De overheid achter de voordeur

Bemoeienis met de particuliere sfeer is niet specifiek voor een christelijk-sociaal kabinet. Eerdere kabinetten namen maatregelen tegen het roken, het alcoholgebruik onder jongeren en het overgewicht. Ook de strafrechtelijke Wet gedragsbeïnvloeding jeugdigen en de bestuurlijke Wet tijdelijk huisverbod (i.v.m. huiselijk geweld) hebben een voorgeschiedenis. Dat geldt ook voor de introductie van de voorwaardelijke machtiging – de dreiging met dwangopname – in de Wet bijzondere opneming psychiatrische ziekenhuizen. In dat kader zei Minister Klink dat niet zozeer behandeling centraal moet staan, maar de zorgbehoefte van de patiënt en de veiligheid van zowel de patiënt als de samenleving. Dat is wel nieuw: zorg en veiligheid zijn belangrijker dan of de patiënt er iets mee opschiet.



Ik ben er niet tegen als de voorlopige hechtenis van een jongere wordt geschorst op voorwaarde dat het hele gezin zich onderwerpt aan intensieve jeugdzorgprogramma's; of dat een man die zijn vrouw slaat tijdelijk zijn huis niet in mag. Of dat een zwaar depressieve vrouw kan worden bedreigd met dwangopname als ze haar pillen niet slikt. Ik ben daar niet tegen als we goed weten wat we doen. Maar ik vrees dat met het oog op enkele goede voorbeelden als onbedoeld neveneffect een moeilijk beheersbare toename van overheidsinterventies wordt bewerkstelligd.

Uit de WODC Monitor Zelfgerapporteerde Jeugdcriminaliteit onder 10-17-jarigen komt naar voren dat meer dan de helft afgelopen jaar een delict heeft gepleegd: 600.000 delinkwente pubers. Recent was in het nieuws dat een op de drie tien- en elfjarigen zich minstens eens per jaar ernstig misdragen. Dergelijke cijfers suggereren urgentie. En dat is nu juist een denkfout.

Die 600.000 pubers hielden zich veruit het meest bezig met zwartrijden, het afsteken van vuurwerk en het uitschelden van iemand met verwijzing naar zijn huidskleur. Natuurlijk werd maar een gering deel (10%) afgestraft via Halt, OM of rechter. En uiteindelijk zijn er 5000 daders voor wie een enkele taakstraf te licht werd bevonden. Ik vind het prima om te proberen hun gedrag te beïnvloeden. Maar je kunt dat niet organiseren voor alle risicogevallen, alle daders, ja zelfs niet voor alle afgestraften. Daarvoor zijn er te weinig toezichthouders die voldoende nauw contact met de delinkwenten en hun gezin kunnen leggen om echte verandering te bewerkstelligen. Er is bovendien nog veel aarzeling met betrekking tot de methoden van gedragsbeïnvloeding. Afschrikking door de kans op ontdekking en straf daadwerkelijk te vergroten, blijkt nauwelijks succesvol. En het effect van resocialisatie door dergelijke 'monitoring' te verbinden met behandeling, zorg en praktische steun is iets aannemelijker, maar ook twijfelachtig.

Ook het slachtofferschap moeten we in perspectief blijven zien. De Meldpunten Kindermishandeling kregen ruim 40.000 meldingen. De politie registreerde bijna 60.000 incidenten van huiselijk geweld, waarbij het in drie kwart van de gevallen ging om geweld tegen de vrouw. Die slachtoffers zijn niet alleen Savanna's en Maasmeisjes. Er zijn ook slachtoffers die gebeurtenissen melden die anderen gewoon incasseren. Er zijn dochters die aangifte doen tegen hun vader omdat die hen op straat een draai om de oren gaf; om nog maar niet te spreken van boosaardige ex-partners die elkaar via valse aangiften tergen. Zo bezien wordt ik onrustig van het gegeven dat begin 2007 het aantal onvoorwaardelijke ondertoezichtstellingen met 40% is toegenomen dankzij toegenomen alertheid. Is daar echt grond voor?

Het is niet alleen een lastige vraag bij wie de overheid achter de voordeur zou moeten gaan kijken. Het is voor de street level workers ook niet eenduidig wat ze daar moeten doen. Denk even terug aan Savanna. Het driejarige meisje dat ondervoed en mishandeld aan haar eind kwam toen ze door haar moeder en stiefvader met een washandje in de mond was achtergelaten in een strafhok. Of het gebeurde omdat de gezinsvoogdes de moeder nog enigszins in haar ouderrol wilde erkennen, of door een z.g. bystandereffect – dat je niks doet omdat je er onbewust vanuit gaat dat een ander wel wat zal doen – feit was wel dat de gezinsvoogdes van Savanna en haar collega's niet hebben opgetreden. Of denk eens aan de politiemannen die voor de voordeur op assistentie wachtten terwijl achter de deur iemand werd vermoord.

Bevoegdheden om achter de voordeur te komen zijn niet het probleem. Prioritering en de onderlinge competenties van allerlei functionarissen wel. Met wetten zoals de genoemde schept de overheid verwachtingen om jeugdcriminaliteit, jeugdslachtofferschap en huiselijk geweld tegen te gaan. Verwachtingen die ze niet kan waarmaken. Er is een pretentie om veel aan te pakken, waardoor van de weeromstuit ook allerlei flutgevallen worden afgestraft. Maar in ernstige gevallen gebeurt er juist te weinig. Na een inbraak leveren we slachtofferzorg, maar niemand probeert het ophelderingspercentage van 7% (!) te verhogen. Zorg en klantvriendelijkheid zijn nu belangrijker dan boeven vangen.

Laat de politie weer ernstigere zaken oppakken. Wek als overheid niet de verwachting dat je iets doet aan onze ongehoorzame kinderen, onze getroebleerde buurtgenoot en de huisvrouw die een klap kreeg. Niet de (semi-)overheid moet achter de voordeur, maar de buurvrouw, de huisarts en de geloofsgenoot. In de gezondheidszorg vinden we het niet gek om te vertrouwen op mantelzorg. Als het om het bijbrengen van discipline gaat kunnen we ook denken aan ome Henk die een boksschooltje begint, aan imam Ali die ze de Koran leert. De overheid heeft dan een andere taak: als facilitator en als achterwacht. Burgers weten nu niet eens wat ze moeten doen om klein onrecht, overlast en flutdelicten tegen te gaan. Daarbij moeten ze worden geholpen. Het is belangrijker dat mensen hun eigen samenleving opbouwen dan om hen te behoeden voor elk risico en dan om hen gelijk te geven bij elke aangifte.

Dit Vooraf is verschenen in NJB 2008/18.

 

Bron afbeelding: Industry Is Virtue

Ybo Buruma

Naam auteur: Ybo Buruma
Geschreven op: 24 april 2008

Raadsheer in de Hoge Raad der Nederlanden

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

An schreef op :
Ik ken iemand die niks fout doet, maar dat een overheidsinstelling zich toch zorgen maakt voor de toekomst. Ze willen weten hoe ze haar kind opvoed. Ik vind dat veel te ver gaan. Ze kreeg toch ots, omdat ze zich zorgen maken over de toekomst. Zo gemeen hoe ze die alleenstaande vrouw in het nauw drijven. Dit gaat van kwaad tot erger. Het wordt steeds gekker in dit land. Ze wilden haar hele priveleven weten. Verschrikkelijk gewoon. Laat de overheidinstantie naar hun zelf kijken. Vechten tegen de overheid en ze moet doen wat ze zeggen, want ze pakken zomaar je kind af, want als er iets in hun hoofd zit dan gebeurd dat en daar kan je niks tegen doen. Je bent gewoon machteloos. Heb dat allemaal van dichtbij meegemaakt
Eline schreef op :
Ik ben het geheel met Buruma eens: de overheidsbemoeienis bij de initiatieven reikt te ver. We moeten toe naar versterkte sociale controle, dat is veel effectiever. Ik persoonlijk vind het belachelijk dat mensen dagen dood in huis kunnen liggen zonder dat hun buren dat merken. Als buren zie je vaak nog meer van iemands persoonlijk leven dan naaste familie! Dan weet je het als je buurvrouw mishandeld wordt of als je buurjongen na schooltijd coke dealt op de hoek van de straat. Maatregelen van overheidswege kunnen nooit voldoende specifiek zijn toegesneden op dit soort bijzondere gevallen.

Overigens is het jammer te zien dat ook iemand van het kaliber Ybo Buruma grove taalfouten maakt (5e alinea, 'wordt ik'). In het kader van de discussie over het twijfelachtig taalniveau van de rechtenstudenten van tegenwoordig wordt hier een slecht voorbeeld gegeven!

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.