De klok loopt bij de Hoge Raad der Nederlanden achteruit

Wij als samenleving hebben politieambtenaren bevoegdheden gegeven om geweld te mogen toepassen en om mensen te mogen opsluiten. Deze ernstige ingrijpen op onze vrijheid en zelfbeschikking zijn zorgvuldig vastgelegd in wetten. In die wetten staan ook de voorwaarden die gesteld zijn aan deze bevoegdheden van de politie. Eén van die voorwaarden is dat een politieambtenaar zich moet kunnen legitimeren met een politielegitimatiebewijs.

Legitimatieplicht politieambtenaren

Een politieambtenaar die zich niet kan legitimeren is onbevoegd om op te treden, daarmee wordt voorkomen dat nepagenten vrij spel hebben.

Op 13 april 2007 willen, en kunnen, twee politieambtenaren zich niet legitimeren met hun politielegitimatiebewijs. Eén van de politieambtenaren besluit dan zonder enige motivering om betrokken burgers die even daarvoor ernstig geïntimideerd waren door personeel van een restaurant en van een beveiligingsbedrijf met geweld te arresteren en af te voeren.

Ondanks alle onredelijkheid van de kant van de politie besluit het Openbaar Ministerie om een schikking te sturen van 220 euro. Betrokkenen laten de zaak voorkomen. Op 28 augustus 2007 wordt de zaak op zitting gebracht, maar het Openbaar Ministerie en de politie onthouden de betrokkenen het dossier en daarom wordt de zaak verdaagd. Op 10 oktober 2007 vindt de behandeling plaats. De politierechter handhaaft de schikking.

Toegang tot hoger beroep

Sinds 1 juli 2007 is in strijd met het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten, 1966, de toegang tot het hoger beroep in strafzaken uit overwegingen van kostenbesparing door de Nederlandse wetgever ingeperkt en bepaalt het gerechtshof door summiere toetsing of hoger beroep wordt toegelaten of niet. Bij een vonnis van de politierechter van 510 euro wordt het hoger beroep altijd toegelaten, maar bij eenzelfde uitspraak van 220 euro stelt de politiek dat het gaat om een kleine zaak; voor de getroffen burger is het echter altijd een grote vernedering om slachtoffer te zijn van onrechtmatig overheidsoptreden. Bij de aanvraag om een hoger beroep kan men in de redengeving aangeven dat men onschuldig is, toch oordeelt het Gerechtshof Arnhem op 8 januari 2008 dat de in de redengeving aangevoerde feiten, zelfs indien van de juistheid daarvan wordt uitgegaan, redelijkerwijs niet behoeven te leiden tot een ander oordeel dan in het vonnis is gegeven.

Herzieningsverzoek

Op 19 maart 2013 doet de Hoge Raad der Nederlanden uitspraak in een herzieningsverzoek. Het verzoek betreft herziening van de uitspraak van de politierechter van 10 oktober 2007. De Hoge Raad der Nederlanden stelt in zijn uitspraak van 19 maart 2013 dat herziening van een uitspraak van het gerechtshof, over het toelaten van het hoger beroep, op grond van de wet niet mogelijk is. Ook stelt de Hoge Raad der Nederlanden met een dubbele ontkenning dat de rechter die het vonnis op 10 oktober 2007 uitsprak al wist van feit 3 en feit 4 terwijl die pas aan het licht kwamen bij een hoorzitting van de klachtencommissie politieoptreden politieregio Gelderland-Zuid op 16 december 2008 en die bevestigd werden in een beslissing van 17 februari 2009 van de korpsbeheerder van de politie Gelderland-Zuid, Th. C. de Graaf.

De politieambtenaren hadden hun politielegitimatiebewijs niet bij zich en waren derhalve onbevoegd om op te treden. De rechter kon bij zijn oordeel niet bekend zijn met feit 3 en feit 4 en dat raakt de kern van een herzieningsverzoek omdat het Wetboek van Strafvordering herziening van een vonnis voorschrijft als zich na een uitspraak nieuwe feiten voordoen die kunnen leiden tot een ander vonnis. De Hoge Raad der Nederlanden maakt bovendien duidelijk onderscheid tussen feit 3 en feit 4 die het sterke vermoeden wekken dat waren zij bekend geweest ten tijde van de uitspraak dit tot een andere uitspraak zou leiden en feiten die dat vermoeden niet wekken.

Het goed recht wordt nog verder teruggedraaid. Een verzoek tot herziening kan sinds 1 oktober 2012 alleen nog door een advocaat worden ingediend, als ware het stemrecht alleen uit te oefenen door een notariële akte op te maken bij een notaris.

Achtergrondinformatie:
- LJN BZ4669
- Art. 2 Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar
- Vaststelling van het politielegitimatiebewijs
- Art. 33 Wetboek van Strafvordering
- Art. 14 lid 5 Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke rechten (1966)
- General Comment van 27 juli 2007, nummer 32, van het Mensenrechtencomité van de Verenigde Naties
- Art. 410a lid 1 Wetboek van Strafvordering
- Art. 458 lid 1 Wetboek van Strafvordering (oude versie)
- Art. 460 lid 2 Wetboek van Strafvordering (nieuwe versie)

 

Bron afbeelding: deux-chi

Naam auteur: Henk Timmer
Geschreven op: 8 juli 2013

Reageer op dit artikel
















Even geduld a.u.b.

Reacties

Cor Gutter schreef op :
Ik neem aan dat de heer Timmer met "Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar" verwees naar:
http://wetten.overheid.nl/BWBR0006589/geldigheidsdatum_23-07-2013.
Een link is voor lezers wel zo handig.

In de eerste alinea van zijn betoog - waar hij schreef "Deze ernstige ingrijpen" (ingrepen?) "op onze vrijheid en zelfbeschikking zijn zorgvuldig vastgelegd in wetten" - gaf hij overigens blijk van een ontroerende naïviteit aangaande de zorgvuldigheid waarmee 'wetgevers' op lokaal en landelijk niveau strafbepalingen vaststellen. Ik heb er herhaaldelijk op gewezen, dat die vaststelling veelal gebeurde en gebeurt zonder dat de vaststellers enig idee hadden of hebben van de omvang van de taken waarmee ze dusdoende het strafrechtsapparaat - en in het bijzonder de politie - opzadel(d)en, en van de mogelijkheden voor leden van dat apparaat om aan de daarmee aan hen gestelde eisen te voldoen; zo bijv. in http://repub.eur.nl/res/pub/30647/depenalisering_vermogensdelicten.pdf. Om van de onzekerheid die ze daarmee voor anderen dan politie-ambtenaren creë(e)r(d)en nog maar te zwijgen...
Recente proeven van wetgeving van mrs Opstelten en Teeven op het stuk van hashverkoop en prostitutie doen vermoeden dat ze zelfs de schijn van zorgvuldigheid van strafwetgeving hebben laten varen, kennelijk met de redenering dat de activiteiten van het strafrechtsapparaat binnen de ruimte die met de door hen voorgestelde wetgeving zou ontstaan voldoende zouden kunnen worden beheerst door toepassing van het "opportuniteitsbeginsel'.
rbakels schreef op :
@zecha Het is erger! U zegt "door bezuinigingen" (etc). De werkelijkheid is dat griezelige filosofen (vooral van de Leidse rechtenfaculteit) VVD-ers influisteren dat de Tweede Kamer als enige direct gekozen politiek orgaan ALLES te zeggen moet hebben. Dat miskent reeds eeuwenoude staatkundige inzichten, die inmiddels zijn uitgekristalliseerd in De Rechtsstaat. Veel VVD-ers en ook andere mensen verstaan in een rechtsstaat een overheid die normen streng handhaaft. Misverstand! Een rechtsstaat wordt gekenmerkt door de Scheiding Der Machten: een overheid met een uitvoerende, wetgevende en rechtsprekende macht die elkaar controleren.

Het is al een oude rechtsfilosofische paradox, maar ook politici moeten zich aan regels houden. Niet dat de rechter dan de baas is: het gaat erom dat de "machten" elkaar bewaken. Het inzicht dat politici et altijd het laatste woord moeten hebben hebben de Duitsers verkregen door een aantal nare "staatkundige experimenten" in de eerste helft van de vorige eeuw. Door verschrikkelijk veel schade en schande.

Dat de VVD de essentie van de rechtsstaat niet erkent is een zeer, zeer ernstig probleem. Gecombineerd met het feit dat de VVD om partijpolitieke redenen een economische politiek voert waar geen econoom een goed woord voor over heeft denk ik dat Rutte zich snel moet aanpassen, of anders maar moet vertrekken.

Ik zeg het met pijn in het hart, want als er nu verkiezingen komen gaan niet alleen alle politieke partijen failliet aan campagnekosten (behalve de PVV met haar schimmige sponsors), maar zal het land ook bijna onbestuurbaar worden. Hopelijk kan Roemer met Krol (50+) en Pechtold (66+) nog iets voor elkaar krijgen, maar anders komt Wilders toch weer in beeld.

En laat duidelijk zijn dat Wilders eigenlijk een dictatuur wil: Hij wil het land net zo inrichten als zijn "partij". Bedenk dat dictators vaak in het begin heel populair zijn: eindelijk orde en rust! Maar laten we niet vergeten dat er AFAIK nog geen dictator is geweest die op den duur niet ontspoorde. Of is Singapore de uitzondering die de regel bevestigt?
a.zecha schreef op :
Zulke zaken kunnen m.i. burgers verwachten van een rechtsstaat die de rechterlijke staatsmacht ook onder haar politieke controle krijgt door middel van bezuinigings- en andere politieke ingrepen .
In dit licht bezien loopt "de klok bij de Hoge Raad" m.i. vooruit op deze evolutie naar een politieke (totalitaire) rechtsstaat en een praktische onschendbaarheid.van bestuurs- en andere ambtenaren.
a.zecha
Frits Jansen schreef op :
In artikel 2 van de "Ambtsinstructie voor de politie (etc.)" staat dat een opsporingsambtenaar zich desgevraagd legitimeert indien hij optreedt in uniform en zelfs ongevraagd als hij optreedt in burgerkleding.

Toen een politieambtenaar in uniform mij alleen zijn "kledingnummer" wilde geven maar zich niet wilde legitimeren heb ik daar een klacht over ingediend. In eerste instantie kreeg ik ongelijk, maar in beroep gaf de onafhankelijke (=niet uit politieambtenaren bestaande) klachtencommissie van het toenmalige Korps Haaglanden gelijk.

De politie heeft duidelijk een hekel aan deze regel. Maar ik ben (in Bulgarije) wel eens tegen nep-agenten aangelopen, en dan besef je dat dit zinvolle regels zijn.

Nu geen rechtsmiddelen meer open staan ligt hier een taak voor de politiek. Er moet zorgvuldig voor gewaakt worden dat de politie geen "staat in de staat" wordt, en recente incidenten met excessief geweld en onverantwoorde beperking van de vrijheid van meningsuiting laten zien dat waakzaamheid hier bepaald niet overbodig is.

Dat het in strafzaken moeilijk of zelfs onmogelijk is in beroep te gaan is zover ik weet bedoeld als oplossing van het probleem dat nogal eens beroep en zelfs cassatie werd ingesteld om tijd te winnen om boetes te betalen. Het lijkt mij dat dit probleem beter kan worden opgelost door ook in strafzaken griffierechten te heffen, die vervolgens eventueel kwijtgescholden kunnen worden als de verdachte alsnog wordt vrijgesproken of ontslagen van rechtsvervolging, of tenminste een gegrond bevonden reden had om in beroep of cassatie te gaan. Zo gaat het ook bij belastingzaken, als ik het mij goed herinner.

Voor de rechter te verschijnen in een strafzaak is geen pretje, en de veronderstelling dat mensen te lichtvaardig beroep in cassatie instellen heeft daarom ietwat populistische trekjes. Een belangrijke overweging om niet te snel de mogelijkheid tot beroep of cassatie uit te sluiten is dat dit de rechters in lagere instanties scherp houdt. Nu kan een politierechter zich er met een Jantje van leiden van af maken, en gerust veroordelen zonder de verweren gemotiveerd te weerleggen, zoals het strafprocesrecht eist, want de verdachte heeft toch geen rechtsmiddelen. In verband daarmee zijn schriftelijke vonnissen ook niet meer altijd vereist, en wordt de mogelijkheid een zaak voor te laten komen steeds meer een farce.

Een andere principiële zaak waarin de onmogelijkheid om in beroep te gaan een ernstig gemis is (was?), is dat agenten onder druk van bonnenquota als zij moesten optreden bij verkeersongevallen een bekeuring uitschreven voor gevaarlijk rijden - waar een erg algemene bepaling over inde Wegenverkeerswet staat. Vooral voor éénzijdige ongevallen is dat voor de vermeende verdachten moeilijk te verteren, ook al legt de Officier uit dat dit een overtreding is en dus geen opzet is vereist. Als je bij ijzel van de weg raakt en je auto zwaar beschadigd raakt is het vergezocht daar een strafbaar feit in te zien omdat je onvoldoende voorzichtig was. .
Pieter schreef op :
De wettelijke basis voor de identificatie plicht van agenten zou ook een handzame verwijzing zijn. Hetzelfde geldt voor een verwijzing naar de wet waar de beperking van de beroepmogelijkheden in stratzaken is gegeven.

Verder is het verhaal enigzins eenzijdig, de motivering van de politierechter om de "schikking te handhaven" (ik ben geen strafrecht jurist, doch legt de politie rechter geen straf op?) zou ook een welkome aanvulling zijn. De verontwaardiging van de schrijver komt duidelijk naar voren, doch het verhaal zou overtuigender zijn als het objectiever was geschreven.

De (impliciete) stelling dat een burger principiele zaken altijd aan een rechter moet kunnen voorleggen deel ik overigens.
Tim schreef op :
"waren zij bekent geweest"?
En verder zou LJN ook handig zijn.

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 



Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.