaak aan het licht om op EUniveau een instrument te ontwikkelen om de systeemdreigingen aan te pakken waarmee de rechtsstaat wordt geconfronteerd. Het nieuwe kader voor de rechtsstaat vormt een aanvulling op de inbreukprocedures (die van toepassing zijn wanneer EU-wetgeving niet wordt nageleefd) en de zogenoemde ‘artikel 7-procedure’ van het EU-Verdrag. Deze laatste procedure kent als zwaarste sanctie de schorsing van het stemrecht ingeval van een ‘ernstige en voortdurende schending’ van EU-waarden door een lidstaat. Het nieuwe kader voorziet in een instrument voor vroegtijdige waarschuwing (een ‘preartikel 7-procedure’). Met behulp daarvan kan de Commissie met de betrokken lidstaat in overleg treden om te voorkomen dat systeemdreigingen escaleren. Wanneer het nieuwe kader van de EU voor de rechtsstaat geen oplossing biedt, blijft artikel 7 altijd het laatste redmiddel om een crisis op te lossen en ervoor te zorgen dat de Europese waarden in acht worden genomen. Het nieuwe kader maakt zichtbaar hoe de Commissie haar rol uit hoofde van de Verdragen uitoefent. Er worden geen nieuwe bevoegdheden voor de Commissie geschapen of geclaimd.
 

Waarden van de rechtsstaat

Het kader spitst zich toe op de rechtsstaat. De rechtsstaat ligt ten grondslag aan alle waarden waarop de Unie is gebaseerd. Wanneer de rechtsstaat geëerbiedigd wordt, kunnen ook de andere fundamentele waarden in stand worden gehouden. De Commissie gaat uit van een brede definitie van de rechtsstaat, waarbij zij zich baseert op de beginselen die zijn neergelegd in de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Het komt er in wezen op neer dat een rechtsstaat een systeem is waarin wetten worden toegepast en gehandhaafd. Het kader kan in werking worden gezet wanneer er sprake is van een ineenstorting van het systeem die schade toebrengt aan de integriteit, de stabiliteit en het behoorlijk functioneren van de instellingen en de mechanismen die op nationaal niveau zijn ingevoerd om de rechtsstaat te waarborgen. Het EUkader is niet opgezet om individuele gevallen of op zichzelf staande inbreuken op grondrechten of gerechtelijke dwalingen aan te pakken.

Een proces in drie fasen

Het kader is bedoeld om de Commissie in staat te stellen om samen met de betrokken lidstaat een oplossing te vinden zodat wordt voorkomen dat er voor de rechtsstaat een systeemdreiging ontstaat die zich tot een ‘duidelijk gevaar voor een ernstige schending’ kan ontwikkelen en daarmee aanleiding tot de toepassing van artikel 7 VEU aanleiding kan geven. Wanneer er duidelijke aanwijzingen voor een systeemdreiging voor de rechtsstaat in een lidstaat zijn, kan de Commissie een ‘preartikel 7-procedure’ inleiden door met die lidstaat in gesprek te gaan. Het proces kent drie fasen:

1. Beoordeling door de Commissie
De Commissie verzamelt en onderzoekt alle relevante informatie en beoordeelt of er duidelijke aanwijzingen zijn voor een systeemdreiging voor de rechtsstaat. Wanneer de Commissie vervolgens van mening is dat dat inderdaad het geval is, zal zij met de betrokken lidstaat een dialoog aangaan. Zij stuurt dan eerst haar ‘advies inzake de rechtsstaat’ toe, als een waarschuwing aan de lidstaat, en licht haar bezwaren toe. Zij geeft de betrokken lidstaat de gelegenheid te reageren.

2. Aanbeveling van de Commissie
Tenzij de kwestie daarmee naar tevredenheid is opgelost, zal de Commissie in de tweede fase een ‘aanbeveling inzake de rechtsstaat’ aan de lidstaat richten. Zij zal de lidstaat aanbevelen om het gesignaleerde probleem binnen een bepaalde termijn op te lossen en om de Commissie van de daartoe genomen maatregelen op de hoogte te stellen. De Commissie zal haar aanbeveling openbaar maken.

3. Opvolging van de aanbeveling van de Commissie
In de derde fase zal de Commissie erop toezien hoe de aanbeveling door de lidstaat wordt opgevolgd. Als er binnen de gestelde termijn geen bevredigende follow-up wordt gegeven, kan de Commissie alsnog een van de mechanismen van artikel 7 VEU in werking zetten.

Het volledige proces is gebaseerd op een voortdurende dialoog tussen de Commissie en de betrokken lidstaat. De Commissie zal het Europees Parlement en de Raad regelmatig en nauwgezet informeren.

https://europa.eu/rapid/press-release_ IP-14-237_nl.htm

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.