Kleine herstellingen voor rekening huurder

Besluit van 8-4-2003, Stb. 2003, 168

Besluit, houdende aanwijzing van herstellingen die moeten worden aangemerkt als kleine herstellingen als bedoeld in artikel 240 van boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Krachtens artikel 217 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek komen kleine herstellingen voor rekening van de huurder. Het gaat daarbij om herstellingen die nodig plegen te zijn als gevolg van wat zich gewoonlijk bij normaal gebruik van de woonruimte door de huurder voordoet. Anders dan het voorheen geldende artikel 1619 van boek 7A van het BW bevat artikel 217 geen uitzondering voor het geval dat de kleine herstellingen nodig zijn geworden door 'overmacht'. Wel bestaat uiteraard een uitzondering voor het geval de kleine herstelling een gevolg is van een gebrek dat de verhuurder niet tijdig opheft. Deze kleine herstelling komt voor rekening van de verhuurder. Artikel 217 wordt nader uitgewerkt in artikel 240 van Boek 7 van het BW, waaraan dit besluit uitvoering geeft. Krachtens laatstgenoemd artikel kunnen bij algemene maatregel van bestuur herstellingen worden aangewezen die als kleine herstellingen moeten worden aangemerkt, die krachtens artikel 217 voor rekening van de huurder komen. Er is in een bijlage bij het besluit een niet-limitatieve opsomming opgenomen zodat ook andere herstellingen die nodig plegen te zijn als gevolg van wat zich gewoonlijk bij normaal gebruik van woonruimte door de huurder voordoet, voor rekening van de huurder kunnen komen.

Inwerkingtreding op een bij kb te bepalen tijdstip.

Inwerkingtredingsbesluit van 2-6-2003, Stb. 2003, 230

Inwerkingtreding

Met ingang van 1 augustus 2003 treden de volgende wetten, besluiten en artikelen van een besluit in werking:

1. de wet van 21 nov. 2002 tot vaststelling van titel 7.4 (Huur) van het Burgerlijk Wetboek (Stb. 587);

2. de wet van 21 nov. 2002 tot vaststelling van afdeling 7.4.6 van het Burgerlijk Wetboek (huur van bedrijfsruimte) (Stb. 588);

3. de Invoeringswet titel 7.4 (Huur) van het Burgerlijk Wetboek en de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte;

4. het Besluit kleine herstellingen (Stb. 2003, 168);

5. de artikelen I, II, III, V en VII t/m X van het besluit van 8 april 2003 tot wijziging van enkel algemene maatregelen van bestuur in verband met de invoering van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte (aanpassing verwijzingen, vaststelling liberalisatiegrens, en vastleggen berekeningswijze verouderingsaftrek( (Stb. 169);

6. het Besluit servicekosten (Stb. 2003, 170);

De nieuwe wetgeving vernieuwt de regeling van de huurovereenkomst in het algemeen, van de huur en van de huur van bedrijfsruimte. Overbodige regels zijn geschrapt. Verder is er veel aandacht besteed aan een duidelijke indeling die ook voor toekomstige wetgeving een kader biedt. Verdere vernieuwingen in het huurrecht kunnen straks op eenvoudige wijze worden opgenomen. Wat betreft de huur van woonruimte is de operatie er op gericht de huidige regeling in de verschillende artikelen in het Burgerlijk Wetboek, de Huurprijzenwet Woonruimte en de Wet op de Huurcommissies te integreren en mede met behulp van algemene regels tot een eenvoudiger, overzichtelijker en evenwichtiger stelsel te komen. De privaatrechtelijke bepalingen inzake huur in het algemeen, en de huur van woonruimte en bedrijfsruimte worden opgenomen in titel 7.4 BW.

Belangrijk geregelde onderwerpen zijn: de gebrekenregeling die er bij woonruimte op gericht is de staat van huurwoningen op een behoorlijk peil te houden; het stimuleren van zelfwerkzaamheid van de huurder en de gedoogplicht van de huurder teneinde renovatie door de verhuurder te vergemakkelijken. Tijdens de behandeling in de Eerste Kamer bleek dat de wetsvoorstellen op enkele punten door de ontwikkelingen zijn ingehaald. De ministers van Justitie en VROM hebben op 6 december jl. een novelle ingediend die nog aanhangig is (TK. 28 721). In het oorspronkelijke wetsvoorstel was dwingendrechtelijk bepaald dat onderhuur van kamers door de huurder niet verboden mocht worden door de verhuurder. In de wijziging krijgt de verhuurder de mogelijkheid om dit toch contractueel uit te sluiten. Een andere wijziging betreft veranderingen aan buitenzijde van woonruimte. Daarvoor is toestemming nodig van de verhuurder.

Tegelijk met de bovengenoemde wetten en besluiten treden op 1 aug. 2003 in werking de Uivoeringswet huurprijzen woonruimte en de wet van 22 mei 2003 tot wijziging van de artikelen 215 en 244 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (zelfwerkzaamheid aan de buitenzijde van gehuurde woonruimte en onderhuur van een gedeelte van de verhuurde woonruimte) (Stb. 219) op grond van resp. artikel 55 en artikel IV van laatstgenoemde wetten.

NJB Vlog

NJB Vlog is onlangs van start gegaan op njb.nl en You Tube. In korte interviews geven auteurs een toelichting op hun artikel en motivatie waarom ze in de pen klommen. 

Afbeelding

Marc Wever en Bert Marseille over hun artikel Winstkans, finaliteit en snelheid in het bestuursrechtelijke hoger beroep revisited. Intrigerend, voorspelbaar en teleurstellend.




Lees en doorzoek het NJB online in Navigator

Inloggen

Agenda

Afbeelding

Ontmoet vakgenoten en bespreek actuele onderwerpen in de LinkedIn-groep van het Nederlands Juristenblad.

 

 

U maakt gebruik van een verouderde browser

Het gebruik van een verouderde browser maakt uw computer onveilig en tevens ongeschikt voor het optimaal raadplegen van deze website.

De website van het NJB - Nederlands Juristenblad is namelijk geoptimaliseerd voor een nieuwere versie van uw browser.
In de meeste gevallen waarin het fout gaat, betreft dit het gebruik van de Internet Explorer browserversie 7 of 8.
Deze website is geoptimaliseerd voor Internet Explorer 9 en hoger, Google Chrome, Safari en Firefox.

Bekijk hier of er een nieuwere versie van uw browser beschikbaar is.