Een aswolk als leermoment

‘Aswolk. Luchtruim dicht. Bestuurders kiezen graag voor absolute veiligheid’. Onder deze kop verscheen een bijdrage van hoogleraar staatsrecht Luc Verhey in de NRC van 20 april jl. Hij maakt zich zorgen over de manier waarop bestuurders omgaan met vraagstukken van veiligheid en neemt daarbij de wijze waarop zij de IJslandse aswolk benaderden als voorbeeld.

Het besluit van de Europese autoriteiten om een algemeen vliegverbod af te kondigen lag zoals bekend snel onder vuur. De Vereniging van Verkeersvliegers en de KLM stelden in het weekend daarna bijvoorbeeld al dat de lucht voldoende veilig was om tot een versoepeling van het verbod over te gaan. Demissionair minister Eurlings ging daarin mee. Inmiddels is het luchtruim weer heropend en is de vraag of de primaire reactie van de Europese autoriteiten niet overtrokken was. Verhey hekelt naar aanleiding van dit voorbeeld de hedendaagse neiging bij het bestuur om absolute veiligheid tot uitgangspunt te nemen: ‘Als veiligheidsvraagstukken aan de orde zijn, toont het openbaar bestuur al snel een verkramping die leidt tot risicomijdend gedrag. Voorkomen van gevaar en indekken tegen mogelijke aansprakelijkheid voeren de boventoon.’ Hij brengt dat in verband met de vrees voor onderzoek achteraf voor het geval er iets misgaat. Daarin, zo stelt hij, wordt immers vaak met de wijsheid achteraf nagegaan wat er fout is gegaan, wie daarvoor verantwoordelijk moet worden gesteld en welke maatregelen er moeten worden genomen. Zulke onderzoeken hebben, neem de Schipholbrand, niet zelden gevolgen voor individuele bestuurders en ambtenaren.

Verhey ziet een afrekencultuur ontstaan die het openbaar bestuur uitsluitend gericht doet zijn op het voorkomen van risico’s. De prijs van zulk indekgedrag is hoog: het leidt al snel tot opeenstapeling van bureaucratische toezichtsmechanismen waarvan mag worden betwijfeld of de baten opwegen tegen de kosten. Risicomijdend gedrag kan daarnaast leiden tot onevenredige schade aan economische belangen. Voor evenwichtige besluitvorming is niet alleen nodig dat men beseft dat nu eenmaal niet elk risico in het menselijk leven kan worden uitgesloten – pech en ongelukkig toeval bestaan – maar ook dat men aanvaardt dat mensen fouten maken.

Mijn inschatting is dat Verhey hiermee in bestuurlijke kringen de handen op elkaar krijgt en wellicht daarbuiten ook nog wel. Wat hier immers als probleem van overheidsbestuur wordt gezien, kan worden doorgetrokken naar andere situaties. Denk maar aan de rol van financiële toezichthouders in het kader van de kredietcrisis en aan de problematiek van de rechterlijke beslissingen over verlenging van TBS.

Mij lijkt het van belang onderscheid te maken tussen het perspectief ‘vooraf’ en het perspectief ‘achteraf’. De bestuurder, toezichthouder, rechter die voor een bepaalde beslissing staat, moet uiteraard zijn werk goed doen. Hij moet daarbij niet gehinderd worden door ongewenste vrees voor consequenties van eventuele verkeerde beslissingen. Deze vrees is ongewenst wanneer zij leidt tot ander gedrag en andere beslissingen dan men eigenlijk van de modelbeslisser zou verwachten. Wat niet wenselijk lijkt, is dat altijd de veilige kant wordt gekozen. In een ‘better safe than sorry’-cultuur zou wellicht geen TBS-er meer op verlof mogen. Aan de andere kant is er het achteraf-perspectief. Wanneer er iets is misgegaan, kunnen gedupeerden met recht geïnteresseerd zijn in en belang hebben bij aansprakelijkheid. Het systeem op zijn beurt is gediend met het voorkomen van herhaling en met verbetering voor de toekomst. Er is niets mis met deze belangstelling van het systeem of van de direct getroffenen voor incidenten, integendeel: wanneer er foutief gehandeld is, hebben laatstgenoemden conform de regels van het aansprakelijkheidsrecht recht op vergoeding van de schade en is vanuit het perspectief van het systeem een relevante vraag of het wellicht kan worden verbeterd. Er gaat pas iets mis wanneer we naar aanleiding van een incident inderdaad in de valkuil van de hindsight bias stappen en diegenen die handelden, moesten beslissen of knopen doorhakten verwijten dat zij op dat moment het overzicht misten dat wij zelf ook pas achteraf na veelal diepgravend onderzoek hebben verkregen.

Een pleidooi als dat van Verhey kan al snel worden uitgelegd als het verlagen van de druk ‘achteraf’ ter verbetering van de positie van bestuurders (toezichthouders, rechters) ‘vooraf’. Dat heeft uiteraard een zekere aantrekkingskracht, maar bergt ook gevaren in zich. Dat het nu eenmaal altijd mis kan gaan – pech bestaat – en mensen bovendien ook niet onfeilbaar zijn, mag geen goedkoop excuus worden dat ieder onderzoek naar mogelijke fouten in de weg staat. Voorkomen moet worden dat het bestuur zich al te gemakkelijk kan verschuilen achter een ‘lastige positie ten tijde van onze beslissing’. Anders blijven ‘leermomenten’ voor het systeem wellicht onbenut en zouden individuele gedupeerden ten onrechte met lege handen kunnen blijven staan.

Vanuit dat perspectief kunnen wel vraagtekens worden geplaatst bij de nadruk die sommigen leggen op persoonlijke aansprakelijkheid van degenen die bij de besluitvorming betrokken waren. Dat kan niet alleen ongewenste effecten hebben op de besluitvorming vooraf, een onnodig voorzichtige ‘defensieve’ houding bijvoorbeeld, maar kan, mocht er desondanks iets misgegaan, ook zeer wel tot gevolg hebben dat relevante, wellicht ook leerzame, informatie ‘onder de pet’ blijft of dat adequaat optreden in de richting van getroffenen (uitleg, excuses, eventueel ook erkenning van aansprakelijkheid) op zich laat wachten of zelfs uitblijft. In dit verband kan ik de oproep van Wagenaar om rechters uit de zaak van Lucia de Berk stelselmatig te wraken niet volgen (‘Wraak!’, NRC 22 april). Wanneer Wagenaar en de zijnen gelijk hebben met hun stelling dat zaken als deze slechts het topje van de ijsberg vormen, is dit niet de manier om in beeld te krijgen wat nu nog aan het zicht onttrokken wordt. Of denkt hij te dansen op een vulkaan?

Dit Vooraf is verschenen in NJB 2010/909, afl. 18, p. 1159.

Bron afbeelding: wstera2

Ton Hartlief

Naam auteur: Ton Hartlief
Geschreven op: 3 mei 2010

Advocaat-generaal bij de Hoge Raad en hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit Maastricht

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

e.starink schreef op :
Met veel interesse de bijdrage van Hartlieb gelezen. Inderdaad is het goed om de perspectieven "vooraf"en "achteraf" in beschouwingen over bestuurlijke maatregelen te betrekken.
Maar toch nog eens even terug naar de verwarrende dagen waarop het Europees luchtruim werd gesloten. Wat wisten we toen? Dat een vulkaan as uitbraakte. Plus dat enkele jaren eerder minimaal twee vliegtuigen serieuze problemen hadden ondervonden toen ze door een aswolk vlogen. Ik kan de beslissing van de diverse (nationale!) autoriteiten dan best billijken.
Maar was het de (materiele) taak van die autoriteiten om die beslissing te nemen? Misschien vanuit wettelijk oogpunt - ik weet dat gewoon niet. Maar ik kan mij ook kunnen voorstellen dat die autoriteiten hadden volstaan met een advies "niet vliegen zolang..." Daarbij de materiele verantwoordelijkheid voor het al-dan-niet opvolgen van het advies latend bij de partijen die geacht kunnen worden het beste te weten wat vliegtuigen wel of niet kunnen - die vliegmaatschappijen dus.
Nu hebben de nationale autoriteiten het probleem naar zich toe getrokken. Daarbij vliegmaatschappijen en overmoedige piloten de kans latend om
een lange neus te trekken naar de overheden met proefvluchten.
Ik vond dat toen (en vind dat nog steeds) lamentabel gedrag: je lekker verschuilen achter de brede rug van "de overheid" bij het uitleggen aan reizigers die op luchthavens moesten verblijven. En tegelijkertijd de held uithangen met proefvluchten wetende van die eerdere ongemakken die vliegtuigen hadden ondervonden.
Het is allemaal - uiteindelijk - goed gegaan. Maar ik ben reuze benieuwd wat het verhaal zou zijn geweest van de desbetreffende vliegmaatschappij als zo'n vliegtuig ergens in drukbevolkt Europa was neergekomen.....
Moraal van het verhaal: laat ieder vanuit eigen verantwoordelijkheid de dingen doen waarin hij het beste is. En daarvan dan ook de konsekwenties aanvaarden.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.