Ondervragen staat vrij?

Lees hier de scriptie van Justus Reisinger 'Art. 6 (3)(d) EVRM: ondervragen staat vrij? Een evaluatie van het waarborgen van de verdedigingsrechten in het geval van beperkingen op het ondervragingsrecht ex art. 6 lid 3 sub d EVRM, ten aanzien van belastende getuigen, in het Nederlandse strafproces' (Masterscriptie Nederlands recht, Universiteit Utrecht, richting: Strafrecht (Excellent Mastertracé), begeleider: prof. mr. A.A. Franken, beoordeling: 8,5).

De scriptie handelt over art. 6 lid 3 sub d EVRM dat de verdachte – onder andere – het recht geeft om hem belastende getuigen zelf te kunnen ondervragen. Het belang hiervan is te vinden in enerzijds het bevorderen van een betrouwbare waarheidsvinding in het strafproces en anderzijds in de beginselen van een eerlijk proces voor de verdachte. Sinds de uitspraak van het EHRM in de zaak Al-Khawaja & Tahery is er een nieuwe lijn te ontdekken in de manier waarop het ondervragingsrecht in Straatsburg wordt uitgelegd. In de daaropvolgende jurisprudentie van het EHRM wordt deze nieuwe lijn nader ingekleurd. Hierin wordt duidelijk dat de aanwezigheid van compenserende factoren een belangrijke plaats is gaan innemen. Enkel op die manier kan een schending van art. 6 lid 3 sub d EVRM worden voorkomen als een effectieve ondervragingsgelegenheid voor de verdediging ontbreekt, aldus het EHRM. De Hoge Raad heeft in zijn ‘grenzen getuigenbewijs’-jurisprudentie echter andere maatstaven aangelegd. In de scriptie wordt geconcludeerd dat deze maatstaven zich niet (meer) laten verenigen met het beslissingsmodel van het EHRM. Voornamelijk omwille van het belang dat het ondervragingsrecht vertegenwoordigt, zal de Hoge Raad het EHRM moeten volgen en zijn ‘grenzen getuigenbewijs’-jurisprudentie bij moeten stellen. In een recent arrest lijkt de Hoge Raad dit gedaan te hebben.

Naam auteur: Redactie
Geschreven op: 24 april 2013

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

a.zecha schreef op :
Deze scriptie verhaalt m.i. in essentie de evolutie om tot een meer evenwichtig en (dus) minder vertekenend ondervragingsrecht te komen. En daarom meer mogelijkheden bieden tot een meer juiste waarheidsvinding te geraken.
Dat onze Hoge Raad deze ontwikkeling lijkt te volgen is naar mijn mening een goede ontwikkeling van ons rechtsbewustzijn.
Hopelijk zullen de m.i. nationalistisch gekleurde ego’s van onze partij vertegenwoordigers en onze media ons niet beletten om “over onze nationalistische schaduwen heen te stappen”.
a.zecha

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.