Cannabis

De Minister van VenJ stuurde de Tweede Kamer een brief (21-03-2014) ter aanbieding van een rapport over internationaal recht en cannabis (en over het percentage Nederwiet dat is bestemd voor de export).

In de Criminaliteitsbeeldanalyse Georganiseerde Hennepteelt 2012 van het toenmalige KLPD werd, gebaseerd op het meest aannemelijke scenario, geschat dat rond de 80 procent van de wietteelt in Nederland bestemd is voor de export. Het WODC is gevraagd deze beredeneerde schatting aan een nadere beschouwing te onderwerpen om discussie over de betrouwbaarheid van dit percentage te vermijden.

Het rapport ‘Internationaal recht en cannabis - Een beoordeling op basis van VN-drugsverdragen en EU-drugsregelgeving van gemeentelijke en buitenlandse opvattingen pro regulering van cannabisteelt’ dat met deze brief wordt aangeboden, en dat als bijlage bij deze brief is te vinden, is uitgevoerd door Prof. dr. P.H.P.H.M.C. van Kempen en mr. M.I. Fedorova van de Radboud Universiteit Nijmegen. De hoofdconclusie van de onderzoekers is dat er ‘[...] gelet op de internationale verplichtingen inzake drugsbestrijding, geen ruimte is voor regulering van cannabisteelt ter bevoorrading van coffeeshops, in het verband van Cannabis Social Clubs of via andere modaliteiten die strekken tot recreatief gebruik door derden.’

Op hoofdlijnen wordt in de brief aangegeven hoe de onderzoekers tot het oordeel komen dat de aangevoerde argumenten vóór regulering van cannabisteelt juridisch niet houdbaar zijn door achtereenvolgens in te gaan op de drie meest aangevoerde mogelijke grondslagen van regulering: het door Nederland gemaakte voorbehoud bij het VN verdrag van 1988 tegen de sluikhandel in verdovende middelen en psychotrope stoffen (hierna: het Sluikhandelverdrag), de exceptie voor geneeskundige en wetenschappelijke doeleinden en tot slot persoonlijk gebruik. De onderzoekers wijzen er op dat het voorbehoud bij het Sluikhandelverdrag uitsluitend betrekking kan hebben op die bepaling in dat specifieke verdrag. Naast het Sluikhandelverdrag

is Nederland echter ook partij bij het Enkelvoudig verdrag van 1961, zoals gewijzigd in 1972. Dit verdrag bevat ook expliciete verplichtingen met betrekking tot cannabis en de teelt ervan, evenals het EU Kaderbesluit illegale drugshandel. Deze verplichtingen blijven dus onverkort gelden. Daarnaast bevat het Sluikhandelverdrag in andere bepalingen specifieke verplichtingen om cannabisteelt ten behoeve van recreatieve doeleinden te bestrijden. De onderzoekers hebben vastgesteld dat het voorbehoud daar niet op ziet, zodat ook die verplichtingen onverlet blijven. Ten slotte blijkt, aldus de onderzoekers, uit de inhoud en achtergrond van het voorbehoud zelf dat het geen ruimte biedt om cannabisteelt ten behoeve van recreatief gebruik door derden beleidsmatig of anderszins te gedogen. Zij wijzen er in dit verband op, dat volgens internationaal publiekrecht gemaakte voorbehouden zijn gefixeerd ten opzichte van het geldende recht op het moment van het formuleren ervan: een voorbehoud kan niet worden geformuleerd of gebruikt om ruimte te houden voor eventueel toekomstige initiatieven. Uit de verdragsgeschiedenis blijkt dat er ten tijde van het maken van het voorbehoud geen verband was met het reguleren van hennepteelt. Volgens de onderzoekers zijn argumenten van de strekking dat legalisering, decriminalisering of regulering van de cannabismarkt voor recreatief gebruik tegemoet zou komen aan volksgezondheidsbelangen ook niet houdbaar in het licht van de VN-drugsverdragen en het daarop voortbouwende Europees recht.


Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.