Rechtsbijstand: het kind van de rekening

Voor niets gaat de zon op. Dat zullen de minder draagkrachtige rechtzoekenden aan den lijve ondervinden als de plannen voor de stelselvernieuwing van de rechtsbijstand, die staatssecretaris Teeven op 12 juli 2013 naar de Tweede Kamer zond1, doorgaan. De zomer was in Nederland eindelijk losgebarsten en iedereen was met vakantie of op reces, dus veel reacties zijn er nog niet op gekomen.

Maar hopelijk is dat stilte voor de storm. Want we moeten ons serieus de vraag stellen of de manier waarop de taakstelling voor de bezuiniging op de gefinancierde rechtsbijstand van het kabinet Rutte II wordt ingevuld wel aanvaardbaar is.

Over de noodzaak en gevolgen van de beoogde bezuiniging van 100 miljoen is het afgelopen jaar in de Tweede Kamer al uitvoerig gedebatteerd. Daarbij zijn verschillende scenario’s de revue gepasseerd: een leenstelsel waarbij de staat de kosten van de rechtsbijstand alleen maar voorfinanciert, een aanbestedingsstelsel waarbij de staat rechtshulp ‘inkoopt’ via een aanbestedingsprocedure waarop advocaten en rechtsbijstandverleners kunnen inschrijven, een verzekeringsstelsel en een versterking van de eerstelijns rechtshulp, waardoor er minder beroep zou hoeven worden gedaan op de tweede lijn. Na consultatie van stakeholders waaronder de NOvA, de Raad voor Rechtsbijstand, het Verbond van Verzekeraars en de Raad voor de Rechtspraak, is gekozen voor een verdieping en verbreding van de eerstelijns rechtsbijstand door het Juridisch Loket.2

Uit de gepresenteerde stelselvernieuwing blijkt echter dat het Juridisch Loket vooral wordt ingezet in het kader van een verplichte selectie aan de poort om de doorstroom naar de tweede lijn zoveel mogelijk te beperken. Dat moet gaan gebeuren door ‘juridische professionals’ (niet zijnde advocaten) die in dienst komen van het Juridisch Loket en die moeten beoordelen of doorverwijzing naar de tweede lijn ‘realistisch en op juridische gronden gebaseerd kan worden’, of de kosten in redelijke verhouding staan tot het belang van de zaak en of de zaak redelijkerwijs niet door de rechtzoekende zelf kan worden gedaan.

Geschillen op het terrein van verbintenissenrecht of huurrecht worden daarom in beginsel uitgesloten van het stelsel van gefinancierde rechtsbijstand omdat daarvoor goedkopere oplossingen zijn zoals geschillencommissies of andere laagdrempelige vormen van geschilbeslechting en ook zaken waarin geen verplichte procesvertegenwoordiging geldt, kunnen in beginsel aan de rechtzoekende zelf worden overgelaten. In het regeerakkoord is afgesproken dat echtscheiding zonder minderjarige kinderen zonder tussenkomst van de rechter mogelijk wordt gemaakt. In die gevallen hoeft er ook geen advocaat aan te pas te komen en dus hoeft er geen gefinancierde rechtsbijstand meer te worden geboden. In de eerstelijnsvoorziening zullen de scheidende partijen gewezen worden op de zaken die ze onderling moeten regelen. Er komt een lager uurtarief voor advocaten in bewerkelijke zaken en in strafzaken wordt er pas een ambtshalve toevoeging verleend bij de gevangenhouding in plaats van de inbewaringstelling. Vergoedingen aan advocaten worden tijdelijk niet meer geïndexeerd, administratieve kosten worden niet meer vergoed, want advocaten hoeven geen toevoegingen meer aan te vragen, de beoordeling of iemand een advocaat nodig heeft gebeurt door het Juridisch Loket. Omdat deze maatregelen zullen leiden tot een substantiële daling van het aantal toevoegingen gaan ook kosten van de Raad voor Rechtsbijstand en het Juridisch Loket omlaag. Hoe dat bij het Juridisch Loket zou moeten worden gerealiseerd, dat er tal van taken bij krijgt, is mij overigens een raadsel. De ‘juridische professionals’ die al dit screeningwerk moeten doen zullen toch ook moeten worden betaald?

In de brief van 12 juli wordt erkend, dat veel rechtzoekenden die niet meer in aanmerking zullen komen voor gefinancierde rechtsbijstand, toch een advocaat nodig zullen hebben. Daarom zal een onderzoek worden gedaan of er niet een tariefregulering kan komen voor advocaten in veel voorkomende zaken, zodat de kosten voor de rechtzoekenden niet de pan uit rijzen.

Als we het geheel van maatregelen overzien dan kan de conclusie geen andere zijn dan dat het belangrijkste doel daarvan is zoveel mogelijk rechtzoekenden uit te sluiten van door de overheid gefinancierde advocatenbijstand en van toegang tot de rechter met als argument dat zij hun problemen best zelf en zonder advocaat of rechter kunnen oplossen of een rechtsbijstandsverzekering moeten nemen. Ook al zou dat laatste voor een deel kloppen en kan er winst geboekt worden door een verbetering van de rechtshulp door het Juridisch Loket, dan verdraagt zich dat niet met een (in beginsel) categorale uitsluiting van tweedelijns rechtshulp, bijvoorbeeld in bestuurszaken of echtscheidingszaken zonder kinderen. Alsof zich daarbij geen ingewikkelde juridische problemen voordoen. De stijging van de kosten voor gefinancierde bijstand wordt in belangrijke mate veroorzaakt door een steeds complexere regelgeving waar de overheid zelf debet aan is. 60% van alle rechtsbijstand wordt verleend in conflicten tussen de burger en de overheid. Het aantal toevoegingen is de laatste jaren gedaald. De kosten zijn gestegen omdat het veel bewerkelijke en dus ingewikkelde zaken zijn.3 Het is bovendien maar helemaal de vraag of een verschuiving van de juridische bijstand en conflictoplossing van advocaten en rechters naar de eerstelijns rechtshulp of alternatieve geschiloplossing zoveel goedkoper zal zijn en of het gaat lukken om onze samenleving te déjuridiseren. Problemen inventariseren en oplossen kost nu eenmaal tijd en geld. Veel zal afhangen van de vraag hoe de kwaliteit van de selectie aan de poort is, hoeveel tijd daaraan besteed kan worden en hoeveel beleidsvrijheid daarbij wordt toegekend. Als de bezuinigingstaakstelling daarbij doorslaggevend is, dan vrees ik dat de toegang tot het recht voor veel minder draagkrachtige burgers niet verder zal gaan reiken dan een loket.

Dit Vooraf is verschenen in NJB 2013/1774, afl. 29, p. 1955.


Bron afbeelding: Jasper M, In de rij voor loket (www.jasperskunst.com)


1. Kamerstukken II 2011/12, 31 753, nr. 64.
2. Kamerstukken II 2011/12, 31 753, nr. 52.
3. Kamerstukken II 2011/12, 31 753, nr. 51.

Taru Spronken

Naam auteur: Taru Spronken
Geschreven op: 13 augustus 2013

Advocaat-generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar straf- en strafprocesrecht Universiteit Maastricht

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

a.zecha schreef op :
Een bescheiden aantal korte commentaren over de rechtsbijstand/bescherming van burgers in onze rechtsstaat.
- Adequate informatieverstrekking aan burgers over hun te beknotten rechtsbijstand (en dus ook hun rechtsbescherming) ontbreekt en/of hapert.
- De greep van politieke partijvertegenwoordigers op rechtspraak en/of rechtsgang groeit
- Het is plausibel dat bij de selectie aan het Juridisch loket conform de wensen van onze staatsbestuurders zal verlopen.
- De praktische (categorale) uitsluiting van minder kapitaalkrachtige burgers staat in schrille tegenstelling tot staatsbestuurders die decennia lang met publieke middelen tegen burgers(klokkenluiders) kunnen procederen. En tot slot een citaat uit het artikel: "60% van alle rechtsbijstand wordt verleend in conflicten tussen de burger en de overheid."
a.zecha
‘Rechtsbijstand: het kind van de rekening’ ← BijzonderStrafrecht.nl schreef op :
[...] Rechtsbijstand: het kind van de rekening, NJBlog [...]

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.