Recept voor een verstoorde relatie tussen overheid en burger

Er zijn genoeg betrokken burgers, die hard nodig zijn voor een levende democratie. Maar grote groepen burgers herkennen zich onvoldoende in ‘hun’ politiek. Nederland is hard toe aan democratische zelfreflectie. Maar het ene na het andere rapport dat daarop wijst verdwijnt achter in de lades van de politiek.

Vertrouwen in partijleiders

Dit jaar beleefden we de vijfde Kamerverkiezing in tien jaar. Naast de inhoud van de verkiezingsprogramma’s van de partijen speelde vertrouwen in partijleiders bij deze verkiezing een belangrijke rol. De media maakten er in hun race om de kijkcijfers een karaktertest van, waarbij iedere partijleider uitgenodigd werd om over zijn schaduw heen te springen, althans door hoepels te springen, oneliners uit te spreken en ballonnen op te blazen. Maar ondanks het mediaspektakel en televisiedebatten over de grote maatschappelijke problemen waar Nederland voor staat, was de opkomst met 74% van de kiezers mager en opmerkelijk veel kiezers bepaalden al zwevend hun keuze. Kennelijk sluit de wereld van de politiek onvoldoende aan bij die van burgers. Tekenend is dat volgens onderzoek kiezers de betrouwbaarheid van politici even laag inschatten als die van autoverkopers.1 Ik maak mij ernstig zorgen.

Kort voor deze turbulente verkiezingen verscheen van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid – WRR – het rapport Vertrouwen in burgers.2 De WRR luidt de noodklok en roept op tot snelle bestuurlijke verandering. Want institutioneel conservatisme, het niet willen innoveren van ons overheidssysteem als het gaat om burgerbetrokkenheid, gecombineerd met onze steeds meer complexe netwerkensamenleving vormen een kwetsbare combinatie. In de woorden van de WRR: ‘De rust van een bevroren rivier is schijn. Onder het ijs bewegen zich de onderstromen die beleidsmakers de komende jaren voor flinke uitdagingen zullen stellen.’3

Betrokken burgers

Voor een levende Nederlandse democratie zijn betrokken burgers belangrijk. En er zijn veel betrokken burgers. Maar ook stelt de WRR – mede op basis van het continu Onderzoek Burgerperspectieven van het Sociaal Cultureel Planbureau4 – dat grote groepen burgers zich onvoldoende herkennen in ‘hun’ politiek. Ze voelen zich overvraagd, hebben weinig vertrouwen in hun eigen vermogen om de politiek te beïnvloeden, geloven niet dat de politiek opkomt voor hun belangen of denken dat hun maatschappelijke doelen beter zonder beleidsmakers zijn te realiseren. De WRR maakt zichtbaar dat veel burgers graag betrokken zijn bij de publieke zaak en ook een zeer creatieve en waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de inrichting van onze samenleving, maar dat de mogelijkheden daarvoor te beperkt zijn en bovendien de juiste ‘mindset’ aan overheidszijde ontbreekt. De WRR beveelt een andere manier van denken en werken in het openbaar bestuur aan als het gaat om de betrokkenheid van burgers. Het huidige democratische representatieve model zou volgens de WRR aangevuld moeten worden met associatieve democratische elementen, een ‘doedemocratie’.

En een doe-democratie is iets anders dan het opsommen van participatieprojecten, discussie over het referendum of andere projecten uit de oude doos. De kabinetsreactie op het WRR is daarom onbevredigend, ondanks het applaus voor de algemene conclusies van de WRR.5 Bovendien schuift het kabinet de verbindingen tussen burger en overheid wijselijk door naar een volgend kabinet. Ik heb er weinig fiducie in dat versterking van de democratie op de agenda bij deze kabinetsformatie staat.

Democatische zelfreflectie

Eerder al in 2004 – na de Fortuynrevolutie – heeft de WRR een rapport uitgebracht over de staat van de democratie.6 Volgens de WRR was Nederland toe aan democratische zelfreflectie. Ingrijpende maatschappelijke ontwikkelingen als de verplaatsing van de politiek, mediatisering, Europese integratie, mondialisering, vervreemde burgers en toenemende maatschappelijke complexiteit nopen hiertoe. Het rapport van de WRR is in de bureaula verdwenen. Ook de conclusies van de Nationale Conventie stierven een zachte dood.7 Hetzelfde dreigt te gebeuren met het rapport ‘Vertrouwen op democratie’ van de Raad voor het Openbaar Bestuur – ROB – uit 2010.8 Het is daarom begrijpelijk dat de ROB met een vervolg op zijn rapport nogmaals de discussie over het vertrouwen in de burger op de politieke agenda poogt te zetten.9

Aan de ene kant staat Nederland dus voor ingrijpende keuzes. Er zijn zeer ernstige problemen op de financiële markten en de economische crisis zal zich nog verder verdiepen. Op Europees niveau moeten de komende jaren belangrijke keuzes gemaakt worden. Op alle belangrijke beleidsterreinen zoals jeugd, arbeidsmarkt, pensioenen, wonen, onderwijs en gezondheid en noem maar op, laten de effecten van beleidswijzigingen, stelselherzieningen en bezuinigingsoperaties vaak te wensen over. Niet voor niets stellen de burgemeesters van de grote gemeenten de Haagse regels, voorwaarden en protocollen aan de kaak. Aan de andere kant staan kiezers die nauwelijks invloed hebben op coalitievorming en de inhoud van een regeerprogramma doordat ons democratisch stelsel achterhaald is. Dit lijkt een recept voor een verstoorde relatie tussen overheid en burger.

Democratie is veel meer dan het eens in de twee of vier jaar een vakje rood kleuren. Wellicht voldeed het systeem vijftig jaar geleden nog, in onze complexe samenleving schiet het tekort. Hoe geven wij anno 2012 inhoud aan een rijkgeschakeerde en levendige democratie? Hoe nemen wij burgers serieus in hun maatschappelijke betrokkenheid? Over die vragen zwijgen onze politici ten onrechte.

Dr. A.F.M. Brenninkmeijer is Nationale ombudsman en medewerker van dit blad. Dit artikel verschijnt ook in NJB 2012/1900, afl. 34, p. 2291.

 

Bron afbeelding: Erwint



1. Reader’s digest European trusted brandsonderzoek 2012, http://www.rdtrustedbrands.com/, geraadpleegd op 14 september 2012. Niet betrouwbare beroepsklassen: politici (85%), autoverkopers (84%), voetballers (84%), financieel adviseurs (77%), geestelijken (74%).
2. WRR, Vertrouwen in Burgers, Amsterdam University Press: 2012.
3. P. 40.
4. Met het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB) brengt het SCP periodiek de mening van burgers in kaart. http://www.scp.nl/Publicaties/Alle_publicaties/Publicaties_2011/COB_Kwartaalbericht_2011_2.
5. Kamerstukken II 2011/12, 29 9614, nr. 33.
6. WRR, Staat van de democratie. Democratie voorbij de staat, Amsterdam University Press: 2004.
7. Nationale conventie, Hart voor de publieke zaak, Den Haag 2006.
8. Kamerstukken II 2011/12, 33 000 VII, nr. 3 (kabinetsreactie op het ROB rapport ‘Vertrouwen op democratie’).
9. Horizontaal met verticaal verbinden, Reactie op de reacties op Vertrouwen op democratie, Den Haag: 2011.

Naam auteur: Alex Brenninkmeijer
Geschreven op: 28 september 2012

Hoogleraar Institutionele aspecten van de rechtsstaat aan de Universiteit Utrecht

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

a.zecha schreef op :
Een burger die een goede democratie ter harte gaat; en autonoom durft waar te nemen; en over het waargenome wil na te denken en bovendien niet bang is het hoofd boven het Haagse maaiveld uit te steken, zal m.i. niet blijven zwijgen over de evolutie (involutie?) van de democratie in zijn land.

De huidige crisis wordt m.i. aangewend om persoonsgebonden macht en winst te vergroten op de vrije politieke en andere. markten in de wereld, in Europa en in ons klein landje.
Op al deze markten is de facto veel geoorloofd.
Mijns inziens zijn op deze markten twee factoren feitelijk bepalend:
1. voldoende machtsmiddelen vergaren, en
2. voldoende bondgenoten of volgelingen te verzamelen:

Dit neergeschreven hebbende, dringt zich letterlijk en figuurlijk beelden op van slachtvelden uit vele en velerlei vergeten oorlogen waarbij de geldende moraal was:om ten koste van alles van anderen te winnen vermits de winnaar de moraal, het recht en de winst bepaalt.

Het opgemelde kan m.i. heel wel een kader vormen waarbinnen het onderhavig artikel kan worden verstaan.

a.zecha
Frits Jansen schreef op :
Brenninkmeijer hoort bij de ouderwetse D66-achtigen die miskennen dat veel burgers zich helemaal niet interesseren voor politiek en/of daar erg weinig van weten. Dáár spelen populisten op in, gesteund door een pers die niet vrij meer is maar voortdurend achter kijk- en oplagecijfers aanrent om te overleven in het internet-tijdperk. Boze tongen wijzen erop dat bijv. een RTL belang heeft bij zo veel mogelijk kabinetscrises, omdat er veel reclamezendtijd wordt verkocht rond verkiezingsdebatten, voor hen in feite een van de vele "formats" van een spelshow.

Door populisten zijn kiezers niet alleen slecht maar menigmaal ook ronduit onjuist geïnformeerd. Lager opgeleiden missen de kennis om leugens door te prikken.

Moet je je interesseren in politiek, als burgerplicht? Ik vergelijk het eerder met een sportvereniging, waar het dagelijks bestuur bijna alles doet, en de Algemene Ledenvergadering weliswaar officieel de baas is, maar slechts zelden ingrijpt. Tenzij er een belangrijk verschil van mening opdoemt.

Neem ook de gemeentepolitiek. Ik woon in een middelgrote stad (130.000) en kan me er werkelijk niet voor interesseren waar die zich allemaal mee bezig houdt. Ja, als ze hier nóg een flat willen bouwen tussen de flats die toch al te dicht op elkaar staan komt er een burgercomité (zonder partijbinding) en dat werkt effectief.

In de landspolitiek is het politieke proces een eigen leven gaan leiden. Op een overbezette "markt" moeten ze hun verschillen enorm uitvergroten. Zodat Rutte eerst de PvdA moet verketteren om die nu te omarmen.

Een lichtpuntje is misschien dat langzamerhand duidelijk wordt dat je als eerlijk politicus (?) niet een beetje moet toegeven aan populisten "omdat ze blijkbaar toch problemen aansnijden veel kiezers aanspreken". Onzin: ze praten kiezers problemen aan, met irrealistische oplossingen. Zo ontstaat de opmerkelijke trend om "het eerlijke verhaal" over Europa te vertellen. Jammer alleen dat "Europa" nog steeds - zelfs door D66 - wordt verdedigd met een kosten-baten betoog, en het gesprek over de ideële dimensie taboe lijkt. Bijv. dat veel van de nieuwe lidstaten enkele decennia geleden nog dictaturen waren, in Oost-Europa, en iets langer geleden ook in Zuid-Europa.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.