Regeldruk, rechtshandhaving en eigen verantwoordelijkheid

De wens tot vermindering van regeldruk en het verbeteren van de handhaving van rechtsnormen komt als een mantra terug in vele regeerakkoorden. Zo ook in het regeer-gedoogakkoord van het kabinet Rutte-Verhagen. Bestrijding van regeldruk is daarin één van de randvoorwaarden voor een concurrerend en optimaal ondernemingsklimaat.

Daarbij wordt de nadruk gelegd op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemers, ook als het gaat om rechtshandhaving. Een opvallend voorstel is de invoering van een ‘inspectievakantie’ waardoor bedrijven die beschikken over deugdelijke zelfregulering minder inspectie over de vloer krijgen.

Desgevraagd bracht de Commissie Regeldruk Bedrijven – met leden uit het bedrijfsleven en de overheid – op 9 januari 2011 advies uit aan de minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie over de aanpak van regeldruk en in dat licht de rechtshandhaving. Hoe de doelstellingen uit het regeerakkoord (deze keer wel) te realiseren? In navolging van het Adviescollege toetsing administratieve lasten pleit de commissie ervoor om alvorens nieuwe wet- en regelgeving vast te stellen eerst een speciale toets – een ‘regulatory impact assessment’ – uit te voeren: is regelgeving echt nodig en wat zijn de effecten daarvan? Deze toets zou hernieuwd moeten plaatsvinden wanneer de Kamer een wetsvoorstel significant amendeert. Daarnaast zou tijdens het wetgevingsproces een publieke consultatie moeten plaatsvinden en zou het bedrijfsleven de mogelijkheid moeten hebben om problemen veroorzaakt door regeldruk te agenderen. Om een en ander verder kracht bij te zetten pleit de commissie ervoor om niet alleen vast te houden aan de doelstelling om de met regeldruk verbonden administratieve lasten met vijf procent terug te brengen, maar ook een kwantitatieve doelstelling te formuleren voor nalevingskosten en de lasten van toezicht. De commissie onderschrijft daarmee het beleid van het kabinet om (meer) uit te gaan van de eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemers.

Enkele dagen voordat de commissie haar rapport uitbracht, ontstond bij Chemie-Pack te Moerdijk een zeer grote brand die, gelet op de verstrekkende gevolgen, als een ramp kan worden gekwalificeerd. Uit de eerste onderzoeken blijkt dat dit bedrijf regelmatig pas na dreiging van door de overheid op te leggen dwangsommen bereid was de bedrijfsprocessen aan te passen aan geldende regelgeving en daarmee risicovolle situaties te beëindigen. Blijkens de aankondiging door het Openbaar Ministerie van een strafrechtelijk onderzoek is daarbij niet zeker of ten tijde van het ontstaan van de brand aan alle wettelijke eisen werd voldaan. Ongeveer tegelijkertijd liet een rapportage van de Voedsel- en Warenautoriteit zien dat in 51% van de cafés rokers worden aangetroffen. Dit betekent dat in de Nederlandse horeca het rookverbod op grote schaal wordt overtreden, veelal ook in gelegenheden die niet gaan vallen onder de aangekondigde opheffing van het rookverbod voor cafés zonder personeel en een vloeroppervlakte van minder dan zeventig vierkante meter. Een samenhang met een gebrek aan overheidscontrole en serieuze sancties is aannemelijk. Oppositiepartijen suggereren zelfs een verband met de lobby van de tabaksindustrie.

Wanneer we de plannen van het kabinet en de Commissie Regeldruk Bedrijven leggen naast de praktijk van Chemie-Pack en de horecabranche is de verleiding groot deze plannen te verwerpen en te pleiten voor meer in plaats van minder overheid. Kunnen burgers en bedrijven de beoogde eigen verantwoordelijkheid wel aan?

Het toegeven aan deze verleiding is echter niet in alle opzichten verstandig. Onderzoek laat namelijk zien dat de naleving van rechtsnormen enorm kan verbeteren door aandacht voor een betere wisselwerking tussen de branche waarop de normen zien, het normstellingsproces en de handhavingspraktijk. Een meer horizontale benadering met meer aandacht voor eigen verantwoordelijkheid en publieksconsultaties – zoals die ook wordt voorgestaan door het kabinet en de commissie – kan dus positief worden gewaardeerd. Datzelfde geldt voor het terugdringen van de regeldruk door de beoogde ‘impact assessment’. Niet elk probleem hoeft door de overheid te worden opgepakt en als dit wel al nodig zou zijn is regelgeving niet altijd het aangewezen instrument. Daarbij moeten lasten, maar ook opbrengsten van regelgeving (in de zin van maatschappelijk nut) nadrukkelijk een rol spelen. Zelfs de voorgestelde ‘inspectievakantie’ lijkt mij het overwegen waard. Minder heil zie ik echter in de kwantitatieve doelstellingen. Deze zouden namelijk het afwegingsproces in het kader van de ‘impact assessment’ kunnen verstoren in die zin dat zij dwingen niet te kiezen voor regelgeving waar dit misschien wel nodig zou zijn. Bovendien lokken dergelijke doelstellingen manipulatie uit. Zo zijn in het verleden om te kunnen voldoen aan regeldrukverminderingsdoelstellingen wetten samengevoegd zonder dat er ook maar één artikel minder in kwam te staan.

Tegelijkertijd vergt een dergelijke horizontale, meer op eigen verantwoordelijkheid gerichte benadering een serieuze stok achter de deur in de vorm van een overheid die bij normovertredingen hard en effectief optreedt. Ten aanzien van de overtredingen van het rookverbod gebeurt dat ten onrechte niet. Verder betekent het accent op meer eigen verantwoordelijkheid ook dat we de neiging moeten weerstaan om meteen naar de overheid te wijzen als er dingen misgaan. De ervaring van de rampen in Enschede en Volendam alsmede in de financiële sector leert dat dit – zelfs voor de grootste voorstanders van het terugdringen van de rol van de overheid – niet makkelijk is. Maar het zal wel moeten. Ten slotte geldt dat de overheid via regelgeving en handhaving een prominente rol moet blijven spelen ten aanzien van serieuze veiligheids- en milieurisico’s, zoals bij bedrijven als Chemie-Pack maar ook als het gaat om cruciale financiële organisaties. De prijs die op deze terreinen moet worden betaald als eigen verantwoordelijkheid faalt is namelijk te groot om het alleen daarop te laten aankomen.

Dit Vooraf is verschenen in NJB 2011/171, afl. 4, p. 223.

 

Bron afbeelding: de Raaf

Tom Barkhuysen

Naam auteur: Tom Barkhuysen
Geschreven op: 24 januari 2011

Advocaat-partner bij Stibbe en hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

Gemmell schreef op :
Barkhuizen wil natuurlijk geen klanten verliezen en pleit er daarom - begrijpelijk - niet voor dat bedrijven die herhaaldelijk de milieuvergunning overtreden gesloten worden met intrekking van de vergunning. Veel te vaak zien we dat misstanden jaren met oneigenlijke argumenten met de mantel der liefde worden bedekt. Wat rest is een stroperig verhaal over wijziging van werkprocessen, waar natuurlijk weer dure opleidingen voor gevolgd moeten worden.

Het gaat niet om meer overheid maar om een overheid die de consequentie durft te trekken en haar verantwoordelijkheid durft te nemen. De burgemeester is niet voor niets vertrokken. Dus ook niet handelen kan net zo ernstige gevolgen hebben ook voor de carrière van de bestuurders als wel durven handelen.

DARK WATERS: een advocaat neemt het op tegen een groot, vervuilend chemiebedrijf

AfbeeldingNJB mag twee vrijkaarten weggeven voor de film Dark waters (vanaf 23 januari in het filmhuis). 

’Het waargebeurde verhaal van advocaat Rob Bilott (Mark Ruffalo) die net partner is geworden bij een prestigieus advocaten kantoor. Als bedrijfsadvocaat voor diverse grote chemie bedrijven, heeft hij reeds zijn sporen verdiend en daarmee zijn toekomst veilig gesteld. Wanneer hij op zijn werk benaderd wordt door een boer uit West Virginia, die beweert dat er giftig afval wordt geloosd op zijn land wat de oogst verpest en het vee doodt, raakt hij verstrengeld in een persoonlijk conflict. In de hoop de waarheid boven water te krijgen, dient Bilott uiteindelijk een klacht in tegen chemieconcern DuPont. Hij begrijpt dat er gevochten moet worden voor de gerechtigheid voor een gemeenschap die al jaren wordt blootgesteld aan dodelijke chemicaliën Het is het begin van een 15 jaar durend gevecht.’’

Mail ons voor vrijkaarten

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.