Wat voor de één een museaal topstuk is, kan voor de ander een belangrijk onderdeel van de individuele of gemeenschappelijke identiteit zijn, of een (voor)ouder.

Moet de oorspronkelijke eigenaar of gemeenschap gevonden worden en het object gerepatrieerd? Of is het in sommige gevallen beter als het in een museum blijft? Hoe zijn musea aan deze werken gekomen? En wie waren en zijn de mensen die onwettig handelen in kunst, erfgoed, en menselijke resten?

In deze lezing vertelt dr. Naomi Oosterman over de illegale en onwettige handel in cultuurgoederen aan de hand van bekende voorbeelden zoals de Parthenon Marbles en de Turquoise schedel. Veel musea ontstonden in de 19e eeuw met het ideaal de schoonheden van de wereld te tonen en de superioriteit van Europeanen te bewerkstelligen. Maar hier wordt nu anders naar gekeken; objecten zijn vaak verkregen in (neo)koloniale contexten en worden teruggeëist. Maar wat als de oorspronkelijke eigenaar of gemeenschap niet kan worden gevonden? Of als het helemaal niet in handen komt van de gemeenschap aan wie het toebehoort, maar in die van een (onderdrukkende) regering? Wie is de rechtmatige eigenaar? Hoe gaat zo’n herkomstonderzoek in z’n werk? En hoe ziet de illegale handel in cultuurgoederen er vandaag de dag uit?